,

WHO wil meer onderzoek naar gezondheidseffecten microplastics

Amsterdam, 22 augustus 2019 – De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft voor het eerst een rapport uitgebracht over het potentiële gevaar van microplastics in leidingwater en flessenwater. De VN-organisatie oordeelt dat plasticdeeltjes in drinkwater op dit moment geen probleem lijken te zijn, maar omdat er nog nauwelijks onderzoek is gedaan naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam, bepleit ze meer onderzoek. De WHO wordt op haar wenken bediend: op 3 oktober van dit jaar organiseren Plastic Soup Foundation en ZonMw, in samenwerking met de Plastic Health Coalition, de eerste resultaten naar gezondheidseffecten van microplastics op het menselijk lichaam.

Beperkt risico voor drinkwater

Het WHO-rapport Microplastics in drinking-water kijkt naar één manier waarop microplastics in het menselijk lichaam kunnen komen, namelijk via het drinken van leidingwater of gebotteld water. Tijdens het proces om drinkwater te maken worden, in landen als het onze, de meeste microplastics verwijderd. De mogelijke risico’s van de resterende deeltjes betreffen het effect van fysieke schade in het lichaam, chemische stoffen en ziekteverwekkende micro-organismen die zich aan plastic hechten. Gezien de lage concentraties in behandeld drinkwater is het gezondheidsrisico volgens het rapport laag in relatie tot andere oorzaken van ziektes.

Mitsen en maren

Het rapport wijst erop dat meer dan twee miljard mensen geen toegang hebben tot veilig drinkwater. Die mensen worden mogelijk blootgesteld aan veel hogere concentraties. Een ander probleem is wat er gebeurt met de microplastics die tijdens het maken van drinkwater worden verwijderd. De WHO stelt in het rapport dat informatie over toxiciteit van nanodeeltjes ontbreekt. Juist die ultrakleine deeltjes vormen een potentieel gevaar omdat ze overal in het lichaam kunnen komen. Het rapport stelt dat er nog nauwelijks onderzoek naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam is uitgevoerd. Dit soort onderzoek heeft daarom hoge prioriteit.

Onderzoeken ZonMw

Op 3 oktober, tijdens de Plastic Health Summit, worden de eerste tussenresultaten gepresenteerd van vijftien Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken naar de gevolgen van het eten, drinken en inademen van microplastics op het menselijk lichaam. De WHO wordt op haar wenken bediend. Wat vandaag nog een kennislacune is, is morgen wetenschap.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het WHO-rapport is samengesteld op basis van literatuur, maar niet op basis van echt onderzoek naar effecten van microplastics op ons lichaam. We laten op 3 oktober voor het eerst aan de wereld zien wat die mogelijke effecten zijn. Pas als we meer weten, kunnen we de conclusie trekken of onze gezondheid in gevaar is, of niet.’

Foto: Omslag WHO-rapport.


Lees ook: WHO roept op tot meer onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics 

, ,

Betere recycling synthetische matrassen is halfbakken oplossing

Amsterdam, 21 augustus 2019 – In Nederland worden jaarlijks 1,2 miljoen matrassen als grof huishoudelijk vuil aan de kant van de weg gezet. Twee derde daarvan, een paar honderd miljoen kilo, wordt verbrand. Bijna al die matrassen bestaan uit synthetische materialen. Als er medio 2019 geen betekenisvolle stappen zijn gezet door de sector om deze afvalberg tegen te gaan, komt het kabinet met wettelijke maatregelen in de vorm van een verplichte producentenverantwoordelijkheid. De sector kiest massaal voor recycling. Dat is echter een halfbakken oplossing. De echte oplossing is de plasticvrije matras.  

Recycling-initiatieven

Zo’n 15% van de matrassen wordt nu uit elkaar gehaald en verwerkt, de rest wordt verbrand. De matrassenbranche heeft zich tot doel gesteld om het percentage verwerkte matrassen te verhogen. Er zijn al diverse recyclinginitiatieven van de grond gekomen. Auping en DSM-Niaga ontwikkelden een circulair matras. Onderdelen van die matras zijn eenvoudig te scheiden en kunnen vervolgens gebruikt worden in nieuwe matrassen. Ikea investeert met afvalverwerker Renewi in het recyclen van matrassen. RetourMatras recyclet matrassen en hergebruikt meer dan 90% van de materialen. Matras Recycling Europe haalt bij gemeenten afgedankte matrassen op. Deze worden eerst op verzamelkarren gelegd en vervolgens naar een verwerkingslijn worden gebracht.

