China neemt radicale maatregelen tegen plasticsoep

Amsterdam, 23 januari 2020 – De plasticvervuiling groeit China boven het hoofd. Het land dat het meeste plastic produceert én gebruikt, en ook het meeste bijdraagt aan de plasticsoep, kondigde afgelopen zondag radicale maatregelen aan. Twee jaar geleden sloot het land al de grenzen voor de import van afvalplastic om plasticvervuiling te beteugelen. De maatregelen nu zijn daarop een logisch vervolg.

De Chinese commissie voor nationale ontwikkeling en hervorming (NDRC) presenteerde 20 januari een ambitieus plan. Nog dit jaar wordt de productie en verkoop van een aantal plastic producten verboden, waaronder wegwerpbestek en wattenstaafjes. In 2022 moet het eenmalig wegwerpplastic drastisch gereduceerd zijn en eind 2022 zullen ook microplastics in verzorgingsproducten verboden zijn. Het verbod op plastic tasjes in megasteden, dat dit jaar al ingaat, moet in 2022 in heel China van kracht zijn. China stopt verder volledig met de import van plastic afval en gaat alternatieve verpakkingsmaterialen promoten.

Chinese plasticvervuiling

Het land met 1,4 miljard inwoners is de grootste gebruiker van plastic ter wereld. De Yangtze voert 1,5 miljoen ton plastic per jaar naar de zee. Dat is meer plastic dan welke andere rivier ter wereld. De schadelijke gevolgen van zwerfafval zijn immens. Zo draagt het plasticprobleem ook bij aan de slechte luchtkwaliteit omdat veel plastic in de open lucht verbrand wordt. Het overkoepelende doel van de nieuwe maatregelen is om de gigantische hoeveelheid plasticafval binnen vijf jaar drastisch te verminderen. Afgezien van reductie van productie, verkoop en gebruik, beoogt het plan ook om recycling te verbeteren en alternatieven te promoten.

Import westers plasticafval werd al aan banden gelegd

Twee jaar geleden nam China ook al een radicaal besluit. Vanaf 1 januari 2018 mocht geen afvalplastic meer geïmporteerd worden, afgezien van schone industriële reststromen. Tot dan toe verscheepten vooral westerse landen afvalplastic massaal naar China. Dat werd voor een deel alsnog gerecycled en het resterende deel werd gedumpt of verbrand. De Chinese maatregel heeft wereldwijde gevolgen. Zo verleggen de exportstromen van afvalplastic zich naar andere Zuidoost-Aziatische landen. Een wetenschappelijke studie concludeerde hierover: ‘Aangezien 89% van de exporten bestaan uit eenmalig (verpakkings)plastic voor voedsel, zijn robuuste nieuwe concepten nodig om plasticgebruik te reduceren, producten opnieuw te ontwerpen en recycling in eigen land te bevorderen.’

Maleisië stuurt containers afvalplastic terug

Maleisië is een van de landen die te maken hebben met toenemende import van plasticafval omdat China als bestemming wegviel. Het land stuurt containers terug. Sinds afgelopen zomer zijn dat er 150, naar in totaal dertien landen, waaronder de Verenigde Staten en Canada. Eerder deze week gingen nog 42 containers retour naar het Verenigd Koninkrijk. ‘Wat onder het mom van recycling naar ons wordt verscheept, wordt in werkelijkheid bij ons gedumpt’, aldus milieuminister Yeo Bee Yin van Maleisië. De Chinese importstop wordt feitelijk overgenomen door andere landen in de regio en dwingt westerse landen om verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen plastic afval.

Foto Paolo Salom, overstroomde straat in Shantou, Guangdong

Lees ook – Schimmige bestemmingen van ingezameld afvalplastic 

Lees ook – Wat gaan we doen met ons afvalplastic?

Patagonia

Maak producenten verantwoordelijk voor vervuiling van water door microplastics

Amsterdam, 22 januari 2020 – Om water te zuiveren van microplastics en microverontreinigingen zijn miljarden euro’s nodig. Worden die kosten straks doorberekend aan de consument? De Europese waterbedrijven bepleiten dat EU-regelgeving strenger moet worden toegepast, dat vervuilende producenten verantwoordelijk worden gehouden en voor die kosten opdraaien.

‘Consumenten mogen de rekening niet gepresenteerd krijgen, want zij zijn niet schuldig aan de vervuiling. Om schoon water voor iedereen betaalbaar te houden, moeten de kosten bij de verantwoordelijke bedrijven worden gelegd via uitgebreide producentenverantwoordelijkheid.’ Dit is de belangrijkste conclusie van het adviesbureau Deloitte aan de EurEau, de Europese Federatie van nationale koepelorganisaties in de water- en afvalwatersector. Het deze maand uitgebrachte advies baseert zich op twee principes; het voorzorgprincipe en het principe dat de vervuiler betaalt.

