Berichten

,

‘Toxic Soup’ dioxines in plastic speelgoed

Amsterdam, 10 december 2018 – Er wordt al jaren gewaarschuwd dat er persistente organische gifstoffen (POPs) zitten in speelgoed gemaakt van gerecycled plastic. Het International POPs Elimination Network(IPEN) onderzocht vorig jaar 95 rubiks kubussen en nog 16 items, zoals kammen en speelgoed, uit 26 landen. Van de onderzochte kubussen bevatte 90% giftige vlamvertragers, afkomstig van omhulsels van afgedankte elektronische apparaten.

Onder de titel Toxic Soup, Dioxins in Plastic Toys verscheen vorige maand een nieuw onderzoek, ditmaal naar negen items. In de acht stukken speelgoed en één haarklem werden voor het eerst gebromeerde dioxines aangetroffen. Alle producten waren waarschijnlijk gemaakt van plastic afkomstig van elektronisch afval dat broomhoudende brandvertragers bevatte. Gebromeerde dioxines zijn hormoonverstorende stoffen die onder andere het zenuwstelsel en de hormoonhuishouding aantasten, plus kankerverwekkend zijn. Vooral kinderen zijn kwetsbaar.

Peter Behnisch, medeauteur en verbonden aan BioDetection Systems (BSD) te Amsterdam: “We pasten een biotechnologische meetmethode toe met speciaal gekweekte cellen die op dioxines reageren. We vonden een verrassend hoog toxisch gehalte in producten van gerecycled plastic. Voor zover wij weten is dit de eerste openbare studie dat de aanwezigheid van gebromeerde dioxines in speelgoed voor kinderen aantoont.”

Overheden streven ernaar de kunststofketen te sluiten, dat wil zeggen dat plastic afval niet verbrand wordt, maar opnieuw gebruikt om er weer producten van te maken. Naarmate die keten meer gesloten wordt, neemt de kans op hogere concentraties van ongewenste schadelijke stoffen in nieuwe producten echter toe. Het gebruik van schadelijke vlamvertragers is in de Europese Unie weliswaar verboden, maar er is geen controle op van buiten de Europese Unie geïmporteerde producten die gemaakt zijn van gerecycled plastic. In andere landen zijn de regels minder streng.

De kernboodschap van de onderzoekers: er zijn veel strengere maatregelen nodig om te voorkomen dat giftige stoffen via recycling terugkeren in consumentengoederen zoals speelgoed. Vooral bepalingen van de Stockholm Conventie en van de Bazel Conventie moeten daarom worden aangescherpt.

Lees hier de samenvatting van de studie en welke maatregelen voorgesteld worden.


Lees ook – Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie

Lees ook – Veel giftige stoffen in speelgoed

, ,

Alikruik wordt makkelijke prooi door toxische microplastics

Amsterdam, 29 november 2018– De gewone alikruik (Littorina littorea), een slak die in zee leeft, staat op het menu van de strandkrab (Carcinus maenas). Normaal gesproken verdedigen de alikruiken zich door zich in hun schelp terug te trekken zodra ze de aanwezigheid van een krab bespeuren. Nu blijkt uit onderzoek dat dit verdedigingsmechanisme, aangeduid met de term chemosensory, niet meer werkt door giftige stoffen afkomstig van microplastics.

In het laboratorium van het Centre National de la Recherche Scientifique (CNRS) in Frankrijk werden slakken in water geplaatst met een concentratie aan microplastic pellets. Daarvoor werden nieuwe pellets gebruikt en in eenzelfde proefopstelling pellets die afkomstig van stranden aan het Nauw van Calais. Die laatste groep pellets had lange tijd in zee gelegen. De nieuwe en nog schone pellets hadden enig effect op de gedragsverandering van de alikruiken, maar de pellets uit zee vertoonden een veel groter effect. In zee trekken microplastics gifstoffen uit hun omgeving aan als ware het een magneet. Het onderzoek is in Biology Letters gepubliceerd.

De chemische stoffen die zich aan het plastic in zeewater hechten of die uit het plastic lekken, leggen het verdedigingsmechanisme van de alikruik lam. Daardoor kunnen aanvallende krabben niet meer op tijd gedetecteerd worden. De resultaten suggereren een dramatisch effect van microplastics in zee op dieren die van chemosensory afhankelijk zijn. Het gaat om de eerste studie die niet alleen kijkt naar de gevolgen voor één diersoort, maar naar de interactie tussen twee soorten, waarbij de ene soort de prooi is van de andere.


Lees ook: Oneindig veel diersoorten eten en poepen plastic

,

Mariene microplastics: mogelijke bedreiging voor de volksgezondheid

Amsterdam, 29 augustus 2018 – Mogelijke gevaren door microplastics in zee komen steeds meer onder de aandacht. In een onlangs gepubliceerde overzichtsstudie in Marine Pollution Bulletin zijn deze potentiële gevaren in kaart gebracht met betrekking tot voedselveiligheid en gezondheid. Omdat plastics uiteenvallen in steeds kleinere deeltjes, neemt de concentratie in het milieu alsmaar toe. Zo is de aanwezigheid van microplastics al in vele soorten vis en schelpdieren aangetoond. Laboratoriumexperimenten laten zien dat marine organismen, blootgesteld aan relatief hoge concentraties, hierdoor met gezondheidsproblemen te kampen kunnen krijgen, waaronder verminderde vruchtbaarheid en schade aan het maagdarmstelsel. Mochten deze effecten zich ook bij organismen in het milieu voordoen, dan kunnen microplastics negatieve gevolgen hebben voor marine populaties en ecosystemen. De onderzoekers wijzen erop dat dan ook de voedselvoorziening voor mensen in gevaar kan komen.

Niet alleen door het consumeren van vis en schelpdieren worden we als mens blootgesteld aan microplastics. Ze zitten in de lucht die we ademen en in producten die we gebruiken, zoals bier, honing, zout en kraanwater. De kleinste microplastics zijn potentieel in staat om het maagdarmstelsel te verlaten en het zogeheten lymfe- en cardiovasculaire systeem binnen te dringen. Als gevolg hiervan zouden microplastics zich kunnen verspreiden door het hele lichaam, waaronder de organen. Op deze plekken kunnen microplastics vervolgens schade aan cellen aanrichten.

Er zijn nog andere mogelijk gezondheidsrisico’s die in verband staan met microplastics. Chemicaliën die aan plastics zijn toegevoegd tijdens het productieproces kunnen er later weer uitlekken. En organische gifstoffen, aanwezig in het milieu, hechten zich aan plastic zoals ijzer aan een magneet. Verder is op plastic de aanwezigheid van bacteriën aangetoond, waaronder potentiële ziekteverwekkers. Vooral in gebieden met veel afvalplastic en slechte sanitaire voorzieningen kan dit grote gevolgen hebben.

Er is dus alle reden om microplastics als een mogelijke bedreiging voor de volksgezondheid te beschouwen. Er is echter veel onzekerheid. Zo zijn er nog geen methoden om de kleinste microplastics te meten, en kan daardoor niet worden vastgesteld in welke mate we worden blootgesteld. Daarnaast is er nog geen wetenschappelijke zekerheid over de vraag óf de microplastics die we binnen krijgen, daadwerkelijk gezondheidsproblemen veroorzaken.

Tot de aanbevelingen van de auteurs behoren: een risicoanalyse naar voedselveiligheid, nader onderzoek naar de toxiciteit van microplastics, en het verbeteren van technieken om met name de kleinste microplastics te kunnen detecteren.


Lees ook: Hoe schadelijk is het inademen van microplastics