Berichten

Patagonia

Maak producenten verantwoordelijk voor vervuiling van water door microplastics

Amsterdam, 22 januari 2020 – Om water te zuiveren van microplastics en microverontreinigingen zijn miljarden euro’s nodig. Worden die kosten straks doorberekend aan de consument? De Europese waterbedrijven bepleiten dat EU-regelgeving strenger moet worden toegepast, dat vervuilende producenten verantwoordelijk worden gehouden en voor die kosten opdraaien.

‘Consumenten mogen de rekening niet gepresenteerd krijgen, want zij zijn niet schuldig aan de vervuiling. Om schoon water voor iedereen betaalbaar te houden, moeten de kosten bij de verantwoordelijke bedrijven worden gelegd via uitgebreide producentenverantwoordelijkheid.’ Dit is de belangrijkste conclusie van het adviesbureau Deloitte aan de EurEau, de Europese Federatie van nationale koepelorganisaties in de water- en afvalwatersector. Het deze maand uitgebrachte advies baseert zich op twee principes; het voorzorgprincipe en het principe dat de vervuiler betaalt.

Voorzorgprincipe

Er zijn nu geen restricties voor plastic producten die bijdragen aan de vervuiling. Er is onvoldoende controle op wat wel en niet verkocht mag worden. Het gevolg is dat mensen en alle andere levende organismen voortdurend aan onwenselijke zaken worden blootgesteld. Er moet om die reden snel en corrigerend opgetreden worden, aldus Deloitte, en dat kan op basis van het voorzorgprincipe. Dit principe stelt dat ingrijpen door de overheid gerechtvaardigd is bij (dreigende) onomkeerbare milieuschade. Om te voorkomen dat onze wateren verder vervuilen, acht Deloitte aanpak van de vervuiling bij de bron van essentieel belang.

Vervuiler betaalt-principe

Het principe dat de vervuiler betaalt, moet via uitgebreide producentenverantwoordelijkheid toegepast worden. De juridische basis hiervoor is er. Het principe dat de vervuiler betaalt, is namelijk onderdeel van het verdrag van de Europese Unie, de Treaty on the Functioning of the European Union (TFEU, art. 191.2), en ook van de Kaderrichtlijn Water. Het probleem is dat dit principe in de praktijk (nog) niet wordt toegepast.

Bijvoorbeeld synthetisch textiel

Waterzuiveringsinstallaties hebben te maken met miljarden en nog eens miljarden microvezels die afkomstig zijn van het machinaal wassen van synthetisch textiel. Om dit vezelverlies te voorkomen wordt aanpak bij de bron bepleit. Waar moeten we volgens het rapport aan denken? Op dit moment bestaat er geen verplichting om op labels voor kleding informatie te verstrekken over potentieel schadelijke stoffen of het loslaten van microplastics. Hier zou een informatieplicht voor producenten kunnen worden ingevoerd. Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid kan ook vorm krijgen door de verplichte inname van afgedankte kleding. Of synthetische kleding kan duurder gemaakt worden ten opzichte van kleding die gemaakt is van natuurlijke vezels om installeren van filters die microvezels in wasmachines afvangen te financieren.

Klik hier voor het Deloitte-rapport Study on the feasibility of applying extended producer responsibility to micropollutants and microplastics emitted in the aquatic environment from products during their life cycle.

Lees ook – Kraanwater wereldwijd vervuild met microvezels

Londen heeft hoogst gemeten concentratie microplastics in de lucht

Amsterdam, 10 januari 2020 – Nergens zijn zoveel microplastics in de lucht gemeten als in Londen. De overgrote meerderheid van die microplastics (92%) zijn vezels afkomstig van synthetische kleding en vloerbedekking. Microplastics in de lucht zijn onderdeel van fijnstof. Het inademen van fijnstof kan leiden tot allerlei gezondheidsklachten.

Gedurende een maand werden twee keer per week uit de lucht neergedaalde microplastics geteld op het dak van een negen verdiepingen hoog gebouw. Elk afzonderlijke monster bevatte meer microplastics dan in Parijs en de Chinese stad Dongguan gemeten werd. Londenzelf is waarschijnlijk de bron van de microplastics met een uitwaaierend effect op de wijde omgeving, maar het is moeilijk om precies aan te geven waar de minuscuul kleine vezelsvandaan komen. De studie verscheen eind vorig jaar in het wetenschappelijk tijdschrift Environment International.