Voorzorgprincipe

Er zijn nu geen restricties voor plastic producten die bijdragen aan de vervuiling. Er is onvoldoende controle op wat wel en niet verkocht mag worden. Het gevolg is dat mensen en alle andere levende organismen voortdurend aan onwenselijke zaken worden blootgesteld. Er moet om die reden snel en corrigerend opgetreden worden, aldus Deloitte, en dat kan op basis van het voorzorgprincipe. Dit principe stelt dat ingrijpen door de overheid gerechtvaardigd is bij (dreigende) onomkeerbare milieuschade. Om te voorkomen dat onze wateren verder vervuilen, acht Deloitte aanpak van de vervuiling bij de bron van essentieel belang.

Vervuiler betaalt-principe

Het principe dat de vervuiler betaalt, moet via uitgebreide producentenverantwoordelijkheid toegepast worden. De juridische basis hiervoor is er. Het principe dat de vervuiler betaalt, is namelijk onderdeel van het verdrag van de Europese Unie, de Treaty on the Functioning of the European Union (TFEU, art. 191.2), en ook van de Kaderrichtlijn Water. Het probleem is dat dit principe in de praktijk (nog) niet wordt toegepast.

Bijvoorbeeld synthetisch textiel

Waterzuiveringsinstallaties hebben te maken met miljarden en nog eens miljarden microvezels die afkomstig zijn van het machinaal wassen van synthetisch textiel. Om dit vezelverlies te voorkomen wordt aanpak bij de bron bepleit. Waar moeten we volgens het rapport aan denken? Op dit moment bestaat er geen verplichting om op labels voor kleding informatie te verstrekken over potentieel schadelijke stoffen of het loslaten van microplastics. Hier zou een informatieplicht voor producenten kunnen worden ingevoerd. Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid kan ook vorm krijgen door de verplichte inname van afgedankte kleding. Of synthetische kleding kan duurder gemaakt worden ten opzichte van kleding die gemaakt is van natuurlijke vezels om installeren van filters die microvezels in wasmachines afvangen te financieren.

Klik hier voor het Deloitte-rapport Study on the feasibility of applying extended producer responsibility to micropollutants and microplastics emitted in the aquatic environment from products during their life cycle.

Lees ook – Kraanwater wereldwijd vervuild met microvezels

Overheid bergt gezonken afval containerramp MS Zoe niet langer

Overheid laat gezonken afval containerramp MSC Zoe op bodem liggen

Overheid bergt gezonken afval containerramp MS Zoe niet langer

Amsterdam, 21 januari 2020 – De rijksoverheid stopte vorig jaar met het bergen van afval afkomstig van de MSC Zoe. Het is ruim een jaar geleden dat 342 containers overboord sloegen. Deze waren overwegend gevuld met spotgoedkope plastic prularia uit Aziatische landen. Wat niet is geborgen, spoelt alsnog aan of ligt verspreid op de bodem van de zee.

De meeste lading zakt naar de zeebodem, en dat is veel lastiger opruimen dan op stranden. Wat nog op de zeebodem ligt, is volgens minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (VVD) zo verspreid dat met het opruimen daarvan te hoge (milieu)kosten gemoeid zijn. De overheid houdt het actief opruimen van het afval daarom voor gezien. Ze hoopt op bijvangst van vissers in het kader van Fishing for Litter.

Brief aan de Kamer

Eind vorig jaar lichtte minister Van Nieuwenhuizen de Tweede Kamer in over de stand van zaken. Haar Kamerbrief doet verslag van de bergingsactiviteiten. Tot 1 november was 2,4 miljoen kilo van de MSC Zoe geborgen. De totale lading die overboord sloeg bedroeg 3,2 miljoen kilo. In totaal zijn er 1800 bergingen op zee geweest die bij elkaar 35 miljoen euro hebben gekost. Het valt moeilijk te bepalen hoeveel niet geborgen is, omdat bij het opruimen niet alles geteld en gewogen werd. In elk geval is een veertigtal containers nooit teruggevonden.

Afval hoopt zich rond wrakken op

Volgens de minister moet het afval vanaf nu passief opgehaald worden als bijvangst door vissers in het kader van Fishing for Litter. Dit is een al jaren lopend initiatief waarbij vissers opgevist afval apart houden om vervolgens in hun thuishaven in te leveren. Veel afval hoopt zich echter op rond scheepswrakken en die worden door vissersboten juist vermeden. Het is namelijk levensgevaarlijk wanneer hun netten achter die wrakken blijven haken.

In de nabijheid zeven wrakken ten noorden van de Waddeneilanden trof Stichting Duik de Noordzee Schoon afgelopen september ernstige vervuiling aan. Ben Stiefelhagen, een van de duikers: ‘we vonden donsjacks, sportschoenen, badjassen, handdoeken en elektrische voetenbadjes. Onze grootste vondst betrof twee grote elektrische speelgoedauto’s van erg dik, felgekleurd kunststof, compleet met bedrading en accu’s’. De duikers borgen samen 2500 kilo aan afval en netten geborgen, waarvan 500 kilo afkomstig was van de MSC Zoe. Volgens de stichting kunnen duikers het MSC Zoe-afval rond de wrakken daarom goed bergen. Maar de minister acht de kosten te hoog.

