,

Aldi breidt samenwerking met Plastic Soup Foundation uit

CULEMBORG, 4 oktober 2018 – Vanaf komende maandag 8 oktober ligt een nieuwe herbruikbare boodschappentas in de supermarkten van Aldi, die voor tachtig procent gemaakt is van gerecycled materiaal. Vorig jaar maakte Aldi bekend volledig te stoppen met de verkoop van eenmalige plastic tassen. Vanaf eind dit jaar zullen alleen nog maar herbruikbare tassen bij Aldi verkrijgbaar zijn. Met de uitfasering van de eenmalige tasjes bespaart Aldi jaarlijks 200.000 kilo plastic. De nieuwe boodschappentas kost 45 cent, heeft een inhoud van 38 liter en een draagkracht van 15 kilo.

 

Plastic Soup week
De introductie van de nieuwe herbruikbare boodschappentas valt samen met de Plastic Soup week van de discountketen. Samen met de Plastic Soup Foundation is een speciale lunchbox ontwikkeld, gemaakt van bamboe en mais, die ook vanaf komende maandag in de Aldi ligt. Per verkocht exemplaar gaat 50 cent naar de Plastic Soup Foundation. Bovendien ontvangen klanten bij aankoop van een lunchbox een speciale Kidsweek die volledig in het teken staat van de plasticsoep. De introductie van de herbruikbare boodschappentas en de lunchbox is onderdeel van een steeds intensievere samenwerking tussen de Plastic Soup Foundation en Aldi Nederland.

Educatieprogramma
Eerder dit jaar heeft de Plastic Soup Foundation een educatieprogramma ontwikkeld voor basisscholen dat mogelijk werd gemaakt door de financiële steun van de Aldi. “Wij zijn er erg trots op dat al meer dan 1250 scholen dit lespakket hebben aangevraagd. We willen dat toekomstige generaties kunnen leven in een schone en gezonde omgeving. Met dit educatieprogramma brengen we jonge kinderen spelenderwijs bij hoe belangrijk het is om onze zeeën en oceanen te beschermen”, aldus Nadie Winde, manager corporate responsibility Aldi Nederland.


Lees ook: “Juf” Els ontvangt het eerste Lespakket

, ,

Plastic snoepverpakkingen onder vuur

Amsterdam, 3 oktober 2018 – De strijd tegen plastic wikkels om snoepjes is losgebarsten. Red Band ‘won’ vorige week de #Mispaksel-trofee voor de meest onnodige plastic verpakking. De per stuk verpakte winegums kregen de helft van alle uitgebrachte stemmen. Hierop liet Red Band voor de camera’s van het TV-programma Kassa weten, dat het de verpakking zal aanpassen. Er werden ruim 30.000 stemmen uitgebracht en Greenpeace gaat de verkiezing elk jaar organiseren.

Er zijn echter veel meer per stuk verpakte snoepjes. De zwerfvuil-boegbeelden Merijn Tinga (Plastic Soup Surfer) en Dirk Groot (Zwerfinator) gaan samenwerken en richten hun pijlen op Antaflu, een eigen merk van het familiebedrijf Pervasco. Je herkent de plastic verpakking van de pastilles direct aan hun kleur. In één zak van 3 ons zitten maar liefst 70 apart verpakte snoepjes. Dirk Groot riep gebruikers van de Litterati-app op om de zwerfvuil-wikkels van Antaflu in kaart te brengen. Dat waren er binnen een jaar 16.000. Beiden bezoeken donderdag 4 oktober het kantoor van Pervasco in Rotterdam, met een deurwaarder erbij om een exploot te overhandigen. Ze vragen het bedrijf de wikkel te vervangen door een papieren versie of een ander duurzaam alternatief.

Pervasco produceert volgens eigen zeggen snoepjes naar wens. Het is de vraag of ook aan de wens om geen plastic wikkels meer te gebruiken gehoor wordt gegeven, want directeur Jeroen Overing liet al weten dat hun kleine stukjes plastic “niet zoveel schade kunnen aanrichten”. Hij heeft geen idee.

Op World Cleanup Day, 15 september 2018, werden in Nederland met behulp van dezelfde Litterati-app de merken in kaart gebracht die het meest in het zwerfvuil worden aangetroffen. Van alle gevonden items stond Antaflu op de zesde plaats.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het is de hoogste tijd dat de snoepfabrikanten hun verantwoordelijkheid nemen in plaats van badinerende opmerkingen te maken als zou het allemaal reuze meevallen.”


