Honderd keer bukken voor één euro

Sharon DijksmaBetreurenswaardig alternatief voor statiegeld

Geachte mevrouw Dijksma, beste Sharon,

Graag feliciteert de Plastic Soup Foundation u met de benoeming van staatssecretaris van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. We zien in u een medestander in de strijd tegen plastic soep en zwerfvuil op straat. Aan het einde van de Global Oceans Action Summit 2014, die u voorzat, sprak u immers de behartigenswaardige woorden dat er onorthodoxe maatregelen nodig zijn om de verdere vervuiling van de oceanen te voorkomen.

Nu komt u op een ministerie waar u daad bij woord kunt voegen. U erft onder andere het dossier statiegeld. Nederland is het enige land ter wereld waar gesproken wordt over afschaffing van statiegeld op de grote PET-fles, terwijl driekwart van de bevolking zich juist uitspreekt voor uitbreiding van statiegeld op kleine halve liter flesjes en blikjes.

Het verpakkende bedrijfsleven zet alle mogelijke middelen in om dit te voorkomen en die lobby is uiterst machtig. Gelukkig voorkwam uw voorganger Mansveld afgelopen zomer dat statiegeld op grote PET-flessen werd afgeschaft. Al werd ook besloten voorlopig nog geen statiegeld in te voeren op kleine flesjes en blikjes. Een alternatief, voorgesteld door het Tweede Kamerlid Yasemin Çegerek (PvdA), zou in plaats daarvan ervoor moeten zorgen dat er dankzij een financiële prikkel in de vorm van retourpremies, minder zwerfvuil op straat blijft liggen en er meer grondstoffen voor recycling beschikbaar komen.

Even, heel even maar, was er hoop op uitzicht in dit jarenlang slepende en uitzichtloze debat toen de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), het Afvalfonds Verpakkingen en Natuur&Milieu hierop een eigen initiatief aankondigden om een alternatief uit te werken. Dat plan is nu gepresenteerd. Het zet in op het belonen van ingeleverde verpakkingen. Het plan, dat “Nieuwe Beloningssystemen” heet, is echter nogal uitgehold en schuift de discussie over statiegeld in één pennenstreek meteen drie jaar vooruit.

Voorgesteld wordt namelijk om tot 2018 in minimaal 40 gemeenten pilots te beginnen om te zien welke experimenten met belonen de beste resultaten voor vermindering van zwerfvuil opleveren.

Graag zetten we voor u enkele bezwaren op een rij tegen dit plan:
1. Het voornaamste bezwaar is wel de hoogte van de voorgestelde retourpremie. Die beloning moet betaald worden uit “de bestaande vergoedingssystematiek”. Een eenvoudige berekening leert dat een enkel flesje of blikje nauwelijks meer dan één cent oplevert. Wie is zo gek om bijna honderd keer te bukken voor één euro? Natuur&Milieu heeft het plan mede ondertekend. Het is daarom des te vreemder dat de organisatie zich tegelijkertijd uitspreekt tegen de beoogde hoogte van de vergoeding: “Eén of twee cent is te weinig (…) een goede prikkel zit meer tussen vier of vijf cent”, aldus Natuur&Milieu voorman Sijas Akkerman in de meest recente uitgave van Update, het donateursblad van de stichting.
Uit het plan zelf blijkt verder klip en klaar, dat het Afvalfonds geen cent extra wil uitgeven om ervoor te zorgen dat van een werkelijke financiële prikkel sprake is.

2. En dan: het gaat om een gevoelig dossier waar de Tweede Kamer zich graag over uit wil spreken. Maar nog vóór uw voorganger het plan “Nieuwe Beloningssystemen” naar de Tweede Kamer kon sturen, was het voor gemeenten via de website van de VNG al mogelijk om pilots aan te melden. Dat hiermee feitelijk een loopje met het parlement wordt genomen, blijkt ook het negeren van een motie die de Tweede Kamer aannam. Voor een dergelijk plan is namelijk vooraf een wetenschappelijk verantwoorde bepaling van het onderzoekskader en een goede nulmeting nodig. De Kamer wenst een goedkeuringsverklaring door een onafhankelijke organisatie.

Nu wordt in onderliggend plan wel veel geschreven over monitoring, maar de wijze waarop dat geschiedt is uiterst dubieus en gestoeld op ‘schoonbeleving’; de subjectieve meetmethode die Nederland Schoon hanteert. In plaats daarvan zou je gewoon moeten vastleggen wat je vóór en ná elke pilot op straat aan zwerfvuil aantreft. Geloof me als ik u nu al zeg, dat in de voorgestelde opzet de hamvraag nooit beantwoord kan worden. Dat is immers de vraag of bepaalde pilots zwerfvuil beter voorkomen dan invoering op statiegeld op kleine flesjes en blikjes zou doen, zoals in buurland Duitsland al gebeurt en nu serieus overwogen wordt in België. Uitbreiding van statiegeld als alternatief is sowieso zorgvuldig buiten beeld gehouden.

3. Tenslotte: het is de bedoeling dat het zwerfvuil wordt aangepakt en dus zullen ook uit sloten geviste flesjes en blikjes worden ingeleverd. Daardoor vervuilen de retourstromen en mag het ingeleverde materiaal niet opnieuw worden gebruikt voor voedselverpakkingen. Een PET-fles die via een statiegeldsysteem in de supermarkt wordt ingeleverd, mag opnieuw worden gebruikt voor het vervaardigen van nieuwe PET-flessen, maar een PET-flesje uit de sloot niet. Het uitgesproken ideaal van een “zo hoogwaardig mogelijke wijze van hergebruik” kan via het voorgestelde beloningssysteem absoluut niet worden verwezenlijkt.

Mevrouw Dijksma, u erft een dossier waarin bedrijfsbelangen al jarenlang sterker wegen dan milieubelangen. In de strijd tegen plastic soep is een statiegeldsysteem voor grote en kleine PET-flessen en blik een relatief gemakkelijk in te voeren maatregel. Met het plan “Nieuwe Beloningssystemen” wordt dit wenselijke besluit alleen maar uitgesteld. Doordat er geen extra geld ter beschikking wordt gesteld voor een reële financiële prikkel, schiet het zijn doel geheel voorbij.

Ook met alle andere dossiers wensen wij u uiteraard veel succes.

Mocht u vragen hebben, welke vraag dan ook, dan houd ik mij graag beschikbaar.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation