Berichten

Eerste bewijs voor gezondheidsrisico’s van micro- en nanoplastics

Amsterdam, 8 oktober 2019 – Tijdens de Plastic Health Summit op 3 oktober hebben wetenschappers de eerste onderzoeksresultaten gepresenteerd van de effecten van plasticdeeltjes op de menselijke gezondheid. Zij spraken zich ook uit over de vraag hoe het voorzorgsbeginsel zich tot hun bevindingen verhoudt. Volgens de een is er eerst nog meer onderzoek nodig, volgens de ander zijn er genoeg vroege waarschuwingen en kunnen we niet wachten met het nemen van maatregelen tot alle risico’s tot in detail zijn onderzocht.

© Twycer / www.twycer.nl

ZonMw

De gepresenteerde voorlopige onderzoeksresultaten laten zien dat afweercellen microplastics aanvallen, dat ze daarbij het loodje leggen, dat de groei van de luchtwegen wordt belemmerd door nylon vezels en dat microplastics waarschijnlijk doordringen tot in de placenta. Het zijn uitkomsten van laboratoriumproeven waarbij met hoge concentraties wordt gewerkt. De onderzoeken leggen niet eerder waargenomen mechanismen bloot, zonder een uitspraak te kunnen doen in welke mate deze mechanismen op dit moment in ons lichaam optreden. Eerder dit jaar heeft de Nederlandse financier van gezondheidsonderzoek ZonMw 1,6 miljoen euro beschikbaar gesteld voor vijftien kortlopende onderzoeken. De meest prangende, maar nog nooit eerder onderzochte, vragen moeten deze onderzoeken beantwoorden.

© Twycer / www.twycer.nl

Verklaringen

Aan het einde van de Plastic Health Summit verklaarde ZonMw dat het belang van de onderzoeken zo groot is dat er 1 miljoen euro extra onderzoeksgeld beschikbaar wordt gemaakt. De wetenschappers werden daarmee op hun wenken bediend. In een voorgelezen gezamenlijke verklaring bepleiten ze meer (vervolg)onderzoek om de gevolgen van microplastics voor onze gezondheid beter te leren begrijpen.

© Twycer / www.twycer.nl

Maatregelen nu al nodig

Sommige ZonMw-onderzoekers hielden zich op de vlakte wat betreft de vraag of hun onderzoek aanleiding is om maatregelen te nemen. Fransien van Dijk (Rijksuniversiteit Groningen) adviseert burgers om hun tegenwoordig goed geïsoleerde huizen vaak te ventileren en ook vaker te stofzuigen, zodat we in huis minder plasticvezels inademen. Heather Leslie (Vrije Universiteit) karakteriseerde de onderzoeksuitkomsten als early warnings, alarmbellen, die in het licht van toenemende plasticproductie maatschappelijk ingrijpen nu rechtvaardigt. We kunnen immers op onze vingers natellen dat de concentratie aan microplastics in het milieu en dus in ons lichaam exponentieel toeneemt. Hoe langer we wachten, des te moeilijker het wordt om het tij te keren.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Dat het potentiële gevaar van microplastics voor onze gezondheid door niemand meer ontkend kan worden, is misschien wel het belangrijkste resultaat van de Plastic Health Summit’.

 

Lees ook – ‘De onbekende gevaren van microplastics’, artikel in NRC

Lees ook – ‘Microplastics harm human health, warn experts’, artikel in Food Manufacture

Zie hier de uitzending van Radar van 7 oktober met Maria Westerbos.

Minder microplastics door verlaging maximumsnelheid

Amsterdam, 25 september 2019 – Vandaag adviseert oud-minister Johan Remkes de regering om ‘zo snel mogelijk drastische maatregelen’ te nemen om de uitstoof van stikstof te verlagen. Onder de voorgestelde maatregelen die direct aan dat doel bijdragen, is verlaging van de maximumsnelheid. Dat heeft nóg een gunstig gevolg voor mens en milieu. Door lagere snelheden slijten banden minder hard en komen er minder microplastics in het milieu terecht.  

Het Advies-Remkes

Afgelopen zomer legde een uitspraak van de Raad van State duizenden bouwprojecten stil. Bouwvergunningen bleken onwettig omdat door de uitstoot van stikstof natuurgebieden worden aangetast. Het vergunningensysteem dat in Nederland gehanteerd wordt, blijkt in strijd met Europese afspraken. Het kabinet vroeg vervolgens advies aan oud-minister Johan Remkes (VVD) om (nood)maatregelen voor te stellen en de ontstane crisis het hoofd te bieden. Verlaging van de maximumsnelheid op snelwegen en provinciale wegen, nooit eerder bespreekbaar voor de VVD, is een van de maatregelen die de commissie-Remkes vandaag voorstelt in haar rapport ‘Niet alles kan’.

Bandenslijtsel

Banden zijn gemaakt van een mix van natuurlijk- en synthetisch rubber en slijten tijdens gebruik. Een enkele band slijt ongeveer 1,5 kilo voordat deze vervangen wordt door een nieuwe. Waar blijft al dat slijtsel? Een deel is zo fijn dat dit in de lucht bijdraagt aan fijnstof. Fijnstof bestaat voor ongeveer 3 tot 7% uit bandenslijtstof. Alleen al in Nederland overlijden elk jaar volgens een onderzoek van de WHO meer dan 5000 mensen aan de gevolgen hiervan. Van het slijtstof dat niet in de lucht komt, spoelt een deel weg en komt uiteindelijk in bodem, binnenwater of zee terecht. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid om de grootste bron van microplastics en er is nauwelijks een alternatief om deze uitstoot te vermijden. Per wereldburger wordt per jaar 0,8 kilo slijtstof geproduceerd.

Verlaging snelheid

Het ontstaan van slijtstof is voor een deel afhankelijk van de manier waarop we rijden. Pieter Jan Kole, onderzoeker aan de Open Universiteit: ‘Door minder hard op te trekken bij het stoplicht, rustiger de bocht door te gaan en anticiperend te remmen kunnen we de slijtage van onze banden verminderen. Daarnaast is het goed om de bandenspanning regelmatig te controleren. Wanneer we langzamer rijden verminderen we ook de hoeveelheid slijtstof die vrijkomt. Er is een direct verband tussen snelheid en de hoeveelheid slijtstof die ontstaat.’ Door onze rijstijl aan te passen kunnen we 10% van de slijtstof voorkomen en levens redden. Het advies van Remkes vindt Pieter Jan een doorbraak: ‘voor het eerst wordt het politieke taboe van verlaging van de maximale snelheid doorbroken. Dat levert aan alle kanten minder milieuschade op.’ In het rapport ‘Verkenning economische effecten maatregelen bandenslijtage’, dat in juni 2018 naar de Tweede Kamer werd gestuurd door de staatssecretaris, heeft verlaging van snelheid echter geen prioriteit als maatregel ten opzichte van andere maatregelen die bandenslijtage moeten reduceren.

Microplastics in de oceaan

Microplastics als gevolg van de slijtage van banden zou tussen de 10 en 28% vertegenwoordigen van alle microplastics in de oceaan. National Geographic verwijst naar diverse onderzoeken, waaronder een wetenschappelijk onderzoek van Pieter Jan en collega’s, en heeft ook vertegenwoordigers van de bandenindustrie om een reactie gevraagd. Grote bandenproducenten hebben zich verenigd in The Tire Industry Project. Maar dit samenwerkingsverband zit nog in de ontkennende fase. Woordvoerder Gavin Whitmore antwoordde National Geographic: ‘There is no globally accepted definition of microplastics. [Our] studies have found [that tire and road wear particles] are unlikely to negatively impact human health and the environment’. De Britse regering is al een stuk verder. De Clean Air Strategy 2019 gaat ervan uit dat microplastics in de oceaan, mede afkomstig van banden, ‘well documented impacts for marine wildlife and the food chain’ hebben.

Foto: 1,3 kilogram bandenslijtsel bij 9000 gereden kilometers. Still uit uitzending WDR/Quarks van 24 oktober 2017.

Lees ook – Bandenslijtage op één na belangrijkste bron van microplastics in water en lucht

Lees ook – Microplastics door slijtage van banden is nauwelijks tegen te gaan

Nylon kousen in je longen

In een Deens appartementje, leuk ingericht, zit een dame aan een keukentafeltje. Ze is alleen. Onbewogen staart ze naar de lege stoel tegenover haar, terwijl ze rustig in- en uitademt. Een hele dag en een hele nacht blijft ze zo zitten. Dan wordt ze opgehaald en naar een ander appartement gebracht. Ook leuk ingericht, maar in een heel andere stijl. Opnieuw zit ze precies 24 uur zwijgend aan tafel, ritmisch ademend, tot ze weer wordt weggevoerd.

Het zou een script voor een spannende film kunnen zijn, maar dat is het niet. Het is een wetenschappelijk experiment met in de hoofdrol een robotdame. Onderzoekers schroeven na iedere sessie in een appartement haar robotlongen open en halen er een ragfijn filter uit. Met een ingenieus apparaat analyseren ze de microscopisch kleine deeltjes die op het filter zijn achtergebleven.

Het filter geeft een verbijsterend beeld van wat we binnenshuis zoal inademen. Verreweg de meeste deeltjes blijken piepkleine stukjes huid te zijn. Nooit heb ik erbij stilgestaan dat ik mezelf inadem. Dat schampt langs kannibalisme en ik vind het geen smakelijk idee, maar goed, ik ben wel puur natuur. Op de tweede plaats staan textieldeeltjes van plantaardig of dierlijk materiaal, zoals katoen en wol. Ook mijn lakens en het vloerkleed adem ik blijkbaar in.

Maar het venijn zit in de staart. Naast huid en textiel vinden de onderzoekers ook ieniemienie stukjes plastic op het filter. Het blijken vooral vezels van polyester, nylon en andere kunststoffen te zijn. Die komen bijvoorbeeld uit kleding en gordijnen. De robotdame ademde er ongeveer tien stukjes per uur van in.

Als dat ook voor mij geldt, verzamelen zich dagelijks een paar honderd plastic vezels in mijn longen. Verontrustend,

want wat gebeurt daarmee? Op plastic kunnen chemische stoffen zitten die mijn hormoonhuishouding in de war brengen of kankerverwekkend zijn. De allerkleinste plastic deeltjes, micro- en nanoplastics, kunnen ontstekingen veroorzaken. Misschien kruipen de kleine plasticdeeltjes door het longweefsel en gaan ze in mijn lichaam zwerven?

De Deense onderzoekers houden allerlei slagen om de arm. Het is niet gezegd dat wat op het filter van de robotdame zit ook daadwerkelijk in mensenlongen komt. En het is niet precies bekend wat plastic aanricht als het daar eenmaal belandt.

Deze spannende film heeft dus nog een open eind. Als ik langs mijn klerenkast loop, hoor ik ongedurig gefluister. Mijn elegante nylon panty’s en sportieve polyester hardloopshirtjes vragen zich bezorgd af of er in de vervolgde scenes nog een rol voor hen is weggelegd. De houten vloer strekt zich zelfgenoegzaam uit en kraakt luidruchtig dat hij mijn ideale plasticvrije podium is.

Renske Postma

(foto: Jeroen Gosse)

Sneeuw met microplastics op de Noordpool

Amsterdam, 23 augustus 2019 – De wind voert microplastics mee over grote afstanden. Op de Noordpool komen die plasticdeeltjes met sneeuw mee naar de grond. Duitse onderzoekers onderzochten sneeuw op verschillende locaties, waaronder drijvende ijsschotsen. Ze hadden niet verwacht zóveel microplastics per liter smeltwater aan te treffen: gemiddeld 1.760 deeltjes. Het onderzoek is recent in Science Advances gepubliceerd.

Meegenomen door de wind

Dat microplastics door de lucht over grote afstanden worden vervoerd, was ook de uitkomst van een eerdere studie. Toen werd geconcludeerd dat de microplastics gemakkelijk over een afstand van 95 kilometer kon worden vervoerd, en vermoedelijk veel verder. Nu is gebleken dat de microplastics door de lucht duizenden kilometers kunnen afleggen. De onderzoekers hebben ook de concentratie vergeleken met Europa. Op de Noordpool vonden ze een gemiddelde van 1.760 deeltjes per liter smeltwater, in Europa ligt dat gemiddelde op 24.600.

Kleinste deeltjes niet gemeten

In 20 van de 21 monsters werden microplastics aangetroffen. Kleinere deeltjes dan 11 μm konden niet gemeten worden. Aangezien de onderzoekers vooral deeltjes hebben gevonden die tot de allerkleinst meetbare horen, moet de hoeveelheid niet-meetbare deeltjes nog veel groter zijn. Dat is een verontrustend gegeven, want hoe kleiner het deeltje des te groter het potentiële gevaar voor de gezondheid van mens en dier. De onderzoekers wijzen erop dat mens en dier microplastics inademen en dat de gevolgen daarvan nog amper onderzocht zijn.

Onderzoeksprojecten ZonMw

Afgelopen maart zijn vijftien onderzoeken gestart naar effecten van microplastics in ons lichaam. Drie daarvan gaan over micro- en nanoplastics in onze longen. Zijn onze longen in staat om ingeademde plastic deeltjes weer naar buiten te werken? Of hopen deeltjes zich ook op in het longweefsel en brengen ze daar op den duur schade aan? Is het zelfs mogelijk dat de plastics zich verspreiden naar de rest van ons lichaam?

Tussenresultaten van deze onderzoeken worden bekend gemaakt tijdens ‘s werelds eerste Plastic Health Summit op 3 oktober.


Lees ook – Het regent microplastic, overal en elke dag

,

WHO wil meer onderzoek naar gezondheidseffecten microplastics

Amsterdam, 22 augustus 2019 – De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft voor het eerst een rapport uitgebracht over het potentiële gevaar van microplastics in leidingwater en flessenwater. De VN-organisatie oordeelt dat plasticdeeltjes in drinkwater op dit moment geen probleem lijken te zijn, maar omdat er nog nauwelijks onderzoek is gedaan naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam, bepleit ze meer onderzoek. De WHO wordt op haar wenken bediend: op 3 oktober van dit jaar organiseren Plastic Soup Foundation en ZonMw, in samenwerking met de Plastic Health Coalition, de eerste resultaten naar gezondheidseffecten van microplastics op het menselijk lichaam.

Beperkt risico voor drinkwater

Het WHO-rapport Microplastics in drinking-water kijkt naar één manier waarop microplastics in het menselijk lichaam kunnen komen, namelijk via het drinken van leidingwater of gebotteld water. Tijdens het proces om drinkwater te maken worden, in landen als het onze, de meeste microplastics verwijderd. De mogelijke risico’s van de resterende deeltjes betreffen het effect van fysieke schade in het lichaam, chemische stoffen en ziekteverwekkende micro-organismen die zich aan plastic hechten. Gezien de lage concentraties in behandeld drinkwater is het gezondheidsrisico volgens het rapport laag in relatie tot andere oorzaken van ziektes.

Mitsen en maren

Het rapport wijst erop dat meer dan twee miljard mensen geen toegang hebben tot veilig drinkwater. Die mensen worden mogelijk blootgesteld aan veel hogere concentraties. Een ander probleem is wat er gebeurt met de microplastics die tijdens het maken van drinkwater worden verwijderd. De WHO stelt in het rapport dat informatie over toxiciteit van nanodeeltjes ontbreekt. Juist die ultrakleine deeltjes vormen een potentieel gevaar omdat ze overal in het lichaam kunnen komen. Het rapport stelt dat er nog nauwelijks onderzoek naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam is uitgevoerd. Dit soort onderzoek heeft daarom hoge prioriteit.

Onderzoeken ZonMw

Op 3 oktober, tijdens de Plastic Health Summit, worden de eerste tussenresultaten gepresenteerd van vijftien Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken naar de gevolgen van het eten, drinken en inademen van microplastics op het menselijk lichaam. De WHO wordt op haar wenken bediend. Wat vandaag nog een kennislacune is, is morgen wetenschap.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het WHO-rapport is samengesteld op basis van literatuur, maar niet op basis van echt onderzoek naar effecten van microplastics op ons lichaam. We laten op 3 oktober voor het eerst aan de wereld zien wat die mogelijke effecten zijn. Pas als we meer weten, kunnen we de conclusie trekken of onze gezondheid in gevaar is, of niet.’

Foto: Omslag WHO-rapport.


Lees ook: WHO roept op tot meer onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics 

WHO roept op tot meer onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics: op 3 oktober eerste congres ter wereld hierover in Amsterdam

Amsterdam 20 augustus 2019 – De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft vandaag haar eerste rapport gepubliceerd over de gevolgen van microplastics op de menselijke gezondheid. Daarin wordt voorzichtig geconcludeerd dat de concentratie microplastics in ons drinkwater laag is en vooralsnog geen bedreiging lijkt te vormen voor de volksgezondheid, maar op haar eigen website benadrukt de organisatie dat er vooral meer onderzoek nodig is: ‘WHO calls for more research into microplastics and a crackdown on plastic pollution.’

Juist dit gebeurt momenteel in Nederland! Hiervoor is 1,6 miljoen euro ter beschikking gesteld aan ZonMw, die gezondheidsonderzoek en zorginnovatie stimuleert. Er lopen in ons land nu vijftien onderzoeken naar de effecten van micro- en nanoplastics op ons lichaam.

Op 3 oktober organiseert de Plastic Soup Foundation samen met ZonMw en de internationale Plastic Health Coalition in Amsterdam het allereerste congres ter wereld over de resultaten van deze onderzoeken naar de relatie tussen plastic en gezondheid. Er is al bewezen dat er plasticdeeltjes in onze ontlasting aanwezig zijn, en bij het zebravisje is al aangetoond dat die de barrière naar de hersenen hebben doorbroken.

Het congres zal worden bijgewoond door wetenschappers, media en grote internationale ondernemingen uit de hele wereld, zoals Pete Meyers (topwetenschapper en oprichter van Environmental Health Services), Sharon Lerner (journaliste van The Intercept) en Inditex.
Bezoek de website van het congres voor informatie en aanmelding: Plastic Health Summit
Klik hier voor het onderzoeksprogramma: www.zonmw.nl/microplastics
Of benader ons voor meer informatie over het WHO-onderzoek.

De eerste Plastic Health Summit ter wereld

We eten, drinken en ademen microplastics. Maakt dat ons ziek? Deze vraag staat centraal tijdens de eerste Plastic Health Summit ter wereld. Op 3 oktober 2019 organiseren Plastic Soup Foundation en ZonMw, in samenwerking met de Plastic Health Coalition, dé conferentie over de menselijke gezondheidseffecten van plastic. Op deze dag worden de eerste tussenresultaten van 15 baanbrekende Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken bekend gemaakt.

Ook wordt nieuw bewijsmateriaal van de gezondheidsgevolgen van – bijvoorbeeld – BPA, PFAS, ftalaten en andere chemische plastic additieven in ons dagelijks leven bekend gemaakt. We slaan bruggen tussen de verschillende spelers, zoals de industrie, politiek en wetenschap, om gezamenlijk oplossingen te bedenken en concrete samenwerkingsverbanden op touw te zetten.

Voor deze conferentie in Amsterdam geldt een ‘Invite Only’. Vind jij het belangrijk om bij dit internationale prestigieuze event te zijn? Vertel ons waarom in een mail aan rsvp@plasticsoupfoundation.org.

, ,

Microplastics aangetroffen in 119 merken wasmiddel

Amsterdam, 3 juli 2019 – In Oostenrijk hebben een milieu- (GLOBAL 2000) en een consumentenorganisatie (AK OÖ) samen meer dan 300 wasmiddelen onderzocht op microplastics. In 119 wasmiddelen werden microplastics (> 50 μm) aangetroffen. Niet alleen de lijst van ingrediënten was het uitgangspunt, ook werden 36 monsters in het laboratorium op aanwezigheid van microplastics onderzocht. 

