Screenshot of the My Little Plastic Footprint commercial

Softlaunch My Little Plastic Footprint

Vanmorgen beleefde onze langverwachte app My Little Plastic Footprint haar soft-launch. Dit gebeurde tijdens de allereerste Ocean Summit van de dertiende editie van de Volvo Ocean Race, die dit jaar start in het Spaanse Alicante. Met deze app kan iedereen, waar ook ter wereld, zijn of haar plastic footprint verminderen en meer kennis opdoen over de plastic soup in de oceaan.

De plastic soup groeit en iedereen is daar verantwoordelijk voor; zowel burgers als bedrijven en regeringen. Van al het plastic dat we gebruiken, gooien we veertig procent binnen twintig minuten weg. Daarvan komt 3% uiteindelijk in het water terecht. Dat kan anders. Dat moet anders!

Met My Little Plastic Footprint bieden we een interactief platform waarmee jij zelf iets kunt doen aan de plastic soup in zee. Zo kun je het probleem ontdekken en je kennis testen in een quiz. Daarnaast kun je je eigen ‘footprint’ verkleinen door beloftes te doen en die te delen met je contacten op social media. Bijvoorbeeld:

  • Ik gebruik geen rietjes meer
  • Ik neem geen plastic tassen meer aan in de winkel.
Features of the app

Some screens of My Little Plastic Footprint

De app begint met maar liefst zestig van dit soort ‘pledges’ en dat worden er straks nog veel meer, En hoe kleiner je plastic footprint wordt, hoe groter je kans om vervolgens uitgeroepen te worden tot ‘Ocean Champion’.

In de derde sectie van de app, kun je je laten inspireren door beroemdheden die zich inzetten tegen plasticvervuiling, de zogeheten Ocean Heroes! Wie dat zijn, kun je ontdekken door de app te downloaden of door naar mylittleplasticfootprint.org te gaan.

Wij willen aan jullie, onze volgers, vragen of jullie deze eerste versie van de app willen testen.

Help ons om samen de plastic footprint van de mensheid te verkleinen.

We hebben zes weken de tijd om alle fouten eruit te halen, maar dat kan alleen met jullie hulp.

Doe je mee? De app is beschikbaar in de App Store en via Google Play. Kijk voor meer informatie over de app op www.mylittleplasticfootprint.org.

 

Deze app is gebouwd door: de Plastic Soup Foundation in Nederland, EA in Zwitserland, SMÄLL in Barcelona en Ocean Recovery Alliance in Hongkong.    

waterzuivering
, ,

Dagelijks passeren 112,5 miljoen microbeads de waterzuivering van Ljubljana

De cosmetica-industrie vreest een wereldwijd verbod van plastic microbeads in scrubs en ook dat alle overige toegepaste microplastics verboden zullen worden. De sector heeft zijn verdedigingslinies opgetrokken en twee argumenten staan daarin centraal. Waterzuiveringsinstallaties zouden 99% van alle plastics afvangen, dus wat is het probleem? En, ten tweede, voorgenomen wettelijke maatregelen zouden niet gestoeld zijn op wetenschappelijk bewijs.

De spreekbuis van de wereldwijde cosmetica-industrie, de Personal Care Products Council (PCPC), heeft eerder dit jaar onder verwijzing naar een Deense studie gesteld, dat 99% van de microplastics door waterzuiveringsinstallaties worden afgevangen. De PCPC laat in zijn verklaring na te vermelden dat in diezelfde studie te lezen valt dat het rioolslib (vervuild met de afgevangen microplastics) vervolgens vaak als mest op land wordt uitgereden. Al die plastic deeltjes komen dus gewoon weer in het milieu terecht.

Stel nu dat inderdaad 1% van de microbeads via het effluent in het oppervlaktewater terecht komt. Gaat het dan om een verwaarloosbare vervuiling, zoals de PCPC suggereert? In 2015 berekenden Britse wetenschappers van de universiteit van Plymouth hoeveel microplastics een dagelijks portie scrubmiddel bevat. In 5 milliliter product blijken tussen de 4595 en 94.500 microplastics te zitten. Per douchbeurt draagt de consument dus tussen de 45 en 945 microbeads bij aan vervuiling en plastic soup, gesteld dus dat die andere 99% geen probleem zouden vormen.