Schadelijke stoffen

In synthetische matrassen zitten schadelijke stoffen die tijdens het recyclingproces niet verwijderd kunnen worden. Stoffen als vlamvertragers en weekmakers worden verantwoordelijk gehouden voor een reeks van ziektes. Om die reden wees de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 2018 op gezondheidsrisico’s van de circulaire economie. De Nederlandse stichting Wemos pleitte in het vorig jaar gepresenteerde Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie voor een schone circulaire economie. Het dringende advies is om schadelijke stoffen al in de ontwerpfase te vermijden. Bij synthetische matrassen is die oplossing echter een illusie. Zo worden brandvertragers met opzet toegevoegd, omdat kunststoffen van zichzelf bijzonder brandbaar zijn.

Uitvoeringsprogramma

Het kabinet wil dat in 2030 het gebruik van grondstoffen gehalveerd is om uiteindelijk een economie zonder afval te realiseren. Een van de ‘icoonprojecten’ in het kader van het Uitvoeringsprogramma circulaire economie is beter hergebruik en ontwerp van matrassen. Dit project zet in op recyclen van afgedankte matrassen (95% in 2025) en het duurzamer ontwerpen, opdat in 2025 75% van de nieuwe matrassen gemakkelijker uit elkaar te halen zijn om de materialen opnieuw te gebruiken. Maar wie een matras circulair ontwerpt moet rekening houden met de schadelijke stoffen. En juist daarover zwijgt het project.

De echte circulaire matras bestaat allang

Het kabinet streeft ernaar dat significant minder matrassen worden verbrand, dat een veel groter aandeel van de afgedankte matrassen wordt gerecycled, en dat er meer matrassen circulair ontworpen worden. Circulair ontwerpen wordt echter niet gedefinieerd. Er wordt vooral modulair ontwerpen mee bedoeld, zodat een afgedankte matras gemakkelijk uit elkaar kan worden gehaald voor bruikbare onderdelen. Over de echt circulaire matras rept het icoonproject met geen woord. Die matras bestaat gewoon, is plasticvrij en dus gevrijwaard van schadelijke stoffen. Deze circulaire matras bestaat uitsluitend uit prima te recyclen organische materialen.

Babymatrassen

Vooral de vraag naar organische babymatrassen is de laatste jaren toegenomen. Baby’s en kleine kinderen zijn extra kwetsbaar voor de schadelijke stoffen in synthetische matrassen. Zij slapen veel en liggen met hun gezichtje direct op de matras. Het ambachtelijke bedrijf Lavital produceert matrassen voor volwassenen die geheel uit natuurlijke grondstoffen bestaan, en nu ook  matrassen voor kinderbedjes.

Lavital is business angel van de Plastic Soup Foundation (PSF) geworden. Een deel van de opbrengst van verkochte kindermatrassen schenkt het bedrijf aan de PSF (vul bij de bestelling van het babymatrasje de code ‘PSF’ in).

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het is van groot belang dat bedrijven als Lavital laten zien dat je niet op plastic met schadelijke toevoegingen hoeft te slapen. Vooral baby’s verdienen het een goede start te maken. We zijn supertrots dat Lavital business angel van ons geworden is.’


Lees ook – Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie.

Lees ook – Weekmakers in plastic vertragen taalontwikkeling baby’s.

 

, ,

We eten, drinken en ademen meer dan 100.000 microplastics per jaar

Amsterdam, 27 juni 2019 – Dat we dagelijks microplastics eten, drinken en ademen is al enige tijd bekend. Maar om hoeveel microplastics het gaat, was nog onduidelijk. Onderzoekers van de Universiteit van Victoria in Canada hebben nu onderzocht hoeveel microplastics een gemiddelde Amerikaanse burger jaarlijks binnenkrijgt. Ook voor Amerikaanse kinderen werd een schatting gemaakt.

Schattingen                                                                                                            

De onderzoekers hebben op basis van eerder gepubliceerde gegevens over microplastics in drank- en voedselwaren en in de lucht schattingen over de minimale inname gemaakt. Een volwassen man in Amerika krijgt de meeste plastic deeltjes binnen, zo’n 121.000 microplastics per jaar. Voor vrouwen is dat 98.000 deeltjes. De grootste bronnen van microplastics bleken gebotteld water, vis en schaaldieren te zijn. In gebotteld water zitten maar liefst 94 deeltjes microplastic per liter, ten opzichte van 4 deeltjes per liter in kraanwater. Kinderen krijgen naar schatting jaarlijks tussen de 74.000 en 81.000 plastic deeltjes binnen.

Grove onderschatting

De beschikbare gegevens zijn echter verre van compleet. Zo zijn er geen gegevens beschikbaar over de hoeveelheid microplastics in kip, rundvlees, graan en groenten. De voedsel- en drankgroepen die zijn meegenomen in dit onderzoek vormen daardoor slechts 15% van de calorie-inname van de gemiddelde Amerikaan. Om deze reden zijn de gepresenteerde getallen volgens de onderzoekers waarschijnlijk een grove onderschatting van de daadwerkelijke blootstelling. Ze adviseren onderzoek naar andere voedselgroepen om een completer beeld te krijgen.

Campagne WWF

Het Wereldnatuurfonds (WWF) startte onlangs een nieuwe campagne. We zouden vijf gram microplastics per week binnenkrijgen, vergelijkbaar met het gewicht van een creditcard. Deze vijf gram is gebaseerd op een inname via eten en drinken van circa 2000 deeltjes per week, waarvan 90% via gebotteld water. Het Canadese onderzoek komt ook uit rond de 2000 deeltjes per week, maar dat is inclusief de deeltjes die we inademen. Inname via de lucht is door de WWF buiten beschouwing gelaten.

Kennislacune gevolgen gezondheid

Het lijkt echter niet zinvol om het gewicht van de inname te benadrukken. Vermoed wordt dat de schadelijkste deeltjes namelijk het minst wegen. Dit gegeven wordt ook door de Canadese onderzoekers benadrukt. De kleinere, en dus lichtere deeltjes, kunnen mogelijk de darm- en long barrière passeren en zich door de rest van ons lichaam verspreiden. Het is echter onbekend in welke mate we deze deeltjes binnenkrijgen, aangezien deze zo klein zijn dat ze met de huidige meetmethoden niet gedetecteerd kunnen worden.

De Plastic Soup Foundation vindt het zorgwekkend dat er nog zo weinig onderzoek is gedaan naar de gezondheidsgevolgen van micro- en nanoplastics en wil weten of we er ziek van worden. Doel van de Plastic Health Coalition, een een door de Plastic Soup Foundation geïnitieerd samenwerkingsverband tussen wetenschappers en milieuorganisaties, is om die vraag te beantwoorden.


Lees ook – Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht.
Lees ook – Gezondheidsraad: “Voorkom gezondheidsrisico’s door micro- en nanoplastics”

, ,

Bandenslijtage op één na belangrijkste bron van microplastics in water en lucht

Amsterdam, 18 juni 2019 – Tijdens het autorijden slijten autobanden waarbij kleine deeltjes plastic vrijkomen. Dit gebeurt met name tijdens het optrekken en remmen waarna de microplastics in het riool, oppervlaktewater of in de lucht belanden. Hiermee draagt het autoverkeer bij aan fijnstof en milieuvervuiling. Nieuw onderzoek, uitgevoerd door de Open Universiteit, schat dat fijnstof als gevolg van bandenslijtage jaarlijks verantwoordelijk is voor 130,000 tot 300,000 doden wereldwijd.

De onderzoekers zijn tot deze schatting gekomen door gegevens over autogebruik en afgelegde kilometers te verzamelen uit dertien landen; acht West-Europese landen, Australië, India, Brazilië, China en de Verenigde Staten. Hierdoor is ongeveer de helft van de wereldbevolking en 60% van de voertuigen wereldwijd vertegenwoordigd in het onderzoek. Vervolgens rekenden de onderzoekers uit dat per hoofd van de bevolking gemiddeld genomen 0.8 kilogram microplastics door bandenslijtage wordt gegenereerd. Een gemiddelde Nederlandse burger produceert ongeveer een halve kilogram bandenslijtstof per jaar.

Lekkage naar het milieu

Fijnstof in de lucht bestaat voor 3% tot 7% uit bandenslijtstof. Maar behalve dat de microplastics in de lucht belanden, draagt bandenslijtage ook bij aan de plasticsoep in rivieren en de oceaan. Geschat wordt dat 5% tot 10% van de plastics in de oceaan op het conto kan worden geschreven van bandenslijtstof. Hiermee is bandenslijtstof na rondslingerend plastic afval de grootste bron van microplastics in het milieu.

Maatregelen

Momenteel is er geen alternatief materiaal beschikbaar voor autobanden, maar de onderzoekers dragen wel een aantal beleidsmaatregelen aan. Bandenslijtage zal afnemen wanneer enkel nog slijtvaste banden in gebruik worden genomen en door het aanleggen van asfaltwegen en door zelfsturende auto’s. Daarnaast kan volgens de onderzoekers verbeterde efficiëntie in het afvangen van microplastics in waterzuiveringssystemen bijdragen aan een reductie van microplastics naar rivieren en zeeën.


Lees ook: Microplastics door slijtage van banden is nauwelijks tegen te gaan.

,

Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht

Amsterdam, 13 juni 2019 – Het is genoegzaam bekend dat we plastic deeltjes drinken, eten en ademen. Maar hoeveel zijn dat er en hoe schadelijk is het voor onze gezondheid? Het Wereldnatuurfonds (WWF) heeft deze week een onderzoek gepubliceerd en komt met een nieuw gegeven. In de uitgave No plastic in nature: assessing plastic ingestion from nature to people staat als hoofdconclusie dat we per week 5 gram plastic binnen kunnen krijgen, evenveel als het gewicht van een creditkaart. De onderzoekers baseren hun conclusies op bestaande studies en houden terecht veel slagen om de arm.

Nieuwe campagne van WWF

Het rapport, dat overheden oproept drastische maatregelen te nemen om de plasticsoep tegen te gaan en ook bepleit dat er veel meer onderzoek moet worden gedaan, gaat gepaard met een nieuwe campagne die het WWF lanceert. Het schokkende getal van 5 gram plastic dat een mens per week binnenkrijgt, staat daarin centraal. Dit wordt vergeleken met dagelijkse voorwerpen zoals een pen, een creditkaart of een dobbelsteen, om de boodschap over te brengen hoeveel plastic je binnenkrijgt. Met deze campagne zal veel publiek bereikt worden, toch is enige nuance op zijn plaats.

Nadruk op gewicht zegt weinig

Het onderzoek is uitgevoerd door de University of Newcastle in Australië. Voor hun berekening hebben de onderzoekers het gewicht van de plastic deeltjes geschat. Ze gaan uit van circa 2000 plasticdeeltjes per week die we consumeren en die bij elkaar 5 gram wegen. Zo’n negentig procent daarvan zouden we via het drinken van water binnenkrijgen, via leidingwater en met name via flessenwater. In een studie die vorig jaar verscheen (en waar de onderzoekers ook naar verwijzen), werd in 93% van de onderzochte 259 onderzochte flessen mineraalwater microplastics aangetroffen, gemiddeld 325 per liter. Het overgrote deel daarvan — 315 deeltjes — bestaat echter uit ultrakleine deeltjes. Zo klein dat je daarvan het gewicht niet kunt vaststellen.
Eerder deze week verscheen ook een Canadees onderzoek over Human Consumption of Microplastics. De jaarlijkse inname ligt volgens dit onderzoek op 50.000 deeltjes. Ook hier gaat het om ultrakleine deeltjes die vrijwel niets wegen.

Nadruk moet liggen op grootte

Voor de menselijke gezondheid zijn juist die ultrakleine deeltjes, genaamd nanoplastics, het meest relevant. Beter gezegd: de deeltjes die qua gewicht vrijwel niet meetellen, zijn waarschijnlijk het meest schadelijk. Deze kunnen namelijk celmembranen passeren en organen binnendringen. Grotere deeltjes, waarvan je het gewicht wel kunt vaststellen, poep je doorgaans weer uit. Overigens ontbreken nog altijd standaardmethoden om de risico’s van micro- en nanoplastics in het lichaam te kunnen beoordelen.

Plastic Health Coalition

Om uit te zoeken hoe gevaarlijk micro- en nanoplastics werkelijk zijn, heeft de Plastic Soup Foundation het initiatief genomen tot een samenwerkingsverband waarin wetenschappers en milieuorganisaties samenwerken: The Plastic Health Coaltion. In dit kader zijn eerder dit jaar vanuit ZonMw in Nederland vijftien onderzoeken gestart naar de effecten van micro- en nanoplastics. Op 3 oktober worden tijdens de Plastic Health Summit de eerste resultaten gepresenteerd.


Lees ook: ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic

,

Dweilen met de plastickraan open

Recyclen. Dat is nu echt een woord waar ik blij van word. Het klinkt als het vrolijke schjwiep-schjwiep-schjwiep van een springtouw met vederlichte meisjes in frisse zomerjurkjes die zingend op en neer veren. De moeiteloze beweging die eeuwig door kan gaan, het perpetuum mobile van Leonardo da Vinci. Recyclen klinkt naar gezond, zuinig en verstandig. Iets waar iedereen voor is en niemand tegen.

Bij recyclen denk ik aan de pompoenschillen, broccolistronkjes en al het andere groen dat overblijft in mijn keuken: ik stop het in de groene bak en koop het even later als compost terug om er mijn tuin mee te vertroetelen. Ik denk aan het kastje dat te klein werd voor alles wat ik wil bewaren. Het staat nu in de kringloopwinkel en begint morgen aan een nieuwe verzameling in een ander huis. Niets dan goeds, recyclen.

Ook plastic recyclen klonk me in eerste instantie als muziek in de oren. Het leek me een zonnige oplossing voor het duistere probleem van het plastic dat de wereld steeds meer in zijn greep krijgt: de plastic flessen, zakjes, stoelen – wat is eigenlijk niet van plastic – die als zwerfafval op straat en in de rivieren belanden, naar zee stromen en daar – uiteengevallen in kleine stukjes – de magen van onfortuinlijke vogels en vissen verpesten. Of de plastic microvezels die in de lucht zweven en onze gezondheid bedreigen. Recyclen klonk als een daadkrachtige stap tegen dat soort narigheid.

Tot ik me ging verdiepen in de getallen. De hoeveelheid nieuw on-gerecycled plastic op de wereld neemt in schrikbarend tempo toe. In 2018 kwam er 380 miljard kilo bij, binnen een jaar of tien is dat 530 miljard kilo plastic per jaar. Hoeveel er dan als zwerfafval eindigt – op het land, in het water of in de lucht – is niet precies bekend. Minstens 16 miljard kilo per jaar, misschien veel meer. Grote multinationals beweren dat al hun verpakkingen in 2025 van gerecycled plastic zijn. Dat lijkt een volstrekt onhaalbare kaart, maar los daarvan: het blijven plastic verpakkingen. En die eindigen toch weer deels in de oceaan, de ‘longen’ van de wereld. Of in onze eigen longen.

Bij plastic recyclen denk ik nu niet meer aan een vrolijk schjwiepend springtouw, maar aan verwoed dweilen met de kraan open. Een PET-fles van gerecycled plastic kost minder aardolie dan een fles van nieuw plastic. Dat is goed, maar het Grote Plastic-probleem lossen we er niet mee op.

De enige echte oplossing heeft de eenvoud van een fris zomerjurkje: veel minder plastic spullen op de markt brengen. Om te beginnen: géén spullen die we maar één keer gebruiken, zoals PET-flessen en plastic zakjes. En het plastic dat er dan toch komt: heel efficiënt inzamelen, bijvoorbeeld met een statiegeldregeling.

Met al die slimme mensen op de wereld kunnen we die beweging toch moeiteloos in gang zetten. Vederlicht en vrolijk. Schwjiep-schwjiep-schwjiep.

 

Renske Postma

(foto: Jeroen Gosse)

,

Het regent microplastics, overal en elke dag

Amsterdam, 17 april 2019 – Soms brengt de wind zand uit de Sahara naar Nederland. De lucht kan daardoor oranje kleuren en als het ook nog eens licht regent kan alles onder een laagje roodachtig stof komen te zitten. Onderzoekers vroegen zich af hoe dat zit met microplastics in de lucht. Ook die blijken neer te dalen en grote afstanden te kunnen overbruggen. Daardoor komen ze overal terecht, ook in afgelegen natuurgebieden.

Nieuwe studie

In de bergen van de Franse Pyreneeën, ver weg van de bewoonde wereld, is onderzocht hoeveel microplastics er dagelijks uit de lucht neerdalen op de grond. Monsters werden over een periode van vijf maanden genomen. Het ging om droge en natte — met regendruppels meekomende — depositie. Per vierkante meter werden elke dag gemiddeld 249 plastic stukjes gevonden, 73 stukjes film en 44 vezels. Berekeningen leerden dat de wind al die microplastics gemakkelijk over een afstand van 95 kilometer kon vervoeren, en vermoedelijk over nog veel grotere afstanden. Het artikel verscheen in Nature Geoscience.

Twee eerdere onderzoeken

Terwijl er relatief veel onderzoek wordt gedaan naar microplastics die via water hun weg naar elders vinden, is de kennis over microplastics in de lucht nog heel beperkt. In 2016 werd voor het eerst fallout van microvezels gemeten. In Parijs en in een voorstad van Parijs werd toen geteld wat er dagelijks aan microvezels uit de lucht neerdwarrelt. Toen werden tussen de twee en 355 microvezels per vierkante meter per dag geteld. Vorig jaar hebben Chinese onderzoekers vastgesteld dat in de Chinese stad Dongguan de dagelijkse fallout tussen de 175 en 313 microplastics per vierkante meter betrof. Daar waren de meeste microplastics synthetische microvezels.


Lees ook – Fallout van plastic microvezels

Lees ook – Hoe schadelijk is het inademen van microplastics?

Does plastic make us sick? Photo by Yannick Overzee
, ,

Plastic Test Lab: de eerste onderzoeksresultaten

Amsterdam, 22 maart 2019 – Vandaag worden naast 15 baanbrekende onderzoeksprojecten, ook de eerste Plastic Test Lab resultaten bekend gemaakt. De Vrije Universiteit van Amsterdam heeft een drietal cosmetische producten getest op de aanwezigheid van plastic. Dit zijn producten die we dagelijks op ons lichaam smeren, waardoor ook de vraag rijst: wat doet dit plastic met ons lichaam? 