GLOBAL2000

 

De uitkomsten werden vergeleken met de lijst van 520 polymeren die ECHA begin 2019 publiceerde (Annex XV Restriction Report) en welke naar verwachting volgend jaar in de Europese Unie verboden worden. Enkele supermarktketens hebben al tijdens het onderzoek toegezegd de zogenaamde microbeads uit hun huismerken te zullen verwijderen. Het rapport, Test Plastik in Waschmitteln, verwelkomt die stap, maar roept op tot een verbod van alle toegevoegde microplastics; óók de vloeibare.

Vloeibaar plastic

Het Europese chemie agentschap ECHA heeft voorgesteld om in 2020 alle opzettelijk toegevoegde microplastics in wasmiddelen te verbieden in de Europese Unie. Maar de plastics in opgeloste of vloeibare vorm vallen hier waarschijnlijk buiten. Van deze vloeibare polymeren is het onduidelijk in hoeverre deze op natuurlijke wijze afbreken in het milieu. Het rapport roept daarom op om ook vloeibaar plastic toe te voegen tot de te verbieden ingrediënten. Het rapport laat zien dat er voldoende merken zijn die zonder kunnen.

Gebrekkige informatie

Anders dan bij cosmetica zijn producenten van wasmiddelen niet verplicht om alle ingrediënten te vermelden op de verpakking van het product. De Europese regelgeving staat toe dat er verwezen wordt naar een website, waar vervolgens alle ingrediënten per product terug te vinden moeten zijn. De onderzoekers constateren dat deze vorm van informatievoorziening omslachtig en gebrekkig is. Ze bepleiten regelgeving dat alle ingrediënten altijd op verpakkingen vermeld moeten worden, zoals dat ook het geval is bij verzorgingsproducten.

Lees hier het Oostenrijkse persbericht (in Duits).


Lees ook:

ECHA wil verbod op opzettelijk toegevoegde microplastics

, ,

Bandenslijtage op één na belangrijkste bron van microplastics in water en lucht

Amsterdam, 18 juni 2019 – Tijdens het autorijden slijten autobanden waarbij kleine deeltjes plastic vrijkomen. Dit gebeurt met name tijdens het optrekken en remmen waarna de microplastics in het riool, oppervlaktewater of in de lucht belanden. Hiermee draagt het autoverkeer bij aan fijnstof en milieuvervuiling. Nieuw onderzoek, uitgevoerd door de Open Universiteit, schat dat fijnstof als gevolg van bandenslijtage jaarlijks verantwoordelijk is voor 130,000 tot 300,000 doden wereldwijd.

De onderzoekers zijn tot deze schatting gekomen door gegevens over autogebruik en afgelegde kilometers te verzamelen uit dertien landen; acht West-Europese landen, Australië, India, Brazilië, China en de Verenigde Staten. Hierdoor is ongeveer de helft van de wereldbevolking en 60% van de voertuigen wereldwijd vertegenwoordigd in het onderzoek. Vervolgens rekenden de onderzoekers uit dat per hoofd van de bevolking gemiddeld genomen 0.8 kilogram microplastics door bandenslijtage wordt gegenereerd. Een gemiddelde Nederlandse burger produceert ongeveer een halve kilogram bandenslijtstof per jaar.

Lekkage naar het milieu

Fijnstof in de lucht bestaat voor 3% tot 7% uit bandenslijtstof. Maar behalve dat de microplastics in de lucht belanden, draagt bandenslijtage ook bij aan de plasticsoep in rivieren en de oceaan. Geschat wordt dat 5% tot 10% van de plastics in de oceaan op het conto kan worden geschreven van bandenslijtstof. Hiermee is bandenslijtstof na rondslingerend plastic afval de grootste bron van microplastics in het milieu.