Recentelijk verscheen een onderzoek aan de universiteit van Ljubljana in het wetenschappelijk tijdschrift Chemosphere. Dat onderzoek komt op een heel ander percentage uit. De wetenschappers berekenden het aantal microplastics afkomstig van cosmetica dat via de waterzuiveringsinstallatie van Ljubljana in het oppervlaktewater van Slovenië terecht komt. Gemiddeld zou, volgens uitgevoerde laboratoriumexperimenten, niet 99% maar 52% van de microbeads in het slib terecht komen. Uitgaande van een gemiddeld gebruik van 15,2 mg per persoon in Ljubljana, komen dagelijks 112,5 miljoen microbeads in het Sloveense oppervlaktewater terecht. Dit staat gelijk aan een concentratie van 21 deeltjes per kubieke meter.

De door de cosmetica-industrie opgetrokken verdedigingslinie is uitermate zwak. Ze voert een achterhoedegevecht waarmee ze het vertrouwen van overheden en publiek in hoog tempo aan het verliezen is.

regering
, , ,

Nieuwe regering gaat voor verbod op microplastics

Den Haag, 12 oktober 2017 – In het nieuwe regeerakkoord, dat dinsdag door VVD, CDA, D66 en ChristenUnie werd gepresenteerd, is een ban op microplastics opgenomen. Het uitgangspunt van het regeerakkoord is ‘vertrouwen in de toekomst’ en volgens Agnes Mulder, Tweede Kamerlid voor het CDA, wil Kabinet-Rutte III voorkomen dat microplastics in ons drinkwater terechtkomen.

Microplastics zijn minuscule stukjes plastics (minder dan 5 millimeter doorsnee) die in allerlei verzorgingsproducten worden gebruikt. De cosmetica-industrie noemt deze deeltjes microbeads. De microplastics zijn niet of nauwelijks met het blote oog te onderscheiden en komen via het doucheputje in het rioolstelsel terecht. Rioolwaterzuiveringsinstallaties zijn niet ontworpen om microbeads uit het afvalwater te filteren en dat is de belangrijkste reden dat ze uiteindelijk bijdragen aan de plastic soup. Zeedieren krijgen microbeads binnen en zo belanden ze uiteindelijk bij de mens op hun bord. Microbeads en microplastics vergaan niet en eenmaal in het milieu zijn ze onmogelijk daaruit te verwijderen.

In 2012 is de Plastic Soup Foundation (PSF), een organisatie die zich inzet voor het tegengaan van plasticvervuiling, begonnen met actievoeren tegen de microbeads. De Beat the Microbead-campagne wordt inmiddels gesteund door 92 NGO’s uit 38 landen wereldwijd.

Moties Tweede Kamer
De Plastic Soup Foundation kreeg eind 2012 al snel bijval van leden van de Tweede Kamer, zoals Agnes Mulder. Zij diende in de afgelopen jaren meerdere moties in, vaak samen met Yasemin Cegerek van de PvdA, die allemaal werden aangenomen.

In een reactie zegt Mulder: “Ik ben zeer verheugd dat het verbannen van microplastics in het nieuwe regeerakkoord is opgenomen, en dat dit streven unaniem is geaccepteerd. Maar we zijn er nog niet en ook in de toekomst zal ik me, onder andere samen met de waterschappen, hier sterk voor blijven inzetten.”

Politieke Pluim 2017
Voor haar constante strijd tegen bronnen van de plastic soup werd Mulder uitgeroepen tot de winnaar van de Politieke Pluim 2017. Deze prijs van de Plastic Soup Foundation wordt sinds 2013 jaarlijks uitgereikt aan een politicus die zich inzet voor de strijd tegen plasticvervuiling.

Maria Westerbos, directeur en oprichter van de Plastic Soup Foundation: “Ik heb deze prijs zelden met zoveel plezier uitgereikt. Wij ontmoetten Agnes in januari 2013. Zij was toen een van de eerste Kamerleden die zich expliciet druk maakte over microbeads in cosmetica.

Mede door haar inspanningen zijn er in oktober 2017 eindelijk plannen om microplastics uit te bannen en is dit zelfs opgenomen in het nieuwe regeerakkoord. Daar heeft ze niet één, maar wel tien Politieke Pluimen voor verdiend!”

Over Plastic Soup Foundation
De Plastic Soup Foundation wil de plasticvervuiling van de oceaan stoppen. Dit doet zij onder andere door middel van scherpe publiekscampagnes, het ondersteunen van wetenschappelijk onderzoek en door zich samen met het grote publiek actief te mengen in wet- en regelgeving. Verder is educatie een belangrijke pijler, simpelweg omdat kinderen recht op een schone en gezonde toekomst hebben.

Download hier de perskit met het persbericht en beeld.