Goede Milieutoestand

De Kaderrichtlijn Mariene Strategie verplicht lidstaten van de Europese Unie om uiterlijk dit kalenderjaar ‘een Goede Milieutoestand’ van hun kustwateren te bereiken door het treffen van de nodige maatregelen. Vermindering van de hoeveelheid zwerfvuil is een van de doelen voor het Nederlandse deel van de Noordzee. Om dit te realiseren heeft Nederland maatregelen genomen. Maar geen van die maatregelen houdt rekening met het overboord slaan van containers vol producten van plastic en een blijvend kerkhof van afval op de bodem van de zee.

Standpunt Plastic Soup Foundation

De PSF vindt dat het bergen van afval van de MSC Zoe niet mag stoppen. Dit kan onder meer door de rekening van komende duikoperaties bij de rederij van de MSC Zoe neer te leggen. De overheid moet vooral voorkomen dat een dergelijk incident opnieuw kan plaatsvinden, bijvoorbeeld door een verbod op vaarrouter door relatief ondiep water en meer in het algemeen aan het stellen van eisen aan de import van goedkope plastic rommel.

Foto: Stichting Duik de Noordzee Schoon


Lees ook – Lessen uit containerramp Waddenzee

Lees ook – Grootschalig verlies van pellets op zee blijft nog zonder sancties

Pleidooi voor landelijk verbod op plastic confetti tijdens carnaval

Amsterdam, 20 januari 2020 – Plastic confetti draagt bij aan de plasticsoep met carnaval als jaarlijks dieptepunt. Partypoppers en confetti-kanonnen schieten dan duizenden stukjes plastic de lucht in. Overheden doen weinig tot niets aan deze vorm van plasticvervuiling, terwijl je de gekleurde snippers nog maanden later tegenkomt. Afgaande op de Optochtenkalender valt het confettibombardement dit jaar op 22 februari.

Elk jaar laat het volksfeest kilo’s plastic achter op straat. Behalve confetti zijn dat onder meer ballonnen, plastic drinkbekers en rietjes. Het plastic verwaait of stroomt weg richting zee. De Belgische kunstenaar en activist Toon Eerdekens stoort zich al jaren aan de collectieve onverschilligheid en spreekt gemeenten erop aan. Plastic Soup Foundation sprak met hem. ‘Een simpel uitstrooireglement kan per stoet tienduizenden stuks plastic in het milieu voorkomen.’

Eerdekens aan het woord

‘Er is bij ons in België geen enkele gemeente met een uitstrooireglement dat wegwerpplastic tijdens carnaval verbiedt. Geen reglement, geen richtlijn, geen controle, geen handhaving, geen bewustwording, er is helemaal niets. Bestuurders hebben geen enkel idee wat er allemaal wordt uitgestrooid en bijdraagt aan de plasticsoep. Maar ze faciliteren het carnaval wel, ook financieel. Er wordt in de praktijk werkelijk van alles weggegooid, van verpakte snoepjes tot plastic fluitjes en Chinese plastic wegwerpprullen. De plastic confetti en al die andere plastic rommel vallen eenvoudigweg niet op te ruimen. Alles kan en mag gewoon. Gemeenten ruimen weliswaar op, maar dat maakt de wegwerpgekte niet goed. Nog weken na de stoeten vinden we het afval terug in bermen en rioolputjes. Ik maakte een video van de plastic troep die ik in de dagen na de carnavalsstoet aantrof in een aantal gemeenten.’

Maatregelen

Gemeentes ontkennen niet dat dit een probleem is, maar de meeste stellen zich passief op. Een enkele gemeente neemt wel maatregelen. Het meest voor de hand liggend is om in de evenementenvergunning voorschriften op te nemen over wegwerp-plastic, zoals een verbod op plastic confetti op straat. Je kunt bijvoorbeeld bepalen dat alleen afbreekbaar papieren confetti is toegestaan. En vóór de optocht begint, zou je de carnavalswagens kunnen laten controleren door buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s). Amsterdam is zo’n uitzondering. In deze stad mogen vanaf dit jaar geen plastic confetti, rietjes en wegwerpbekers op festivals gebruikt worden. In heel veel andere steden wordt echter nog niets gedaan. Eerdekens: ‘Ook Brussel heeft sinds vorig jaar een reglement tegen werpplastic tijdens evenementen dat perfect kan dienen voor een duurzaam carnaval, maar dan moet er wel gehandhaafd worden.’

De Belgische gemeente Hasselt weigert halsstarrig

Eerdekens heeft de Belgische gemeente Hasselt verzocht om maatregelen te nemen, nadat hij ook in deze plaats, die zich als duurzaam afficheert, buitengewoon veel afval aantrof. De gemeente erkent het probleem van de plasticvervuiling, maar antwoordde hem: ‘Het gooien van snoepgoed en confetti tijdens de carnavalstoet is in onze streek een jarenlange traditie die we niet dadelijk willen afschaffen omdat het een onderdeel is van de beleving van dit evenement’. Eerdekens: ‘Weinig gemeenten zullen zo openlijk zeggen dat ze niet bereid zijn iets tegen het probleem te doen. Ik heb daarom bij de Raad van State in België een ‘verzoekschrift tot nietigverklaring’ van deze beslissing ingediend en wacht tot het in behandeling wordt genomen. Hasselt overtreedt hier bewust haar eigen zwerfvuil-wetgeving, negeert haar eigen duurzaamheidsdoelen en geeft haar jeugd een schandelijk voorbeeld van hoe het niet moet.’

Landelijk verbod

Wanneer de ene stad maatregelen treft en de andere niet, ontstaat er echter onduidelijkheid. Het is dan ook veel logischer dit probleem niet aan gemeenten over te laten, maar het in de wet- en regelgeving op te nemen. In Nederland wordt de minister daarom in een petitie opgeroepen om ‘een verbod in te stellen op de verkoop van plastic confetti en serpentine en (feest-)artikelen die plastic snippers bevatten’. De Plastic Soup Foundation roept iedereen op deze petitie te tekenen.

Europees beleid

Een landelijk verbod op de verkoop van plastic confetti en serpentine en (feest)artikelen die plastic snippers bevatten, ligt volledig in de lijn met het Europese beleid dat erop gericht is om wegwerp plastic uit het milieu te houden.

Foto van Toon Eerkens genomen in Bilzen na carnaval.


Lees ook – Oproep aan Kabinet: verbied plastic confetti

 

Plastic Soup Foundation zet eerste juridische stappen tegen structurele plasticvervuiling

AMSTERDAM, 16 januari 2020 – De naar schatting 24 miljoen plastickorrels die uit de lading van de MSC Zoe op de Nederlandse kust zijn aangespoeld, vormen een fractie van de onvoorstelbare hoeveelheden korrels die dag in dag uit door de plasticindustrie in het milieu worden ‘gemorst’. Elk jaar belanden in de Europese Unie ruim 8 biljoen van dit soort microplastics in de natuur, ofwel 23 miljard per dag.

Plastic Soup Foundation maakt zich grote zorgen over de gevolgen voor mens, dier en milieu. Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Als je de omvang van verspilde korrels in Europa nog enigszins wilt behappen, moet je het omrekenen naar per seconde. Dan heb je het over ruim 265.000 korrels per seconde. Dat is een hele stevige hagelbui van plastic!’

Sterk vervuilde locaties in Rotterdam, Limburg en Antwerpen

Onderzoekers van de Plastic Soup Foundation, Michiel Princen en Robert Möhring, gingen in het afgelopen half jaar langs de fabrieken van grote internationale plasticproducenten op het industrieterrein Chemelot in Zuid-Limburg, in de haven van Rotterdam en in de haven van Antwerpen. De laatste is het grootste knooppunt van plasticproductie in Europa. Op deze locaties zijn producenten gevestigd als Sabic, Ineos, BASF, Borealis, Covestro en Ducor Petrochemicals. De enorme aantallen vers geproduceerde korrels die door de onderzoekers werden aangetroffen, zijn steeds op beeld vastgelegd. Monsters zijn als bewijs meegenomen. ‘We liepen meermaals over een tapijt van plastickorrels’, aldus Princen.

De onderzoekers concluderen dat de vervuiling door plasticproducenten in Nederland en Vlaanderen in het productieproces totaal ontspoord is. ‘De vrijwillige gedragscode van de plasticindustrie, Ocean Clean Sweep, is vrijblijvend en volstrekt niet toereikend om dit probleem op te lossen’, zegt Princen. ‘De grootschalige en structurele omvang van de vervuiling duidt erop dat toezicht en effectieve handhaving al lange tijd ontbreken. Bestaande milieuwetten worden onvoldoende toegepast om de lekkage van plastickorrels naar het milieu aan te pakken en te voorkomen.’

Handhavingsverzoek

De Plastic Soup Foundation heeft deze week daarom als eerste in Europa juridische stappen gezet om deze vorm van vervuiling te stoppen. Via milieuadvocaten Rogier Hörchner en Faton Bajrami is een handhavingsverzoek ingediend bij DCMR, de gezamenlijke milieudienst van de provincie Zuid-Holland en vijftien gemeenten in de regio Rijnmond. Het verzoek heeft onder andere als doel om de Rotterdamse plasticproducent Ducor Petrochemicals te dwingen de omgeving van het bedrijfsterrein schoon te maken en te houden. Op oevers in de directe nabijheid van Ducor Petrochemicals liggen vele tientallen miljoenen korrels.

Omdat ongeveer de helft van de geproduceerde plasticsoorten niet in water blijft drijven, is in het handhavingsverzoek ook gevraagd om het rivierslib van de Rotterdamse haven te onderzoeken op plasticvervuiling.

‘Dit is pas het eerste in een reeks van beoogde handhavingsverzoeken. We zullen dit vaker gaan doen en desnoods via de rechter afdwingen dat de overheid haar werk gaat doen,’ aldus Westerbos. ‘Maar we beginnen met Rotterdam, de locatie het dichtst bij onze eigen Noordzee.’

Ducor en DCMR zijn overigens al langer op de hoogte van de plastic lekkage. Er is tot op heden nog niets opgeruimd en zelfs bij de poort van het bedrijf gaat het al mis.