De testen zijn uitgevoerd in het kader van de meest recente campagne van Plastic Soup Foundation in samenwerking met de Plastic Health Coalition: Does plastic make us sick? Vandaag wordt tevens bekend gemaakt welke 15 baanbrekende onderzoeken naar de effecten van micro- en nanoplastics op onze gezondheid van start gaan. De drie geteste producten zijn:

  • Lippenstift van HEMA
  • Nagellak van Essie
  • Anti-ageing creme van Olaz

Vocht inbrengende lippenstift 06 HEMA

Lippenstift slikken we makkelijk in wanneer we eten en drinken. Omdat we bezorgd zijn of plastics die we binnen krijgen onze gezondheid schaden, hebben we de Vrije Universiteit van Amsterdam (VU) gevraagd de ‘vocht inbrengende lippenstift 06’ van de HEMA te onderzoeken op de aanwezigheid van microplastics.

De VU heeft een FTIR-spectrometer gebruikt om mogelijk aanwezige microplastics te identificeren. Daarnaast heeft het laboratorium voor dit onderzoek een monster van het product behandeld met salpeterzuur. Het enige overblijfsel na deze behandeling waren polyethyleen (PE) deeltjes. De gedetecteerde deeltjes waren allemaal wit van kleur en hadden een diameter van ongeveer 300 – 400 μm.

Lippenstift HEMA onder de microscoop

Deze testresultaten tonen zonder enige twijfel aan dat er microplastics aanwezig zijn in deze HEMA-lippenstift. Wat doet dit met ons lichaam? Als we polyethyleen binnenkrijgen, kunnen we dan nadelige gezondheidsrisico’s verwachten? Dit zijn enkele brandende vragen die onderdeel zijn van 15 baanbrekende onderzoeksprojecten, die op 22 maart 2019 van start gaan.

Ondertussen zal de VU dit onderzoek voortzetten en meer lipsticks doormeten, zodat we jullie kunnen informeren over welke wel (of juist niet) te gebruiken.

Nagellak ‘A cut above’ Essie

Ondanks dat nagellak wordt gezien als een ‘leave-on’ product, kan de lak toch in het milieu of ons lichaam terechtkomen, bijvoorbeeld door slijtage of nagelbijten. Daarom is het interessant om te achterhalen of nagellak plastics bevat.

 

Vergroot beeld van de nagellak

De Vrije Universiteit van Amsterdam (VU) onderzocht op ons verzoek de ‘multi-dimension top coat – a cut above’ nagellak van Essie. Om mogelijk aanwezige microplastics te identificeren werd een FTIR-spectrometer gebruikt. De resultaten tonen aan dat Essie nagellak een grote hoeveelheid glitters bevat, die bestaan uit het plastic ‘polyethyleen tereftalaat’ (PET). Deze plastic deeltjes hebben een zeshoekige structuur variërend in grootte van 200 tot 1200 μm (0.2-1.2 mm).

De behandeling van deze plastic deeltjes met salpeterzuur veranderde niets aan de structuur van de deeltjes; de vorm bleef intact. Wat wel veranderde was de kleur: de deeltjes werden transparant.

Wat zijn de implicaties van dit onderzoek voor onze gezondheid? Hier valt nog geen definitief antwoord op te geven, al zijn recente wetenschappelijke bevindingen verontrustend te noemen.

Nagellak Essie onder de microscoop

Op 22 maart 2019 gaan voor het eerst 15 baanbrekende onderzoeksprojecten van start om antwoord te zoeken op brandende vragen over de mogelijk (negatieve) link tussen microplastics en onze gezondheid.

Daarnaast zal de VU in de komende drie jaar tientallen andere producten gaan testen, die we in ons dagelijks leven gebruiken.

 

Olaz anti-rimpel SPF 15 dagcrème

Elke keer dat je ‘Olaz anti-rimpel’ crème gebruikt, smeer je naar schatting 90,000 plastic deeltjes op je gezicht. Sommige plastic deeltjes in deze gezichtscrème zijn kleiner dan de dikte van een gemiddelde mensenhaar. Kunnen deze deeltjes ons lichaam binnendringen en daar schade aanrichten?

Na zichzelf herhalende discussies met de cosmetica-industrie over het gebruik van ‘synthetische polymeren’ in talloze cosmeticaproducten, heeft de Plastic Soup Foundation besloten enkele producten te laten testen door de Vrije Universiteit van Amsterdam op de aanwezigheid van microplastics. De cosmeticabranche verdedigt zich keer op keer door te benadrukken dat het microbeads vrijwillig heeft uitgefaseerd en dat andere typen polymeren geen enkel probleem vormen, omdat dit met name vloeibare plastics zouden zijn.

Olaz crème onder de microscoop

 

Om te kijken of dit hout snijdt, hebben we ‘Olaz anti-rimpel SPF 15 dagcrème’ laten testen. De crème bleek gigantische hoeveelheden micro- en nanoplastics te bevatten. De VU constateert dat één potje 50 ml dagcrème zo’n ‘1.48 miljoen deeltjes polyethyleen (PE) bevat. De diameter van de deeltjes varieerde tussen 1.6 en 103 μm.’ Sommige stukjes zijn vele malen kleiner dan de dikte van een gemiddelde mensenhaar (60-80 μm).

Meerdere wetenschappelijke onderzoeken waarschuwen dat kleine plastic deeltjes mogelijk tot diep in ons lichaam kunnen doordringen.

 

Bovenstaande afbeelding is onderdeel van het wetenschappelijke artikel ‘Marine microplastic debris: An emerging issue for food security, food safety and human health’ en is recentelijk gepubliceerd in het Marine Pollution Bulletin. Aan de hand van deze schaal vermoeden wij dat de polyethyleen deeltjes tussen 1.6 en 103μm die in deze gezichtscrème voorkomen, mogelijk geabsorbeerd worden door onze bloedvaten, onze organen kunnen binnendringen en mogelijk ook het brein en de placenta kunnen bereiken. Het is daarom van het hoogste belang dat we een beter begrip krijgen van de gevolgen van microplastics op de menselijke gezondheid en de verschillende vormen van blootstelling hieraan.

Baanbrekend onderzoek door ZonMW

Kunnen deze kleine plastic deeltjes doordringen tot onze hersenen of tot het ongeboren kind? Verzwakt het ons immuunsysteem? Ontelbaar veel vragen over de mogelijke gezondheidsrisico’s van microplastics moeten nog beantwoord worden. Dat is waarom de Plastic Soup Foundation, ondersteund door de Plastic Health Coalition, de krachten bundelt met ZonMw om antwoord te vinden op deze brandende vragen.

Op 22 maart 2019 zullen de eerste baanbrekende onderzoeksprojecten van start gaan om antwoord te vinden op de vraag: maken microplastics ons ziek?

Voor meer informatie, bezoek www.plastichealthecoalition.org!

Plastic test Lab is een samenwerking tussen de Vrije Universiteit Amsterdam, Plastic Soup Foundation en de Plastic Health Coalition.

Wat kun je in de tussentijd doen?

Om zoveel mogelijk blootstelling aan (micro)plastics te vermijden, kun je ook starten met dit ‘Ultieme Plastic Dieet’.
Voor meer informatie over plasticvrije cosmeticaproducten, bezoek beatthemicrobead.org of download de Beat the Microbead-app in de App Store or on Google Play.

 


Lees ook: Wetenschappelijk onderzoek naar gezondheidsrisico’s van microplastics: Maakt plastic ons ziek?

,

Mijn plasticdagboek

Zeven uur, buiten loeit een ijzige storm. Mijn warme fleecetrui zit onder de poezenharen, dus ik klop hem stevig uit. Plastic microvezels stuiven in het rond. Ze komen in mijn longen en nestelen zich misschien wel in het longweefsel. Met viezigheid en al, want die trui is niet brandschoon. Blij dat ik geen astma heb.

Tijd voor een stormachtige ochtendwandeling door het park. In de vijver dobbert een leeg frietbakje. Ik vis het eruit en gooi het in de prullenpak. Sommige virussen en bacteriën voelen zich op plastic helemaal thuis, nog meer dan in de natuur. Ze zitten vast ook op de piepkleine plasticrestjes die op mijn vingertoppen zijn achtergebleven.

Even later worstel ik me door een ingewikkeld rapport. Ik kan me moeilijk concentreren. Is dat cafeïnegebrek of zit er inmiddels ook plastic in mijn brein? Ik spoel die laatste gedachte met een flinke slok cappuccino weg.

Mijn maag begint te rommelen. De biologische meergranencrackers, kaas en humus zijn hygiënisch in plastic verpakt. Mijn lunch is ongemerkt gekruid met piepkleine stukjes nanoplastic. Ze belanden in mijn darmen en wie weet wandelen ze via de darmwand verder naar mijn bloed en lymfestelsel. Dat lijkt me ongezond, maar misschien ben ik wel goed geconserveerd.

De middag is productief, ik typ op plastic toetsen, bel met mijn telefoon in plastic beschermhoesje, maak aantekeningen met een plastic pen. Dan is het tijd om mijn hoofd leeg te rennen. De soepele synthetische sportkleren laten minieme plasticdeeltjes achter op mijn huid, zo klein dat ze zich misschien wel in mijn cellen kunnen wurmen. Ik wijk uit voor een kersverse moeder met kinderwagen. Kreeg haar baby in de baarmoeder al plastic binnen, via de placenta en de navelstreng? Hij ziet er heel natuurlijk uit.

De hardloopkleren gaan meteen in de wasmachine en de droger, zodat er morgen een fris setje ligt. Zodra ik de deur van de droger opendoe, stoomt er weer een wolk microvezels in mijn longen.

Manlief roert ondertussen mosselen en vis door de paella. Die hebben van de plasticsoep in de oceaan gegeten. Het plastic heeft zich opgehoopt in hun vissenlijf en belandt nu ook in mij. Terwijl ik even later heerlijk lig te slapen, banen illegale micro- en nanoplastics zich mogelijk een weg door mijn lichaam. Als dat zo is, hoop ik maar dat het immuunsysteem ze oppakt en uitzet, net als andere ongewenste stoffen, maar het is niet zeker of dat met plastic goed werkt.

De volgende ochtend, zeven uur, begint een nieuwe plasticdag. Ik zal weer plastic inademen, eten en drinken. Vijftien onderzoekers gaan uitpluizen wat dat met mijn gezondheid doet. Dat is tegelijkertijd slecht en goed nieuws. Ik voel me kiplekker, maar voor de zekerheid ga ik vandaag nog op plasticdieet.

Renske Postma

Foto door Jeroen Gosse

 

,

De rommelige waarheid over het sigarettenfilter

Blauwe rook kringelt omhoog van mijn terras. Na het laatste trekje wordt een vleeskleurig filter bedachtzaam de tuin in geschoten, tussen de rozen en de rododendrons. Ik voel een schokje. Rommelig vind ik de sigarettenpeuken in mijn tuin, op straat en op het strand. “Ach joh, dat vergaat toch”, is de standaard reactie op mijn fronsende blik. Een opmerking die me de mond snoert, want als het vergaat is het truttig er iets van te vinden.

Mijn schokje wordt een schok als ik op de site van CNN de dirty truth about cigarette filters lees. Wat blijkt: in sigarettenfilters zit cellulose acetaat, een plastic dat alleen onder extreme omstandigheden vergaat. In de afvalwaterzuivering lukt dat wel, maar in mijn tuin en op het strand zijn filters praktisch niet afbreekbaar. Daar vallen ze langzaam uiteen in steeds kleinere deeltjes die je uiteindelijk met het blote oog niet meer ziet. Het lijkt of het filter is vergaan, maar het plastic is er nog steeds. Het zit in de grond en in het water. En wie weet in mijn rozen en het kikkerdril.

Er slingeren verbijsterend veel peuken rond op de wereld. Het is het meest weggegooide plastic item. Jaarlijks gaan zo’n 6 biljoen sigaretten over de toonbank. 90% daarvan heeft een filter met plastic. Bij elkaar levert dat meer dan een miljoen ton plastic afval op. Ook bij clean ups op de Nederlandse toeristenstranden zijn sigarettenpeuken het meest aangetroffen plastic afval. En inderdaad: als ik op blote voeten door het mulle strandzand banjer, voel ik regelmatig een peuk tussen mijn tenen.

In sigarettenfilters zit niet alleen plastic, maar ook een cocktailtje van giftige stoffen: arseen (rattengif!), lood, nicotine en pesticiden. Als het weggegooide filter uiteenvalt, sijpelen die chemicaliën de grond of het water in. Op een universiteit in de VS deden ze een proefje: ze lieten vissen zwemmen in water waar 24 uur sigarettenpeuken in gedobberd hadden (één filter per liter). Na een paar dagen was de helft van de vissen dood.

Filters zijn bedacht om de gezondheid van de roker te verbeteren. Dat doen ze niet, blijkt uit weer een ander onderzoek. De kans op longkanker lijkt door het filter zelfs groter te worden.

Wás het maar truttig om sigarettenfilters rommelig te vinden. Met terugwerkende kracht zou ik alle weggeschoten filtertjes tussen de rozen en de rododendrons en ook de peuken tussen mijn tenen met een ontspannen glimlach aanvaarden. De waarheid is helaas veel rommeliger dan ik dacht.

Gelukkig ligt ook de oplossing voor het oprapen: verbied de filtersigaret. Daar gaat alles en iedereen op vooruit.

Renske Postma

Foto: Jeroen Gosse