Great Bubble Barrier
,

The Great Bubble Barrier wint Plastic Soup Terrine 2017!

De bedenkers van The Great Bubble Barrier, Anne Marieke Eveleens, Francis Zoet en Saskia Studer, hebben de Plastic Soup Terrine 2017 gewonnen. De Plastic Soup Foundation reikt elk najaar de Terrine uit aan iemand uit het bedrijfsleven die zich op bijzondere wijze inzet voor de strijd tegen de plastic soup.

De keuze is dit jaar na lang beraad gevallen op The Great Bubble Barrier, een innovatief plastic afvangsysteem voor in stromend water. Bedenkers en ontwikkelaars Eveleens, Zoet en Studer hebben, op basis van bestaande offshore hulpmiddelen, met The Great Bubble Barrier een bijzondere nieuwe toepassing gecreëerd: een bubbelscherm tegen plastic in water.

Dit systeem lijkt momenteel een van de beste oplossingen om plastic uit stromend water af te vangen. Dit geldt niet alleen voor plastics aan de oppervlakte maar zal ook effectief zijn voor gezonken plastics. De luchtbellen vormen, zowel voor de scheepvaart als voor waterbewoners, geen enkele belemmering. Dit maakt het systeem uniek. Het project verkeert nog in pilotfase en kan aan alle kanten ondersteuning gebruiken.

Het was dit jaar bijzonder moeilijk een keuze te maken uit de genomineerden voor de Plastic Soup Terrine 2017. Alle uitgekozen initiatieven zijn op hun terrein bijzonder te noemen en we hopen dat er op korte termijn breed draagvlak gaat ontstaan voor deze vernieuwende ideeën.

Dames, hartelijk gefeliciteerd met de Plastic Soup Terrine 2017! Harmen Spek, Innovations & Solutions manager bij de Plastic Soup Foundation, komt de prijs binnenkort persoonlijk aan jullie overhandigen. 

cosmetica industrie cosmetics companies
, ,

Hoe de Britse cosmetica industrie onder het microbead-verbod probeert uit te komen

 

Amsterdam,11 oktober 2017 – Het Verenigd Koninkrijk, formeel nog lid van de Europese Unie, heeft zijn voorstel tot een verbod op plastic microbeads in verzorgingsproducten aan de Europese Commissie meegedeeld. De Britse overheid verbiedt de productie van microbeads in cosmetica per 1 januari 2018 en de verkoop ervan per 1 juli 2018, omdat ze schade veroorzaken aan het leven in zee. Op deze kennisgeving heeft de Cosmetic, Toiletry and Perfumery Association (CTPA) 15 september gereageerd. De brancheorganisatie vertegenwoordigt met meer dan 170 leden de Britse cosmetische industrie.

De voorgenomen maatregel, het verbieden van de microbeads, brengt volgens de CTPA buitensporige kosten met zich mee. Meer dan 90% van de producten zou volgens eigen zeggen moeten worden aangepast. De industrie erkent hiermee dat in meer dan 90% van de verzorgingsproducten vaste plastic deeltjes verwerkt zijn.

Het is de CTPA om de definitie te doen. De Britse regering definieert een microbead als een in water onoplosbaar vast plastic deeltje kleiner dan 5 mm. De CTPA bepleit een beperking van deze definitie zodanig dat daar uitsluitend microbeads voor scrub-producten onder vallen, analoog aan het Amerikaanse verbod uit 2015. Dat doet de industrie geen centje pijn, want vrijwel alle grote cosmeticabedrijven in het Verenigd Koninkrijk hebben de plastic scrubdeeltjes intussen al verwijderd. Wat hier op het spel staat, zijn de vele andere microplastics die nog altijd toegepast worden.

Cosmetica-producenten gebruiken microplastics die een reeks andere functies vervullen dan scrubben. Die deeltjes spoelen evenzeer door het douchputje weg en vervuilen evenzeer de zee. De CTPA stelt dat het niet bewezen is dat déze andere microplastics, die dus in 90% van de verzorgingsproducten zoals lipstick en shampoo verwerkt zijn, schadelijk zijn voor het marine milieu.

Toen in 2012 de campagne Beat the Microbead gelanceerd werd, reageerde de industrie met precies hetzelfde argument; dat er geen bewijs zou zijn dat plastic microbeads schadelijk zijn voor het marine milieu. We zijn met de conservatieve reactie van de CTPA dus terug bij af.

Ondertussen stapelen de wetenschappelijke bewijzen zich op. Deeltjes afgevangen door waterzuiveringsinstallaties komen in het slib terecht dat als mest wordt uitgereden op het land. Ze komen zo rechtstreeks in het milieu en in het water terecht. Plastic deeltjes dringen op alle mogelijke manieren door in de voedselketen. Onlangs is door wetenschappers van de Zweedse Universiteit Lund in Nature gepubliceerd dat nanoplastics via de voedselketen in de hersenen van vissen terechtkomen en leiden tot abnormaal gedrag. Plastic nanodeeltjes vallen onder de gehanteerde definitie en worden ook in sommige cosmetica producten toegepast.

Niemand heeft gevraagd om vervuilende microplastics in verzorgingsproducten. De enige die daarvoor verantwoordelijk zijn en daarvan jarenlang op grote schaal hebben geprofiteerd, zijn de cosmetica bedrijven. Deze bedrijven huilen nu via CTPA krokodillentranen omdat met het verwijderen ervan kosten gemoeid zijn.

Meesterbakker Roodenrijs

Meesterbakker Roodenrijs wint opnieuw Tasjes Award

Meesterbakker Roodenrijs

Rijswijk, 10 oktober 2017 – Vandaag heeft de Plastic Soup Foundation voor de tweede keer de “Tasjes Award” uitgereikt aan Arjan Roodenrijs, eigenaar van Meesterbakker Roodenrijs met 19 filialen in de regio Den Haag.

Sinds 1 januari 2016 geldt er een verbod op het gratis weggeven van plastic draagtassen. Veel winkeliers gunnen de Plastic Soup Foundation de verplichte heffing op tasjes. Daarom heeft de Plastic Soup Foundation de “Tasjes Award” in het leven geroepen met een bijbehorende oorkonde.

Ondanks dat Meesterbakker Roodenrijs sinds dit verbod naar eigen zeggen nog maar 50% van de oorspronkelijke hoeveelheid tasjes verkoopt, heeft de bakker alsnog een indrukwekkende €7.551,83 opgehaald voor de Plastic Soup Foundation. “We zijn blij dat we met het geld dat we krijgen van de plastic tasjes, jullie organisatie kunnen steunen en daarbij bijdragen aan een schone oceaan”, aldus directeur Arjan Roodenrijs.

Naast de donaties die de Plastic Soup Foundation van Meesterbakker Roodenrijs ontvangt voor de plastic tasjes, verkoopt de bakker ook onze katoenen Wishing Whale broodzakken als alternatief voor plastic broodzakken.

Belgische verpakkingsindustrie betaalt salarissen ambtenaren die zwerfvuil monitoren

Amsterdam, 10 oktober 2017 – Recente onthullingen in België tonen hoe ver de verpakkingsindustrie verweven is geraakt met de overheid en zo het overheidsbeleid in haar voordeel kan beïnvloeden. Net als in andere Europese landen lobbyt de verpakkings- en frisdrankenindustrie tegen strengere milieumaatregelen en statiegeld. Haar primaire doel is minimalisering van kosten en voortgang van de huidige productiewijze. Dit conflicteert met een effectieve strijd door overheden tegen zwerfafval en de plastic soup.

Mooimakers, het Belgische zusje van NederlandSchoon, werd in 2011 opgericht door Fost Plus en OVAM. Fost Plus is de vereniging van de verpakkingsindustrie met Coca-Cola als prominent lid. OVAM, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij, valt onder de Vlaamse overheid. Mooimakers presenteert zich als de motor van een maatschappelijke beweging om zwerfvuil aan te pakken. In de organisatie is ook de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten vertegenwoordigd.

Bij Mooimakers zijn 10 ambtenaren werkzaam die worden betaald met bijdragen uit de industrie, aldus onderzoek van Recycling Netwerk. De implicatie dat deze ambtenaren daardoor niet onafhankelijk zijn, was aanleiding tot een parlementair debat. Mooimakers gaat onder andere over monitoring van zwerfafval, terwijl het bedrijfsleven er alle belang bij heeft die cijfers zo gunstig mogelijk voor te stellen. “Het is alsof de monitoring van luchtvervuiling gefinancierd wordt door de auto-industrie”, aldus directeur Rob Buurman van Recycling Netwerk.

Extra saillant in dit verband is een afgelopen maart afgerond tweejaarlijks onderzoek over de kosten van zwerfvuil, uitgevoerd door het Nederlandse onderzoeksbureau KplusV in opdracht van OVAM. Hierin staat dat Vlaanderen in 2015 een bedrag van 103 miljoen euro uitgaf aan de bestrijding van zwerfvuil; een stijging van 42 miljoen ten opzichte van 2013. Er moet dus steeds meer opgeruimd worden, terwijl het overheidsbeleid (OVAM) juist streeft naar een vermindering van 20% van het zwerfafval. Dat streven wordt dus bij lange na niet gehaald, aldus MoneyTalk afgelopen april. Het rapport is een half jaar later nog altijd niet beschikbaar op de site van OVAM, zo gevoelig liggen deze voor de industrie onwelgevallige cijfers. OVAM kondigde bovendien “een peer review naar de kwaliteit en de representativiteit van de onderzoeksresultaten” aan. Zo wordt openbaarmaking nog een tijd uitgesteld.

Recycling Netwerk vat het probleem als volgt samen: “Om het milieu schoner te krijgen, moet het beleid zich baseren op cijfers die de realiteit weergeven. De drank- en verpakkingsindustrie heeft er uiteraard alle belang bij om de stijging van het zwerfvuil te minimaliseren. Daarom is het niet gezond dat de industrie de financier is van de afdeling van OVAM die de cijfers over zwerfvuil registreert. De ambtenaren die het zwerfvuil monitoren moeten hun werk in volledige onafhankelijkheid kunnen doen. De Vlaamse overheid moet dan ook als enige instaan voor hun loon.”

Voormalig NOAA-secretaris Kennedy: “Voorkomen is het echte antwoord”

Washington DC, 4 Oktober 2017 – De National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA) is in de Verenigde Staten de enige federale instelling met een formeel programma gericht op bestrijding van plastic vervuiling van de oceanen. De inmiddels gepensioneerde secretaris (Deputy Under Secretary) David M. Kennedy was hoofd operationele zaken. Hij was verantwoordelijk voor het dagelijks management van NOAAs nationale en internationale missies. Hij behoort tot de eersten die zich de van grote gevolgen van plastic zwerfafval in zee realiseerden.

Sinds wanneer is de NOAA betrokken bij plastic afval in zeeën?  

“NOAA is betrokken bij missies om de stranden van de Noordwest Hawaï eilanden van plastic te ontdoen. We bezoeken deze onaangetaste eilanden sinds 1996 om de stranden van plastic te ontdoen. Meer dan twintig jaar geleden realiseerden wij ons hoeveel plastic de oceaanstromingen daar achterlaten en dat een groot deel ervan van de visserij afkomstig is. Daarop startten wij ons Marine Debris Project. De tsunami van maart 2011, die Japan trof, leerde ons in het bijzonder van hoe ver de plastic voorwerpen kunnen komen. Fondsen om de stranden op te ruimen zijn beperkt, maar we moeten elk jaar terugkomen om de accumulatie van afval bij te houden. We duiken ook om achtergelaten visnetten te verwijderen. Het verzamelde afval wordt naar Hawaï gebracht, daar verbrand en gebruikt voor de opwekking van elektriciteit.”

De eilanden vormen onderdeel van een van de grootste zeereservaten ter wereld. Opruimacties zijn noodzakelijk, maar niet het definitieve antwoord. Wat moet volgens u gebeuren?  

“Voorkomen is het echte antwoord. Anders blijven we eeuwig opruimen. We moeten zorgen dat dit probleem meer aandacht onder de aandacht van mensen en overheden komt. Uiteindelijk hebben we nieuwe regelgeving nodig om verdere vervuiling te voorkomen en grote technologische investeringen om de huidige wijze waarop plastic wordt geproduceerd te veranderen.”

Kunt u een voorbeeld geven?

“We moeten de knapste koppen bij elkaar brengen en omvangrijke onderzoeksprogramma’s moeten er toe leiden dat we alternatieve materialen ontwikkelen die niet schadelijk zijn voor het milieu en de gezondheid van mensen. Er bestaat geen economische markt voor plastic afval. Daarom heeft de overheid een belangrijke rol te spelen.”

Wat zijn de kansen dat dit scenario gevolgd wordt gegeven het feit dat milieu onder de Trump-regering geen hoge prioriteit heeft en ook gegeven het feit dat door goedkoop schaliegas de productie van plastic juist enorm zal toenemen?  

“Veranderingen doorvoeren in de Verenigde Staten, zowel bij de regering als bij de industrie, is inderdaad een heel grote uitdaging. We moeten ook erkennen dat plastic vervuiling een internationaal probleem is dat internationaal moet worden aangepakt. Wat we echt nodig hebben is een nieuw internationaal verdrag binnen het systeem van de Verenigde Naties. Dit moet een verdrag zijn met bindende bepalingen en concrete doelen. Geen plastic producent in de Verenigde Staten zal zich aanpassen zolang zijn internationale concurrenten de vrijheid hebben om op de oude voet door te gaan.”

Foto: NOAA, Plastic op kust van Hawaï

Directeur Plastic Soup Foundation op nummer 19 in DDB100

Amsterdam, 3 oktober 2017 – Maria Westerbos, directeur en oprichter van de Plastic Soup Foundation, staat op nummer 19 in de DDB100 in de categorie ‘De sterke vrouwen’, de lijst van meest invloedrijke spelers in de Nederlandse filantropie. Westerbos heeft de Plastic Soup Foundation in 2011 opgericht en inmiddels uitgebouwd van een groep gedreven vrijwilligers zonder funding tot een organisatie van tien fte begin 2017. De Plastic Soup Foundation wordt gezien als een van de toonaangevende voorspraakgroepen op gebied van de plastic soup problematiek.

DDB100

Met de jaarlijkse DDB100 brengt de Dikke Blauwe mensen in beeld die op de een of andere manier maatschappelijke impact hebben gerealiseerd met geld (van anderen of van zichzelf) of baanbrekende ideeën. Daardoor zijn zij een voorbeeld voor anderen die met private initiatieven een bijdragen leveren aan het goede doel. Het is daarmee dus niet een ranglijst van grootste filantropen, maar juist van rolmodellen die maatschappelijke vrijgevigheid in Nederland verder stimuleren.

Prinses Laurentien op nummer 1

Prinses Laurentien van Oranje staat dit jaar op nummer 1. Ze wordt door de jury geprezen om ‘haar inclusieve denken’ en dat ze geen genoegen neemt ‘met hokjes, vakjes en nationale grenzen als het gaat om de aanpak van universele, humanitaire problemen.’ Zij heeft op dinsdag 3 oktober haar oorkonde in ontvangst genomen tijdens een feestelijk vernissageprogramma. Prinses Laurentien neemt het stokje over van Joop en Jeanine van den Ende die vorig jaar de ranglijst aanvoerden.

De Dikke Blauwe

De Dikke Blauwe is een jaarlijkse journalistieke uitgave voor iedereen die inspiratie en informatie zoekt in ‘Het Land van Goed Doen’. In de Nederlandse filantropie gaat jaarlijks ten minste 6 miljard euro om aan giften, nalatenschappen en sponsoring voor het goede doel.

 

Greenpeace-campagne “Coca-Cola overspoelt onze oceanen met plastic”

Amsterdam, 2 oktober 2017 – Greenpeace is een wereldwijde campagne begonnen tegen Coca-Cola. Het is hoog tijd dat de frisdrankgigant verantwoordelijkheid erkent voor zijn bijdrage aan de plastic soup en een duurzame koers gaat varen. Het grootste frisdrankenbedrijf ter wereld (500 merken, actief in meer dan 200 landen en een omzet van bijna 196 miljard dollar) produceert volgens het vandaag gepubliceerde Greenpeace rapport “Coca Cola’s plastic geheim” wereldwijd 110 miljard flesjes per jaar (of meer dan 3400 per seconde). Een deel daarvan eindigt onherroepelijk in de oceanen, waar het bijdraagt aan plastic vervuiling en dierenleed.

Coca-Cola blijft echter voortgaan op de oude weg. Winst voor aandeelhouders is belangrijker dan het tegengaan van plastic vervuiling. Het aandeel hervulbare flessen wordt steeds kleiner en de hoeveelheid hergebruikt materiaal in flessen blijft wereldwijd steken op amper 7%. Dit terwijl er al plastic flessen zijn die voor 100% van hergebruikt plastic worden gemaakt. Het bedrijf verzet zich hevig tegen de invoering van statiegeld en voert een lobby tegen invoering van strengere milieuregels.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation. “Wij steunen de oproep van Greenpeace aan Coca-Cola om de plastic wegwerpfles zo snel mogelijk uit te faseren van harte. Coca-Cola is niet alleen in grote mate verantwoordelijk voor de plastic soup, maar is een van de weinige bedrijven ter wereld die wezenlijk kan bijdragen aan de oplossing vanwege zijn marktpositie. Maar dat doet Coca-Cola niet.”

Teken hier de online petitie van de wereldwijde Greenpeace-campagne om de oceanen te beschermen tegen de plastic flesjes van Coca-Cola.