Lees ook: Tienduizenden stuks zwerfvuil opgeruimd in Nederland op World Cleanup Day

,

Oranjebond ontmoedigt voortaan oplaten ballonnen op Koningsdag

Amsterdam, 3 oktober 2018 – Na jarenlang campagne voeren is de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen (KBOV) overstag. De Oranjebond draagt nu als standpunt uit dat het onwenselijk is om ballonnen tijdens Koningsdag op te laten. De KBOV heeft hierover onder andere gesprekken gevoerd met Stichting De Noordzee. De KBOV stimuleert vanaf nu “haar leden om alternatieven voor ballonoplatingen te gebruiken die het Koningsdagfeest of andere festiviteiten feestelijk kunnen inluiden”, aldus een persbericht van de bond. Het gaat om een ontmoedigingsbeleid, omdat de KBOV zelf niets kan afdwingen.

Recent onderzoek van Stichting De Noordzee wijst uit dat slechts 5% van de gemeenten een verbod op het oplaten van ballonnen heeft ingesteld, 6% voert actief een ontmoedingsbeleid en 13% voert een passief ontmoedingsbeleid. Dat betekent dat 76% van de gemeenten geen beleid heeft en dat daar ballonnen zonder problemen mogen worden opgelaten. Nadat de Tweede Kamer in 2014 een motie had aangenomen waarin de regering gevraagd werd om gemeenten op te roepen om het oplaten van ballonen actief te ontmoedigen, is er weinig gebeurd, maar het afgelopen jaar is het aantal gemeenten met een verbod wel gestegen. Uit tellingen van de van het landelijke strandafvalonderzoek blijkt dat er nog altijd gemiddeld 12 ballonresten per 100 meter worden aangetroffen. Uit onderzoek van TNO blijkt dat er jaarlijks circa 230.000 ballonnen in de Noordzee belanden.

Het zijn enkele milieuorganisaties (Plastic Soup Foundation, Kust en Zee, Stichting De Noordzee) die keer op keer het thema aan de orde hebben gesteld en ook een aparte website, dieballongaatnietop.nl, in het leven hebben geroepen. Het is verheugend dat de KBOV nu een standpunt heeft ingenomen. Verwacht mag worden dat daardoor in 2019 veel minder Oranjeverenigingen ballonnen zullen oplaten. Hopelijk leidt het er ook toe dat meer gemeenten het oplaten van ballonnen eenvoudigweg verbieden. Het is daarvoor de hoogste tijd.

Lees ook: Geen enkel effect ontmoedigingsbeleid ballonnen.

Lees ook: Traditie ballonoplaten Koningsdag bijna ten einde?

Mondiale duurzaamheidsdoelen ook van toepassing op plasticsoep

Amsterdam, 02 oktober 2018 – Het afval dat de wereld produceert zal in 2050 met 70% zijn toegenomen. De hoofdconclusie van het rapport What a Waste 2.0, dat de Wereldbank afgelopen maand uitbracht, stemt niet vrolijk. Het afval dat in zee terecht komt, zal toenemen naarmate de wereldbevolking en de koopkracht toenemen. Tenminste: áls er geen drastische maatregelen worden genomen. Schokkend is bijvoorbeeld de constatering dat op dit moment in lage inkomenslanden 93% van al het afval op vuilnisbelten in de open lucht wordt gedumpt, tegen 2% in rijke landen. Plastic is de grootste boosdoener, omdat het niet vergaat en de oceanen vervuilt. Plastic dat in de open lucht gedumpt wordt heeft grote kans om weg te waaien en ook in zee terecht te komen.

De mondiale duurzaamheidsdoelen (Sustainable Development Goals, SDG’s) die de Verenigde Naties in 2015 vaststelden, bieden volgens het rapport een overkoepelend raamwerk voor te nemen maatregelen. Aan enkele duurzaamheidsdoelen zijn namelijk specifieke targets gekoppeld om (plastic)vervuiling terug te dringen. Landen hebben een inspanningsverplichting om maatregelen te nemen zodat de SDGs in 2030 daadwerkelijk worden gehaald. Via de SDG’s is de plasticsoep een integraal onderdeel van de duurzaamheidsagenda van landen en organisaties.