Maatregelen

Momenteel is er geen alternatief materiaal beschikbaar voor autobanden, maar de onderzoekers dragen wel een aantal beleidsmaatregelen aan. Bandenslijtage zal afnemen wanneer enkel nog slijtvaste banden in gebruik worden genomen en door het aanleggen van asfaltwegen en door zelfsturende auto’s. Daarnaast kan volgens de onderzoekers verbeterde efficiëntie in het afvangen van microplastics in waterzuiveringssystemen bijdragen aan een reductie van microplastics naar rivieren en zeeën.


Lees ook: Microplastics door slijtage van banden is nauwelijks tegen te gaan.

,

Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht

Amsterdam, 13 juni 2019 – Het is genoegzaam bekend dat we plastic deeltjes drinken, eten en ademen. Maar hoeveel zijn dat er en hoe schadelijk is het voor onze gezondheid? Het Wereldnatuurfonds (WWF) heeft deze week een onderzoek gepubliceerd en komt met een nieuw gegeven. In de uitgave No plastic in nature: assessing plastic ingestion from nature to people staat als hoofdconclusie dat we per week 5 gram plastic binnen kunnen krijgen, evenveel als het gewicht van een creditkaart. De onderzoekers baseren hun conclusies op bestaande studies en houden terecht veel slagen om de arm.

Nieuwe campagne van WWF

Het rapport, dat overheden oproept drastische maatregelen te nemen om de plasticsoep tegen te gaan en ook bepleit dat er veel meer onderzoek moet worden gedaan, gaat gepaard met een nieuwe campagne die het WWF lanceert. Het schokkende getal van 5 gram plastic dat een mens per week binnenkrijgt, staat daarin centraal. Dit wordt vergeleken met dagelijkse voorwerpen zoals een pen, een creditkaart of een dobbelsteen, om de boodschap over te brengen hoeveel plastic je binnenkrijgt. Met deze campagne zal veel publiek bereikt worden, toch is enige nuance op zijn plaats.

Nadruk op gewicht zegt weinig

Het onderzoek is uitgevoerd door de University of Newcastle in Australië. Voor hun berekening hebben de onderzoekers het gewicht van de plastic deeltjes geschat. Ze gaan uit van circa 2000 plasticdeeltjes per week die we consumeren en die bij elkaar 5 gram wegen. Zo’n negentig procent daarvan zouden we via het drinken van water binnenkrijgen, via leidingwater en met name via flessenwater. In een studie die vorig jaar verscheen (en waar de onderzoekers ook naar verwijzen), werd in 93% van de onderzochte 259 onderzochte flessen mineraalwater microplastics aangetroffen, gemiddeld 325 per liter. Het overgrote deel daarvan — 315 deeltjes — bestaat echter uit ultrakleine deeltjes. Zo klein dat je daarvan het gewicht niet kunt vaststellen.
Eerder deze week verscheen ook een Canadees onderzoek over Human Consumption of Microplastics. De jaarlijkse inname ligt volgens dit onderzoek op 50.000 deeltjes. Ook hier gaat het om ultrakleine deeltjes die vrijwel niets wegen.

Nadruk moet liggen op grootte

Voor de menselijke gezondheid zijn juist die ultrakleine deeltjes, genaamd nanoplastics, het meest relevant. Beter gezegd: de deeltjes die qua gewicht vrijwel niet meetellen, zijn waarschijnlijk het meest schadelijk. Deze kunnen namelijk celmembranen passeren en organen binnendringen. Grotere deeltjes, waarvan je het gewicht wel kunt vaststellen, poep je doorgaans weer uit. Overigens ontbreken nog altijd standaardmethoden om de risico’s van micro- en nanoplastics in het lichaam te kunnen beoordelen.

Plastic Health Coalition

Om uit te zoeken hoe gevaarlijk micro- en nanoplastics werkelijk zijn, heeft de Plastic Soup Foundation het initiatief genomen tot een samenwerkingsverband waarin wetenschappers en milieuorganisaties samenwerken: The Plastic Health Coaltion. In dit kader zijn eerder dit jaar vanuit ZonMw in Nederland vijftien onderzoeken gestart naar de effecten van micro- en nanoplastics. Op 3 oktober worden tijdens de Plastic Health Summit de eerste resultaten gepresenteerd.


Lees ook: ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic