,

De (on)schuld van plastic

Op een stormachtige oktoberdag kwamen plasticdeskundigen uit de hele wereld naar Amsterdam. Ze hadden het over de vraag hoe slecht plastic voor onze gezondheid is. Zoals het wetenschappers betaamt, hielden ze zich nauwlettend bij de feiten.

De wetenschappers stelden bijvoorbeeld vast dat in veel plastic producten kankerverwekkende weekmakers zitten. Ook hebben ze kunnen meten dat we continu plastic microvezels inademen en dat die vezels waarschijnlijk in onze longen belanden, met weekmakers en al. Of dát ook kanker kan veroorzaken, konden ze niet met zekerheid stellen. Dat is nog niet aangetoond.

Ze lieten zien hoe menselijke immuun-cellen op een laboratoriumschaaltje helemaal van slag raken als ze er een flinke dosis kleine plastic deeltjes bij gieten: de immuun-cellen proberen die deeltjes in te kapselen, alsof het ziekteverwerkers zijn, maar leggen vervolgens zelf het loodje. Ook nu lieten de wetenschappers zich niet tot snelle conclusies verleiden: een mensenlijf van vlees en bloed is nog wat anders dan een laboratoriumschaaltje.

Er waren schokkende beelden van kinderen in verre landen die dag in dag uit op smeulende vuilnisbelten ronddolen, in giftige dampen van verbrand plastic, maar het ontbrak aan getallen over hoeveel kinderen daar ziek van worden en of dat door die dampen komt.

Hoewel de meeste wetenschappers geen oordeel wilden vellen, stapelden de verdenkingen over kwalijke  gedragingen van plastic zich in de loop van de dag op. In gedachten zag ik hoe Plastic geboeid de rechtbank werd binnengeleid, door een haag van luid protesterende voor- en tegenstanders. Na een ellenlange zitting, waarin aanklager en verdediging een overdaad aan feiten en fake in de strijd gooiden, las de rechter de uitspraak voor. Wie in Nederland verdacht wordt van een slechte daad, blijft onschuldig tot het tegendeel bewezen is, zo begon zij haar verklaring.

Gelukkig maar, dacht ik, ik moet er niet aan denken dat ik onverdiend in het cachot beland, of mijn vader, zus, vriend of buurvrouw. Liever neem ik het risico dat echte slechteriken soms op vrije voeten blijven bij gebrek aan waterdicht bewijs.

Maar plastic is geen mens, realiseerde ik me met een schok toen de rechter haar uitspraak met een ferme hamerslag bekrachtigde.

Wetenschappers mogen – nee, moeten – nog twijfelen over de onschuld van plastic, maar voor politici ligt dat anders. Zij kunnen – nee, ze moéten – afwegen wat erger is: dat plastic misschien onterecht in de ban wordt gedaan (wat groot ongemak geeft) of dat de bevolking misschien wordt blootgesteld aan ernstige gezondheidsgevaren (wat grote narigheid geeft)?

Makkelijk is zo’n oordeel niet. Plastic is hygiënisch, licht van gewicht, CO2-vriendelijk te produceren en ook nog eens ontzettend goedkoop. Geen wonder dat het niet meer weg te denken is uit onze huizen, auto’s, kleding en koelkast. En juist daarom zijn de mogelijke gezondheidsrisico’s zo zorgelijk.

Terwijl ik aan het eind van die stormachtige oktoberdag naar huis fietste, kwam ik tot een uitspraak: er zijn te veel twijfels over de onschuld van plastic om het vrijuit te laten gaan. Liever zie ik dat we plastic nu uit voorzorg uit ons leven verdrijven, al is er een heel kleine kans dat wetenschappers over een jaar of twintig alsnog de onschuld van plastic bewijzen. Ik moet er niet aan denken dat ik, of mijn vader, zus, vriend en buurvrouw en alle kinderen en hun kinderen in verre en nabije landen, nare ziektes van plastic krijgen, terwijl we met alle voorzichtige aanwijzingen van wetenschappers nu al weten dat plastic misschien wel een echte slechterik is.

 

Renske Postma

Foto: Jeroen Gosse

 

Plastic Health Summit 2019 VIDEO’S

Klik hier voor alle presentaties!

Tijdens de allereerste Plastic Health Summit hebben we een groot aantal vooraanstaande wetenschappers, beleidsmakers, influencers en innovators samengebracht, verenigd door één gemeenschappelijk doel: het zoeken naar antwoorden op vragen die nog niet zijn gesteld, antwoorden die het verschil kunnen maken voor onze kinderen in de nabije toekomst.

36 sprekers van 14 verschillende nationaliteiten

In totaal hebben 36 sprekers van 14 verschillende nationaliteiten de hele dag door hun ervaring en kennis gedeeld. Met het evenement hebben we door online media meer dan 244 miljoen mensen over de hele wereld bereikt en meer dan 8 miljoen mensen via social media.

Bekijk het hier terug!

Kon je het evenement niet bij wonen? Hieronder vind je de aftermovie!
Daarnaast zijn alle presentaties hier te bekijken.

 

, ,

Betere recycling synthetische matrassen is halfbakken oplossing

Amsterdam, 21 augustus 2019 – In Nederland worden jaarlijks 1,2 miljoen matrassen als grof huishoudelijk vuil aan de kant van de weg gezet. Twee derde daarvan, een paar honderd miljoen kilo, wordt verbrand. Bijna al die matrassen bestaan uit synthetische materialen. Als er medio 2019 geen betekenisvolle stappen zijn gezet door de sector om deze afvalberg tegen te gaan, komt het kabinet met wettelijke maatregelen in de vorm van een verplichte producentenverantwoordelijkheid. De sector kiest massaal voor recycling. Dat is echter een halfbakken oplossing. De echte oplossing is de plasticvrije matras.  

Recycling-initiatieven

Zo’n 15% van de matrassen wordt nu uit elkaar gehaald en verwerkt, de rest wordt verbrand. De matrassenbranche heeft zich tot doel gesteld om het percentage verwerkte matrassen te verhogen. Er zijn al diverse recyclinginitiatieven van de grond gekomen. Auping en DSM-Niaga ontwikkelden een circulair matras. Onderdelen van die matras zijn eenvoudig te scheiden en kunnen vervolgens gebruikt worden in nieuwe matrassen. Ikea investeert met afvalverwerker Renewi in het recyclen van matrassen. RetourMatras recyclet matrassen en hergebruikt meer dan 90% van de materialen. Matras Recycling Europe haalt bij gemeenten afgedankte matrassen op. Deze worden eerst op verzamelkarren gelegd en vervolgens naar een verwerkingslijn worden gebracht.

Schadelijke stoffen

In synthetische matrassen zitten schadelijke stoffen die tijdens het recyclingproces niet verwijderd kunnen worden. Stoffen als vlamvertragers en weekmakers worden verantwoordelijk gehouden voor een reeks van ziektes. Om die reden wees de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 2018 op gezondheidsrisico’s van de circulaire economie. De Nederlandse stichting Wemos pleitte in het vorig jaar gepresenteerde Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie voor een schone circulaire economie. Het dringende advies is om schadelijke stoffen al in de ontwerpfase te vermijden. Bij synthetische matrassen is die oplossing echter een illusie. Zo worden brandvertragers met opzet toegevoegd, omdat kunststoffen van zichzelf bijzonder brandbaar zijn.

Uitvoeringsprogramma

Het kabinet wil dat in 2030 het gebruik van grondstoffen gehalveerd is om uiteindelijk een economie zonder afval te realiseren. Een van de ‘icoonprojecten’ in het kader van het Uitvoeringsprogramma circulaire economie is beter hergebruik en ontwerp van matrassen. Dit project zet in op recyclen van afgedankte matrassen (95% in 2025) en het duurzamer ontwerpen, opdat in 2025 75% van de nieuwe matrassen gemakkelijker uit elkaar te halen zijn om de materialen opnieuw te gebruiken. Maar wie een matras circulair ontwerpt moet rekening houden met de schadelijke stoffen. En juist daarover zwijgt het project.

De echte circulaire matras bestaat allang

Het kabinet streeft ernaar dat significant minder matrassen worden verbrand, dat een veel groter aandeel van de afgedankte matrassen wordt gerecycled, en dat er meer matrassen circulair ontworpen worden. Circulair ontwerpen wordt echter niet gedefinieerd. Er wordt vooral modulair ontwerpen mee bedoeld, zodat een afgedankte matras gemakkelijk uit elkaar kan worden gehaald voor bruikbare onderdelen. Over de echt circulaire matras rept het icoonproject met geen woord. Die matras bestaat gewoon, is plasticvrij en dus gevrijwaard van schadelijke stoffen. Deze circulaire matras bestaat uitsluitend uit prima te recyclen organische materialen.

Babymatrassen

Vooral de vraag naar organische babymatrassen is de laatste jaren toegenomen. Baby’s en kleine kinderen zijn extra kwetsbaar voor de schadelijke stoffen in synthetische matrassen. Zij slapen veel en liggen met hun gezichtje direct op de matras. Het ambachtelijke bedrijf Lavital produceert matrassen voor volwassenen die geheel uit natuurlijke grondstoffen bestaan, en nu ook  matrassen voor kinderbedjes.

Lavital is business angel van de Plastic Soup Foundation (PSF) geworden. Van de opbrengst van verkochte baby matrassen type Moonshine schenkt het bedrijf 25% aan de PSF.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het is van groot belang dat bedrijven als Lavital laten zien dat je niet op plastic met schadelijke toevoegingen hoeft te slapen. Vooral baby’s verdienen het een goede start te maken. We zijn supertrots dat Lavital business angel van ons geworden is.’


Lees ook – Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie.

Lees ook – Weekmakers in plastic vertragen taalontwikkeling baby’s.

 

De eerste Plastic Health Summit ter wereld

We eten, drinken en ademen microplastics. Maakt dat ons ziek? Deze vraag staat centraal tijdens de eerste Plastic Health Summit ter wereld. Op 3 oktober 2019 organiseren Plastic Soup Foundation en ZonMw, in samenwerking met de Plastic Health Coalition, dé conferentie over de menselijke gezondheidseffecten van plastic. Op deze dag worden de eerste tussenresultaten van 15 baanbrekende Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken bekend gemaakt.

Ook wordt nieuw bewijsmateriaal van de gezondheidsgevolgen van – bijvoorbeeld – BPA, PFAS, ftalaten en andere chemische plastic additieven in ons dagelijks leven bekend gemaakt. We slaan bruggen tussen de verschillende spelers, zoals de industrie, politiek en wetenschap, om gezamenlijk oplossingen te bedenken en concrete samenwerkingsverbanden op touw te zetten.

Voor deze conferentie in Amsterdam geldt een ‘Invite Only’. Vind jij het belangrijk om bij dit internationale prestigieuze event te zijn? Vertel ons waarom in een mail aan rsvp@plasticsoupfoundation.org.

, ,

Gevoelige feiten over plastic

Luister naar je gevoel. Het is het mantra van deze tijd. Maar mijn gevoel heeft het niet altijd bij het rechte eind, het zit er soms zelfs faliekant naast. Sterker nog, mijn gevoel heeft de onhebbelijke neiging zand in mijn ogen te strooien. Het verleidt me domme dingen te doen en daar nog een overtuigend verkooppraatje bij te verzinnen ook. Ik trap er maar al te gemakkelijk in.

Zo was ik verrukt toen ik na een lange zoekactie een heel verantwoord wollen fleecevest afrekende, helemaal plasticvrij. “Je hebt een geweldige slag voor het milieu geslagen”, jubelde mijn gevoel, terwijl ik op weg naar huis nog net voor sluitingstijd door een supermarkt holde en een in plastic gewikkelde komkommer greep. “Stel dat je een gewone fleece had gekocht, dan had je miljoenen plastic microvezels de lucht in geslingerd.”

Dat klopt, maar wat het gevoel er niet bij vertelde, was dat ik helemaal geen vest nodig had en dat wollen ding louter gekocht had om iets verantwoords te doen. Van milieubesparing was dus geen sprake. Ik had het milieu een grotere dienst bewezen als ik naar een winkel was gefietst met plasticvrije komkommers.

Alle kleine beetjes helpen, kletste mijn gevoel toen ik licht begon te twijfelen aan mijn goede daad. Het weerwoord borrelde pas op toen ik de volgend dag het zand uit mijn ogen wreef: het plasticprobleem gaat niet om kleine beetjes, maar over onvoorstelbaar grote hoeveelheden. Tussen de 8 en 12 miljard kilo plastic komt er jaarlijks in het milieu terecht.

Als we daar echt iets aan willen doen, moeten we vooral de grote vervuilers aanpakken. Dat kunnen we niet aan ons gemakzuchtige gevoel overlaten. Het gaat om feiten: wat zijn de grote bronnen? Wat is de top 10 van het plastic zwerfafval? Welke drankflessen, welke supermarkttassen, hoeveel sigarettenfilters? Als we weten waar het meeste zwerfplastic vandaan komt, kunnen we die bronnen efficiënt aanpakken.

Dat is precies het doel van de World Cleanup Day. Op 21 september gaan in meer dan 160 landen mensen de straat op om plastic zwerfvuil te spotten en op te ruimen. Met de app Litterati gaat dat heel gemakkelijk: je maakt een foto van ieder stukje zwerfafval dat je tegenkomt en hangt er tags met kenmerken aan. Thuis uploaden en klaar is kees. En dat afval natuurlijk meteen de prullenbak in.

Al die gegevens komen in een wereldwijde zwerfafval-database. Organisaties als de Plastic Soup Foundation gaan vervolgens met de grootste vervuilers in gesprek, bijvoorbeeld de supermarkten waarvan de meeste plastic tassen gevonden worden. Dan gaat er echt iets gebeuren.

Ik zet 21 september met uitroeptekens in mijn agenda en download Litterati alvast op mijn telefoon. Mijn gevoel jubelt dat dat hartstikke goed is. Ik glimlach en laat het maar even begaan.

Renske Postma

(foto: Jeroen Gosse)

, ,

We eten, drinken en ademen meer dan 100.000 microplastics per jaar

Amsterdam, 27 juni 2019 – Dat we dagelijks microplastics eten, drinken en ademen is al enige tijd bekend. Maar om hoeveel microplastics het gaat, was nog onduidelijk. Onderzoekers van de Universiteit van Victoria in Canada hebben nu onderzocht hoeveel microplastics een gemiddelde Amerikaanse burger jaarlijks binnenkrijgt. Ook voor Amerikaanse kinderen werd een schatting gemaakt.

Schattingen                                                                                                            

De onderzoekers hebben op basis van eerder gepubliceerde gegevens over microplastics in drank- en voedselwaren en in de lucht schattingen over de minimale inname gemaakt. Een volwassen man in Amerika krijgt de meeste plastic deeltjes binnen, zo’n 121.000 microplastics per jaar. Voor vrouwen is dat 98.000 deeltjes. De grootste bronnen van microplastics bleken gebotteld water, vis en schaaldieren te zijn. In gebotteld water zitten maar liefst 94 deeltjes microplastic per liter, ten opzichte van 4 deeltjes per liter in kraanwater. Kinderen krijgen naar schatting jaarlijks tussen de 74.000 en 81.000 plastic deeltjes binnen.

Grove onderschatting

De beschikbare gegevens zijn echter verre van compleet. Zo zijn er geen gegevens beschikbaar over de hoeveelheid microplastics in kip, rundvlees, graan en groenten. De voedsel- en drankgroepen die zijn meegenomen in dit onderzoek vormen daardoor slechts 15% van de calorie-inname van de gemiddelde Amerikaan. Om deze reden zijn de gepresenteerde getallen volgens de onderzoekers waarschijnlijk een grove onderschatting van de daadwerkelijke blootstelling. Ze adviseren onderzoek naar andere voedselgroepen om een completer beeld te krijgen.

Campagne WWF

Het Wereldnatuurfonds (WWF) startte onlangs een nieuwe campagne. We zouden vijf gram microplastics per week binnenkrijgen, vergelijkbaar met het gewicht van een creditcard. Deze vijf gram is gebaseerd op een inname via eten en drinken van circa 2000 deeltjes per week, waarvan 90% via gebotteld water. Het Canadese onderzoek komt ook uit rond de 2000 deeltjes per week, maar dat is inclusief de deeltjes die we inademen. Inname via de lucht is door de WWF buiten beschouwing gelaten.

Kennislacune gevolgen gezondheid

Het lijkt echter niet zinvol om het gewicht van de inname te benadrukken. Vermoed wordt dat de schadelijkste deeltjes namelijk het minst wegen. Dit gegeven wordt ook door de Canadese onderzoekers benadrukt. De kleinere, en dus lichtere deeltjes, kunnen mogelijk de darm- en long barrière passeren en zich door de rest van ons lichaam verspreiden. Het is echter onbekend in welke mate we deze deeltjes binnenkrijgen, aangezien deze zo klein zijn dat ze met de huidige meetmethoden niet gedetecteerd kunnen worden.

De Plastic Soup Foundation vindt het zorgwekkend dat er nog zo weinig onderzoek is gedaan naar de gezondheidsgevolgen van micro- en nanoplastics en wil weten of we er ziek van worden. Doel van de Plastic Health Coalition, een een door de Plastic Soup Foundation geïnitieerd samenwerkingsverband tussen wetenschappers en milieuorganisaties, is om die vraag te beantwoorden.


Lees ook – Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht.
Lees ook – Gezondheidsraad: “Voorkom gezondheidsrisico’s door micro- en nanoplastics”