De Plastic Soup Foundation heeft de relatie tussen SDG’s en plasticsoep in kaart gebracht. Hoewel geen van de zeventien SDG’s de plasticsoep als hoofdonderwerp heeft, kan voor een aantal de relatie met de strijd tegen de plasticsoep duidelijk worden aangegeven.

Bij de bestrijding van de plasticsoep gaat het om:

  • voorkomen van plastic in het milieu,
  • vermijden van gezondheidsrisico’s,
  • absolute reductie van plastic.

Lees hier hoe deze drie uitgangspunten aan afzonderlijke SDG’s kunnen worden gekoppeld.

Levenscyclusanalyse bevestigt: meermalige plantentray is inderdaad veel beter voor milieu

Amsterdam, 1 Oktober 2018 – Alweer twee jaar geleden antwoordde toenmalig staatssecretaris Dijksma (PvdA) op Kamervragen, dat zij met de sierteeltsector in gesprek zou gaan over het duurzaam gebruik van plantentrays zodra een lopend onderzoek zou zijn afgerond. Dat onderzoek betrof de levenscyclusanalyse, welke in opdracht van Flora Holland werd uitgevoerd door Blonk Consultants. Het rapport is sinds kort beschikbaar, dat wil zeggen: Royal Flora Holland (RFH) heeft een versie online gezet van 25 april 2018. Dat dit rapport “for external communication” is, impliceert dat er ook een vertrouwelijke versie bestaat. Hoe dit ook zij, het nu openbare rapport biedt voldoende informatie voor de huidige staatssecretaris om maatregelen te nemen.

Het rapport benadrukt dat de factor ‘plasticsoep’ in een levenscyclusanalyse niet kan worden meegenomen. De analyse houdt dus geen rekening met schade wanneer een plastic tray in het milieu terechtkomt. Desondanks is de uitkomst overduidelijk: “Overall multiple use trays have better environmental performance than single use trays”. Hiermee is de discussie beslecht.

De Plastic Soup Foundation publiceerde al in 2016 een position paper, Icoonproject sierteelt, en betoogt daarin dat er veel milieuwinst valt te behalen wanneer de gangbare eenmalige plastic plantentrays worden vervangen door een tray die veelvuldig te gebruiken is, gebaseerd op een statiegeldsysteem.

Maar Flora Holland is niet genegen het huidige systeem zomaar aan te passen. Niet de milieu-impact blijkt allesbepalend. Exportgerichte klanten zien de administratie en retourstroom, blijkt uit een gehouden enquête, als nadeel van meervoudig te gebruiken trays. Wanneer de sector zo treuzelt om werkelijk te verduurzamen, is er maar één weg: regelgeving.

Harmen Spek, projectleider ‘Verduurzaming Sierteelt’ van de Plastic Soup Foundation: “RFH heeft de inhoud van dit rapport in mei 2017, onder embargo, met ons gedeeld. De conclusie, die ons in het gelijk stelt, was overduidelijk, maar kennelijk onwelgevallig voor RFH dat onder het keurmerk Normpack per jaar maar liefst 180 miljoen eenmalige trays laat produceren. Dit moet de reden zijn dat RFH haar leden en de staatssecretaris dit belangrijke document anderhalf jaar lang heeft onthouden. Een kwalijke gang van zaken, want waar duurzame keuzes moeten worden gemaakt is concrete informatie en transparantie een eerste vereiste. De focus van ons programma ‘Verduurzaming Sierteelt’ zal gericht blijven op het terugdringen van eenmalige plastic producten in de sierteelt, geheel in overeenstemming met het beleid van de Europese Unie om eenmalig gebruikt plastic drastisch terug te dringen.”

Geen orka’s meer vanwege PCBs

Amsterdam, 28 september 2018 – Polychloorbifenylen (PCBs) zijn giftige organische verbindingen die in het milieu niet of nauwelijks afbreken en zich in het vetweefsel van dieren ophopen. Vanwege bepaalde eigenschappen zijn PCBs lange tijd op grote schaal toegepast, onder andere als brandvertrager in plastics. In het door 152 landen ondertekende Verdrag van Stockholm voor persistente organische stoffen (2001) is afgesproken productie en gebruik van PCBs te stoppen vanwege hun schadelijkheid. De meeste landen hadden PCBs al eerder verboden. Het probleem is dat de PCBs nog volop in het milieu aanwezig zijn en met name de vruchtbaarheid van dieren aantasten.  