Een stille ramp

De gevolgen van de vervuiling blijven niet beperkt tot de productielocaties. Via doorgaande wegen, het rioolstelsel en rivieren verspreiden de plastickorrels zich als een olievlek over zeeën en oceanen, waar opruimen ondoenlijk is. ‘Wereldwijd spoelen ze met miljoenen aan op oevers en stranden. Dat is de stille ramp die gaande is’, aldus Westerbos. Vogels en zeedieren die deze korrels voor voedsel aanzien, krijgen interne verwondingen, groeien langzamer en sterven zelfs de hongerdood omdat hun maag al is gevuld met plastic. Tevens is aangetoond dat de korrels chemicaliën aantrekken waardoor ze een giftige pil vormen voor de dieren die ze eten. Na verloop van tijd fragmenteren de korrels tot nog kleinere microplastics en eindigen in ons drinkwater, ons eten en de lucht die we inademen. Met alle mogelijke gevolgen voor onze menselijke gezondheid.

Ook plastic in Natura 2000-gebieden

Uit eerder onderzoek in het kader van het Schone Rivieren-project, waarin Plastic Soup Foundation participeert, bleek dat op bijna de helft van de meer dan 200 meetlocaties langs Maas en Waal plastickorrels zijn gevonden. Aanvullend onderzoek toont aan dat de oevers van de Westerschelde en de Grensmaas, beschermde Natura 2000-gebieden, zijn bezaaid met duizenden plastickorrels per vierkante meter. In Zeeland zijn op de oevers van de Westerschelde overal sporen van de vele plasticproducenten in de Antwerpse haven gevonden.

Westerbos: ‘Ik roep de Europese Commissie op om deze natuurgebieden daadwerkelijk te gaan beschermen conform de Europese Habitatrichtlijn. Het is definitief afgelopen met ons vertrouwen dat de industrie dit zelf goed zal oplossen. Er zijn duidelijke regels nodig vanuit de overheid met harde consequenties.’

Amerikaanse plasticindustrie veroordeeld

Ook in Amerika hebben organisaties zoals Plastic Soup Foundation én particulieren een juridische weg bewandeld, en met succes. In 2019 zijn een plasticfabrikant en een grote distributeur aangeklaagd wegens grootschalige vervuiling met plastickorrels: Formosa Plastics in Texas en Frontier Logistics in South Carolina.

In Texas was het Diane Wilson, een gepensioneerde garnalenvisser, die haar omgeving steeds verder vervuild zag raken met plastickorrels en daarvan structureel bewijs verzamelde. Ze stapte naar de rechter en is in 2019 volledig in het gelijk gesteld. Formosa Plastics werd in het vonnis betiteld als ‘serial offender’. De fabrikant heeft ingestemd met een schikking van vijftig miljoen dollar wegens het jarenlang illegaal dumpen van miljarden plastickorrels in Lavaca Bay en andere waterwegen.

Daarnaast heeft het bedrijf een zogenaamde ‘zero discharge’-belofte gedaan: het zal in de toekomst geen enkele nurdle uit het productieproces naar het milieu laten lekken en bovendien alle veroorzaakte vervuiling opruimen.

Plastic Soup Foundation hoopt op soortgelijke resultaten in Nederland en de rest van Europa en werkt daartoe samen met Break Free From Plastic en The Great Nurdle Hunt.
.


Duiding

De plastic korrels, ook wel nurdles genoemd, zijn korrels kunststofgranulaat: een halffabricaat dat gebruikt wordt voor de fabricage van allerlei soorten plastic producten, van tandenborstels tot frisdrankflessen. De korrels zijn spotgoedkoop. Dat is een reden waarom de plasticindustrie zo slordig omgaat met het transport en de overslag ervan. Bovendien zijn individuele korrels klein en licht: bedrijfsprocessen moeten daarom waterdicht zijn. De enige aanpak is een 100% sluitende bronaanpak.

Een rapport van brancheorganisatie Plastics Europe en de Antwerpse haven is veelzeggend voor een indruk van de gemorste hoeveelheden. Hieruit blijkt dat het havenbedrijf in de loop van 2018 op slechts vijf verschillende hotspots liefst 3,3 ton aan plastickorrels heeft opgeruimd. Aangezien er 50.000 korrels in een kilo gaan, waren dat dus alleen op die vijf plekken al 165 miljoen opgeruimde korrels, ofwel zeven keer zoveel als de aangespoelde hoeveelheid uit de MSC Zoe.

Meer informatie

Meer informatie over de onderzochte locaties en beeldmateriaal van de aangetroffen vervuiling is hieronder te bekijken.

Londen heeft hoogst gemeten concentratie microplastics in de lucht

Amsterdam, 10 januari 2020 – Nergens zijn zoveel microplastics in de lucht gemeten als in Londen. De overgrote meerderheid van die microplastics (92%) zijn vezels afkomstig van synthetische kleding en vloerbedekking. Microplastics in de lucht zijn onderdeel van fijnstof. Het inademen van fijnstof kan leiden tot allerlei gezondheidsklachten.

Gedurende een maand werden twee keer per week uit de lucht neergedaalde microplastics geteld op het dak van een negen verdiepingen hoog gebouw. Elk afzonderlijke monster bevatte meer microplastics dan in Parijs en de Chinese stad Dongguan gemeten werd. Londenzelf is waarschijnlijk de bron van de microplastics met een uitwaaierend effect op de wijde omgeving, maar het is moeilijk om precies aan te geven waar de minuscuul kleine vezelsvandaan komen. De studie verscheen eind vorig jaar in het wetenschappelijk tijdschrift Environment International.

Microvezels

Microplastics ontstaan door fragmentatie van plastic. Opmerkelijk is het hoge percentage vezels dat in Londen gemeten werd. Deze microvezels komen vrij als synthetisch textiel en tapijten slijten of worden gewassen. Er werden in Londen twintig keer zoveel microplastics gemeten van eenzelfde grootte als op een afgelegen plek in de Pyreneeën. Verder constateerden de onderzoekers dat weersomstandigheden weinig invloed hebben op de hoeveelheid neergedaalde microplastics, terwijl een studie over fallout van microplastics in Parijs leek te wijzen op een verband met regenachtig weer.

Aandeel microplastics in fijnstof

Een hoge concentratie fijnstof leidt tot allerlei gezondheidsklachten. In de studie wordt opgemerkt dat er daarom wereldwijd initiatieven worden genomen om fijnstof afkomstig van verkeer of het verbranden van hout te reduceren. Maar er zijn nauwelijks of geen initiatieven gericht op het verminderen van microplastics in de lucht.

Door de jaarlijkse groei van plasticgebruik en met name van synthetisch textiel zal de samenstelling van het fijnstof veranderen; het aandeel microplastics zal toenemen. De onderzoekers bepleiten meer basisonderzoek naar de aanwezigheid van microplastics in de lucht en de blootstelling van mensen. Die kennis in onontbeerlijk om beter te kunnen begrijpen wat de mogelijke rol van microplastics is met betrekking tot gezondheidsklachten die met fijnstof in verband worden gebracht. Bekijk bijvoorbeeld de presentatie van Fransienvan Dijk tijdens de Plastic Health Summit vorig jaar oktober.

Het onderzoek in Londen werd geleid door Dr. Stephanie Wright van King’s College. Ook zijwas een spreker op de Plastic Health Summit. Wright: ‘An important next step in predicting risk is to estimate human exposure to airborne microplastics’.

 

Lees ook – Worden we ziek van plastic? Sterke afname in groei luchtwegen

Lees ook – Het regent microplastics, overal en elke dag

Lees ook – Fallout van plastic microvezels

Brandend plastic maakt megabranden nóg giftiger

Amsterdam, 07 januari 2020 – De gezondheidsrisico’s van megabranden zoals die in Australië, worden nog vergroot door de giftige stoffen die vrijkomen van brandend plastic. De schadelijke deeltjes in de lucht zijn voor de inwoners amper te vermijden, zelfs voor wie binnenblijft, want de branden veroorzaken rookpluimen en smogdekensdie de steden bedekken.

Het verbranden van organisch materiaal zoals hout leidt tot een verhoogde concentratie fijnstof in de lucht. Regelmatig komt verslechterde luchtkwaliteit als gevolg van branden in het nieuws. Vorig jaar bijvoorbeeld was de Groningse lucht vanwege Duitse paasvuren tijdelijk vijf keer zo slecht. In India zijn het elk jaar de boeren die massaal hun velden afbranden na de rijstoogst. Daardoor staat New Delhi te boek van de vervuildste steden ter wereld.

Huizen vol plastic

Wanneer door hitte, droogte, harde wind en gebrek aan mankracht en materieel branden niet meer te bestrijden zijn, zoals in Australië nu het geval is, gaan niet alleen bossen, maar ook talloze huizen in vlammen op. Die huizen zitten vol plastic: matrassen, meubels, vloerbedekking, isolatiemateriaal, elektronica en een hele rits gebruiksvoorwerpen. De gassen en stoffen van brandend plastic zijn giftig en kankerverwekkend. De brandweer adviseert met klem: blijf uit de rook. Maar soms is dat advies niet op te volgen. De megabranden zijn allang geen incidenten meer. Van Siberië tot de Amazone staan jaarlijks bossen in brand.

Tien sigaretten per dag

Hoe hoger de concentratie rook, hoe groter de kans op schadelijke effecten als brandende ogen en geïrriteerde luchtwegen. De Australische dienst die de luchtkwaliteit beoordeelt, vergelijkt het inademen van de lucht met het dagelijks roken van tien sigaretten, tegenover een halve sigaret onder normale omstandigheden. De lucht van Sydney is op dit momentongezonder dan die van New Delhi!

Foto: Luchtvervuiling in Sydney, pedestrian.tv

Lees ook – Worden we ziek van verbrand plastic?