Een internationaal onderzoeksteam heeft nu vastgesteld dat populaties van de orka (Orcinus orca) wereldwijd bedreigd worden in hun voortbestaan. Het artikel verscheen in Science. Aangezien orka’s boven in de voedselketen zitten, is de concentratie PCBs in hun vet extra hoog. Volgens een bericht van de NOS werden in het vetweefsel van orka’s pcbwaarden van 1300 miligram per kilo gemeten, waar 50 milligram al een nadelig effect zou hebben op de vruchtbaarheid. Pasgeboren orka’s worden nauwelijks meer waargenomen. Het uitsterven van de soort zou een kwestie kunnen zijn van enkele decennia. Het nieuws komt extra hard aan omdat er niets meer kan worden gedaan om dit te voorkomen. 

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “De wereld heeft jarenlang getreuzeld om PCBs te verbieden. Al in de jaren 60 was hun schadelijkheid bekend en pas in 2001 werd een wereldwijd verbod afgesproken. Ook nu worden additieven als brandvertragers aan plastic toegevoegd die uit plastic lekken dat in water terecht komt en waarvan bekend is dat ze schadelijk zijn. Het trieste voorbeeld van de orka’s laat ons het belang zien om deze stoffen preventief te verbieden, dat wil zeggen uit voorzorg en niet nadat hun schadelijkheid tot in detail bewezen is en de schadelijke stoffen nooit meer uit het milieu te halen zijn.”   

Europese PET-lobby valt door de mand

Amsterdam, 28 september 2018 – Frankrijk is één van de landen die voorop loopt in de strijd tegen de plasticsoep. Twee jaar geleden verbood het de dunne plastic tas. Niet lang daarna kwam het verbod op wegwerpservies per 2020. Afgelopen zomer waren rietjes en plastic roerstaafjes aan de beurt en sinds 14 september jongstleden werd de wet opnieuw aangescherpt, aldus een bericht in Le Monde. Nu wordt ook de beschikbaarheid van plastic bakjes en wegwerpartikelen op scholen, universiteiten en crèches per 1 januari 2020 verboden. De maatregel is winst voor het milieu, maar een doorn in het oog van de Europese PET-industrie vanwege omzetverlies.

De PET-industrie wordt in Europa vertegenwoordigd door Petcore Europe en Pet Sheet Europe. Gezamenlijk hebben ze een persbericht uitgebracht. Daarin wordt gesteld dat de laatste aanpassing van de Franse wet in strijd is met Europese regelgeving, met name met het recht om verpakkingen op de markt te brengen en met het vrije verkeer van goederen. Eerst moet Europa namelijk het juridisch raamwerk in orde hebben, voordat een afzonderlijk land tot een dergelijk verbod kan overgaan. Of deze redenering standhoudt, is voer voor juristen.

Het persbericht biedt daarnaast een ontluisterend inkijkje hoe een industrie die steeds verder onder druk komt te staan, reageert op overheidsmaatregelen om single-use plastics te verbieden. De PET-industrie zegt begaan te zijn met het milieu, maar propageert een andere oplossing. PET is optimaal te recyclen en dus roept de PET-industrie Europese wetgevers met klem op om een goed werkend systeem voor de inzameling van plastic verpakkingen te introduceren “in order to close the loop”. De achterliggende gedachte is dat dan onbeperkt PET geproduceerd kan blijven worden.

Het staat er echt: “De kringloop moet gesloten worden”. De PET-industrie weet heel goed dat dit onmogelijk is, maar zwijgt daarover in alle talen. Van gebruikt PET wordt bijvoorbeeld kleding gemaakt, zoals fleece truien, en wanneer die kleding machinaal gewassen en gedroogd wordt, ontstaan plastic microvezels. Die spoelen vervolgens weg met het afvalwater en kunnen daar nooit meer uitgefilterd worden. Dat het per wasbeurt gemiddeld om 9 miljoen vezels gaat, heeft het Europese Mermaids Life+ onderzoek uitgewezen. De PET-industrie is medeverantwoordelijk voor deze grote bron van vervuiling en doet er helemaal niets tegen.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “PETcore Europe en PET Sheet Europe moeten zich diep schamen. Ze doen er alles aan om een vervuilend productiesysteem zo lang mogelijk in stand te houden. Het is de hoogste tijd dat de Europese Unie dwingende reductiemaatregelen afdwingt en daarbij ook rekening houdt met de negatieve effecten van recycling, zoals de microvezels afkomstig van kleding die van PET gemaakt is. Maar natuurlijk ook: hoera voor durfal Frankrijk, dat wederom het goede voorbeeld geeft.”

Plasticsoep op land: landbouwcompost is vervuild met plastic

Amsterdam, 27 september 2018 – Plastic afval wordt in de Nederlandse regelgeving niet beschouwd als een problematische emissie naar het milieu. Daardoor ontstaat plasticsoep ook op land. Boeren kopen compost dat vervuild is met kleine stukjes plastic en vervuilen zo hun eigen grond. De belangrijkste oorzaak is dat door consumenten ingeleverd gft afval vaak vervuild is met plastic: composteringsbedrijven kunnen dit plastic er niet allemaal uit halen. Ook bermmaaisel vervuild met zwerfvuil wordt als oorzaak genoemd.

Een Noord-Hollandse akkerbouwer uit Abbenes maakt zich grote zorgen over dit plastic in het compost. Hij is nu gestopt om de vruchtbaarheid van zijn grond hiermee te verbeteren. NH Nieuws berichtte over de akkerbouwer en stelde vast dat van de wet in 1000 kilo compost maximaal vijf kilo plastic mag zitten.

De wettelijke kwaliteitseisen voor compost zijn vastgelegd in het Uitvoeringsbesluit Meststoffen, maar deze eisen voorkomen niet dat in de praktijk grote hoeveelheden (micro)plastic in compost aanwezig zijn. Duidelijke regels met een controle en handhavingssysteem van de overheid ontbreken. De Branche Vereniging Organische Reststoffen (BVOR) hanteert het keurmerk Keurcompost. Dit keurmerk kent drie kwaliteitsklassen (A, B en C) die zich onderscheiden door verschillende normen voor verontreinigingen als glas en plastic. Alle drie zijn ze strenger dan de Nederlandse wet. Vanaf 1 januari 2017 mogen wat betreft de branche alleen nog de klassen A en B als organische bodemverbeteraar worden gebruikt. Maar ook volgens de strengste variant van Keurcompost mag er 0,05% vervuiling op elke 1000 kilo zijn: dat is nog altijd een halve kilo aan plastic snippers.

In de praktijk blijkt dat buiten de aanbeveling van de branche compost van veel slechtere kwaliteit in de handel is. Een wettelijk kader om dit te reguleren ontbreekt vooralsnog. Op de aanwezigheid van microplastics is al helemaal geen zicht.

Begin dit jaar waarschuwden Duitse onderzoekers al dat microplastics op land een onderbelicht probleem zijn en op termijn tot grotere schade kunnen leiden dan het plastic in zee. Ze troffen overal ter wereld microplastics op landbouwgronden aan.

Nog eerder heeft de PSF in 2015 gepleit voor een wettelijke norm voor plastic lekkage naar het milieu, destijds naar aanleiding van luierplastic in compost.

Suzanne Kröger, parlementariër voor GroenLinks, heeft Kamervragen over de normen aangekondigd. Harmen Spek pleitte namens Plastic Soup Foundation dinsdag in een uitzending op NH Nieuws opnieuw voor overheidsnormen die bepalen dat er geen plastic in compost meer mag voorkomen.

Lees ook: Nieuwe vrijstellingsregeling zorgt voor meer verspreiding van zwerfplastic

Lees ook: CPB: ‘meer plastic inzamelen helpt niet in strijd tegen plastic soup’

Foto: Berg plastic dat door een composteerbedrijf uit gft is gehaald.

Europees Parlement wil verbod op microplastics in cosmetica

Amsterdam, 27 september 2018 – Breaking news: het Europees Parlement heeft in overgrote meerderheid het rapport van de milieucommissie, getiteld Turning plastic wastelands into fields of gold, omarmd. Dit rapport, opgesteld door Europarlementariër Mark Demesmaeker, steunt de Plastics Strategy, de aanpak van de Europese Commissie om de plastic crisis te bezweren en circulariteit van plastic te bevorderen. Het Europees Parlement nam het rapport aan met 579 stemmen voor, 15 tegen en 25 onthoudingen. In het rapport wordt een belangrijk principe benadrukt: plastic afval voorkomen door de bron aan te pakken.

Het rapport bepleit een verbod op microplastics in cosmetica: “De rapporteur gelooft dat aanpak bij de bron de meest kosteneffectieve optie is om microplastics aan te pakken. Hij roept op tot een verbod van microplastics die met opzet zijn toegevoegd aan producten, zoals cosmetica en schoonmaakmiddelen en waarvoor alternatieven bestaan. De recente wetgeving in sommige lidstaten, waaronder het Verenigd Koninkrijk, die plastic microbeads in scrubs verbiedt, laat zien dat deze aanpak mogelijk is.”

Het rapport verwijst ook naar het Mermaids Life+ project (en naar de speciale site van de Plastic Soup Foundation als partner in Mermaids). Demesmaeker vindt dat dit onderzoek belangwekkende informatie heeft opgeleverd en wil dat de Europese Commissie voor producten minimumeisen bij wet regelt om verspreiding van microplastics tegen te gaan. Behalve voor textiel moet dit ook gelden voor autobanden, verf en sigarettenfilters.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Onze jarenlange inspanningen om microplastics via regulering bij de bron aan te pakken, vinden in dit rapport gehoor. Door de overweldigende steun van het Europees Parlement voor het rapport moet de Europese Commissie nu wel met voorstellen voor wetgeving komen. We verwachten een algeheel Europees verbod van alle microplastics in alle cosmetica en dat wettelijke eisen aan synthetische kleding worden gesteld om vezelverlies drastisch te beperken.”

SodaStream: “F*ck plastic bottles”

Amsterdam, 26 september 2018 – SodaStream biedt een alternatief voor plastic frisdrankflesjes. Met een apparaat van SodaStream kun je van kraanwater bruisend water maken. Je hoeft dan niet meer met plastic flessen te sjouwen. Sterker nog, je hebt helemaal geen plastic flessen meer nodig. Het bedrijf is marktleider voor het maken van spuitwater en actief in minstens 46 landen. Het is bekend van de reclamecampagne waarbij traditionele drankgiganten zich voelden aangevallen op hun bijdrage aan de plasticsoep, in het bijzonder wordt de boodschap verkondigd dat plastic wegwerpflessen het milieu vervuilen. Zie bijvoorbeeld het filmpje Shame or Glory met figuren uit de serie Games of Thrones. Het bedrijf, dat ook t-shirts maakt met de tekst F*ck Plastic Bottles, werd onlangs door PepsiCo gekocht voor 3,2 miljard dollar.

Het is daarom niet zo verwonderlijk dat de International Bottled Water Association (IBWA) eind 2016 eiste dat SodaStream de campagne zou beëindigen. Die eis werd echter niet gegrond verklaard.

Ook het Koninklijk Verbond van de Industrie van Waters en Frisdranken (VIWF) begon een rechtszaak, maar dan specifiek tegen SodaStream Benelux. Die klacht werd eveneens onontvankelijk verklaard.

Vervolgens startten eind 2017 enkele leden van het VIWF een rechtszaak tegen SodaStream Benelux. Coca-Cola, Nestlé Waters, Spadel, Danone en Roxane Nord eisten een dwangsom van 50.000 euro per dag wanneer de campagne niet zou worden beëindigd. De campagne zou, vonden de eisers, vernederend zijn voor consumenten van plastic. Het Hof van Beroep in Brussel stelde de multinationals onlangs in het ongelijk en motiveerde dat de boodschap van SodaStream “essentiële en maatschappelijk relevante informatie betreft”.

Nu SodaStream opnieuw in het gelijk is gesteld, overweegt het bedrijf om op korte termijn een schadeclaim van 10 miljoen euro in te dienen tegen de eisers. De General Manager van SodaStream Benelux, Johan Schepers, verklaarde: “De bedoeling is het geld te schenken aan de Plastic Soup Foundation, als de claim van SodaStream door de rechtbank bevestigd wordt.”

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Wij zijn aangenaam verrast door de aankondiging van SodaStream Benelux om het geld, indien de aangekondigde schadeclaim gehonoreerd wordt, aan ons te schenken. Wij zullen op onze beurt vijf miljoen euro weggeven aan projecten in de hele wereld die net als wij strijden tegen de plasticsoep. De andere helft zetten we in voor wetenschappelijk onderzoek, de disseminatie daarvan en educatie. Met zoveel geld kan de Plastic Soup Foundation de strijd tegen de plasticsoep nog veel effectiever voeren”.