Plastic Soup Foundation steunt oproep vuurwerkverbod

Amsterdam, 6 januari 2020. Onderbelicht in de vuurwerkdiscussie is de hoeveelheid plastic die na het feest achterblijft in het milieu. De meeste mensen zullen zich niet realiseren dat het afsteken van vuurwerk direct bijdraagt aan de plasticsoep! Het gaat om de houdertjes waarin de rotjes staan, het plastic dat uiteengereten wordt en de achtergelaten verpakkingen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) constateerde al in 2014 in een rapport dat het plastic van vuurwerk bijdraagt aan microplastics in zee. Nog datzelfde jaar werd in de Tweede Kamer een motie aangenomen om alle bronnen van microplastics aan te pakken. De regering deed echter niets aan het vuurwerk tot eind vorig jaar opnieuw een motie werd aangenomen. Mede naar aanleiding van Europees beleid om plastic in het milieu terug te dringen, wordt de regering daarin verzocht ‘om te onderzoeken hoe samen met de vuurwerk-branche het gebruik van plastic in vuurwerk en het aanbieden van vuurwerk waarin plastic is verwerkt kan worden tegengegaan.’

Steeds krachtiger roep om verbod op vuurwerk  

De overheid bepleit dat er geen plastic in het milieu mag komen, maar staat nog toe dat dit met de jaarwisseling wel degelijk gebeurt. Ondertussen buitelen de pleidooien om vuurwerk aan banden te leggen over elkaar heen. Ze lopen uiteen van een volledig verbod op consumentenvuurwerk tot het alleen verbieden van de zwaarste categorie knallers. Het Nationaal Vuurwerkmanifest bepleit een verbod en is door meer dan een kwart miljoen particulieren en organisaties ondertekend. Vrijwel alle relevante beroepsgroepen — van oogchirurgen tot hulpverleners en burgemeesters — spreken zich uit voor een verbod. De politieke druk is daarmee zo groot geworden dat partijen die traditioneel tegen een verbod zijn (VVD, CDA) niet langer lijken vast te houden aan hun standpunt.

Gesprek met vuurwerkbranche

Het door de Kamer afgedwongen gesprek van de minister met de vuurwerkbranche moet ertoe leiden dat er minder plastic in vuurwerk verwerkt wordt. Maar heeft het zin om gebruik van minder plastic te bespreken in vuurwerk dat straks waarschijnlijk verboden is? Het gesprek zal daarom moeten gaan om het tegengaan van al het plastic, dus ook in siervuurwerk, dat straks alleen nog door professionals gecontroleerd mag worden afgestoken.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Wij wensen iedereen een voorspoedig 2020 en toekomstige jaarwisselingen zonder plasticvervuiling. We steunen de maatschappelijke oproep tot een verbod op alle consumentenvuurwerk van harte.’

Teken hier het Nationaal Vuurwerkmanifest

Lees ook – Pleidooi voor verbod vuurwerk

Lees ook – Milieuminister in gesprek met vuurwerkbranche over plastic

‘Verborgen plastic’ is een onderschat probleem

Amsterdam, 30 december 2019 – In veel producten zit plastic verwerkt dat niet of nauwelijks zichtbaar is. Studenten aan de Universiteit van Amsterdam deden in opdracht van Plastic Soup Foundation onderzoek naar ‘verborgen plastic’ en de gevolgen ervan. Verborgen plastic is vaak niet recyclebaar en het bedrijfsleven wil er liever niet over praten. Consumenten blijken nauwelijks op de hoogte van het probleem en kunnen hun koopgedrag er ook niet op aanpassen.

Directe aanleiding voor het onderzoek is het Plastic Pact dat 75 bedrijven in januari 2019 met de overheid hebben gesloten. Doel van het Plastic Pact is dat er in 2024 twintig procent minder plastic wordt gebruikt dan in 2017. Ook moet dan al het plastic recylebaar zijn. In het Plastic Pact staat echter niets over dat zogenaamde verborgen plastic, terwijl het recycling vaak bemoeilijkt. Het kortlopende UvA-onderzoek bracht deze problematiek in beeld.

Vijf categorieën

De studenten onderscheiden vijf categorieën verborgen plastic:

  • Plastic dat op het label vermeld staat, maar als zodanig niet herkenbaar is (t-shirts van polyester, verzorgingsproducten met microplastics);
  • Beschermingsplastic (magazijnkarren gewikkeld in plasticfolie, bubbeltjesplastic als verpakkingsmateriaal);
  • Plastic waarvan ook de producent zich niet bewust is (zoals met microplastics vervuild tafelzout en mosselen);
  • Plastic dat de consument tijdens het kopen niet kan zien (koekjes verpakt in plastic worden verkocht in een kartonnen doos);
  • Plastic dat de consument niet aan het product kan herkennen (theezakjes, aluminium blikjes met plastic beschermingslaagje tegen corrosie, plastic in sigarettenfilters en kauwgom).

Het gaat vaak om samengestelde materialen. Denk aan de drankkartons. Daarbij is het nu weliswaar technisch mogelijk is om het plastic laagje aan de binnenkant van het karton te scheiden, maar niet om dát plastic te recyclen. In de praktijk vormen verborgen plastics daardoor een barrière voor recycling en wordt het streven naar de circulaire economie, een van de belangrijkste doelen van het Plastic Pact, eerder belemmerd dan bevorderd. Het betreft hier een belangrijk aspect van ons plasticgebruik.

Bedrijven geven niet thuis

De studenten wilden ondertekenaars van het Plastic Pact – alle grote supermarktketens en een aantal producenten zoals frisdrankfabrikanten – interviewen, maar geen enkele aanvraag werd gehonoreerd. Alleen Ekoplaza wilde hen te woord staan. Daaruit trekken ze de conclusie dat er nog weinig behoefte is om aandacht te besteden aan dit specifieke onderwerp.

Betere voorlichting

Uit een enquête onder medestudenten bleek dat de meeste consumenten zich niet verantwoordelijk voelen voor vermindering van het plasticgebruik. Ze vinden die verantwoordelijkheid eerder bij de producenten en de overheid liggen. Ook bleek het voor consumenten nauwelijks mogelijk om hun koopgedrag aan te passen zolang ze niet weten in welke producten plastic verborgen zit. Een van de conclusies uit het onderzoek is daarom dat consumenten beter voorgelicht moeten worden over verborgen plastic. De overheid zou producenten verplicht kunnen stellen om altijd aan te geven wanneer er plastic in hun producten verwerkt is. Een dergelijke verplichting bestaat nu niet, en ook ontbreekt het als doel in het Plastic Pact.

Foto: Sascha Regmann

Lees ook – Papieren theezakjes bijna altijd van plastic

Lees ook – Plastic in drankblikjes zet statiegelddebat op scherp

Lees ook – Tafelzout vervuild met microplastics

Lees ook – ‘Plastic Pact is marketingstunt’

Lees ook – Kauwgom is kauwplastic

Baanbrekende uitspraak in vonnis over rubber kunstgraskorrels

Amsterdam, 22 december 2019 – Beheerders van sportvelden zijn verantwoordelijk voor het rubbergranulaat dat buiten de kunstgrasvelden aangetroffen wordt. Deze baanbrekende uitspraak van de rechtbank in Rotterdam kan de toepassing van rubberkorreltjes op kunstgras in binnen én buitenland aan banden leggen, omdat het praktisch onmogelijk is om te voorkomen dat ze buiten de velden terechtkomen. De officier van justitie verklaarde dat meer strafzaken volgen.

Afgedankte autobanden eindigen als rubberkorrels op kunstgrasvelden. Die korrels blijven niet allemaal op de velden liggen en komen via afwatering in het oppervlaktewater terecht. Uitgaande van 1.800 kunstgras-sportvelden in Nederland, belandt jaarlijks 720.000 kilo in het milieu, wel 400 kilo per sportveld. Die ‘ontsnapte’ korrels worden weer bijgevuld. Door uitloging komen zware metalen en chemicaliën in de bodem terecht. Metalen als zink en kobalt zijn schadelijk voor het bodemleven. Ook fragmenteren de korrels tot microplastics.

Gang naar de rechter loont

Recycling Netwerk Benelux deed aangifte in 2017 omdat zware metalen die in het rubbergranulaat aanwezig zijn, naar het milieu lekken. Met name de normen voor zink worden overschreden of zullen dat in de loop van de tijd doen. De klacht over grootschalige milieuovertredingen met afval van autobanden, leidde tot de strafzaak tegen Sportaal, het sportbedrijf van de gemeente Enschede. De rechter oordeelde dat er sprake is van overtreding van artikel 13 van de Wet Bodembescherming en legde een boete op van 10.000 Euro. Lees hier een samenvatting van de hoorzitting.

Zorgplicht kan niet worden nagekomen

De zorgplicht om bodemverontreiniging te voorkomen was door Sportaal niet nagekomen. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) adviseerde eerder om maatregelen te nemen om verspreiding van de korrels tegen te gaan. Recentelijk bracht de Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek (BSNC) nog een nieuw zorgplichtdocument uit met aanbevelingen voor maatregelen die beheerders van sportvelden kunnen nemen. Blijven maatregelen uit dan vreest BSNC een verbod van het rubbergranulaat.

In de praktijk blijkt het echter vrijwel onmogelijk om verspreiding van de korrels buiten de velden te voorkomen. De belangrijkste oorzaak is dat sporters de korrels uit het veld lopen. Volgens bericht in de NRC is er ook nauwelijks toezicht op de genomen maatregelen; van handhaving op de zorgplicht is geen sprake.

Rechterlijke uitspraak schept precedent

Tijdens het justitieel onderzoek werden korrels aangetroffen tot vijftien meter van de velden en zagen controleurs van de politie dat Sportaal geen maatregelen had getroffen om verspreiding te voorkomen. Vermenging van rubbergranulaat met de bodem werd geconstateerd. De rechter oordeelde dat de plicht om bodemvervuiling te voorkomen niet is nagekomen. Dit schept een belangwekkend precedent, want het probleem doet zich ook elders voor. Wanneer bijvoorbeeld ook polyvlokken in paardenbakken of plastic nurdles van de plasticindustrie op vergelijkbare wijze beoordeeld zullen worden, betekent dat grote winst voor het milieu.

Foto: recyclingnetwerk.org

Lees ook – Polyvlokken: paardenbakken vol plastic

Lees ook – Europa wil schone en veilige kunstgras velden

Lees ook – Kunstgras korrels: een kwestie van normen en fatsoen