Microvezels

Microplastics ontstaan door fragmentatie van plastic. Opmerkelijk is het hoge percentage vezels dat in Londen gemeten werd. Deze microvezels komen vrij als synthetisch textiel en tapijten slijten of worden gewassen. Er werden in Londen twintig keer zoveel microplastics gemeten van eenzelfde grootte als op een afgelegen plek in de Pyreneeën. Verder constateerden de onderzoekers dat weersomstandigheden weinig invloed hebben op de hoeveelheid neergedaalde microplastics, terwijl een studie over fallout van microplastics in Parijs leek te wijzen op een verband met regenachtig weer.

Aandeel microplastics in fijnstof

Een hoge concentratie fijnstof leidt tot allerlei gezondheidsklachten. In de studie wordt opgemerkt dat er daarom wereldwijd initiatieven worden genomen om fijnstof afkomstig van verkeer of het verbranden van hout te reduceren. Maar er zijn nauwelijks of geen initiatieven gericht op het verminderen van microplastics in de lucht.

Door de jaarlijkse groei van plasticgebruik en met name van synthetisch textiel zal de samenstelling van het fijnstof veranderen; het aandeel microplastics zal toenemen. De onderzoekers bepleiten meer basisonderzoek naar de aanwezigheid van microplastics in de lucht en de blootstelling van mensen. Die kennis in onontbeerlijk om beter te kunnen begrijpen wat de mogelijke rol van microplastics is met betrekking tot gezondheidsklachten die met fijnstof in verband worden gebracht. Bekijk bijvoorbeeld de presentatie van Fransienvan Dijk tijdens de Plastic Health Summit vorig jaar oktober.

Het onderzoek in Londen werd geleid door Dr. Stephanie Wright van King’s College. Ook zijwas een spreker op de Plastic Health Summit. Wright: ‘An important next step in predicting risk is to estimate human exposure to airborne microplastics’.

 

Lees ook – Worden we ziek van plastic? Sterke afname in groei luchtwegen

Lees ook – Het regent microplastics, overal en elke dag

Lees ook – Fallout van plastic microvezels

,

Falende aanpak microvezels uit synthetische kleding

Amsterdam, 22 augustus 2019 – Tegenover een voortvarende Europese aanpak van microplastics in cosmetica staat een falende aanpak van de microvezels die vrijkomen tijdens het wassen, drogen en dragen van plastic kleding. Terwijl dat een veel grotere bron van vervuiling is! De Plastic Soup Foundation vindt dat de Nederlandse overheid bij de Europese Commissie moet pleiten voor een strenge norm.

ECHA

Het Europese Chemische Agentschap (ECHA) stelt een verbod voor om opzettelijk toegevoegde microplastics in diverse producten, zoals cosmetica, wasmiddelen en verf. Het voorstel vloeit voort uit de Plastic Strategy van de Europese Commissie van januari 2018. ECHA past het voorzorgprincipe toe: we weten dat plastic in het milieu niet vergaat en dat microplastics er onmogelijk uitgehaald kunnen worden. Door de steeds hogere concentratie van microplastics zal dit op den duur onherroepelijk leiden tot risico’s voor het milieu en de menselijke gezondheid. ECHA maakt in haar onderbouwing geen onderscheid tussen soorten microplastics. De redenering gaat dus ook op voor microvezels afkomstig van synthetische kleding.

Collective Industrial Agreement

In de Plastic Strategy van de Europese Commissie werd in januari 2018 aangekondigd dat een nieuw opgericht Europees industrieel consortium testmethoden zou ontwikkelen om verlies van synthetische vezels tijdens wassen te meten. Op basis daarvan zou de Europese Commissie eisen stellen. De Europese textielsector richtte toen de Collective Industrial Agreement op. Doel van dit samenwerkingsverband is om testmethoden te ontwikkelen om vezelverlies te meten.

Testmethode

In het eerste persbericht, tegelijk met de Plastic Strategy gepubliceerd, staat dat voor het einde van 2018 in een conceptvoorstel aan de Europese Commissie gemeld zou worden welke kennis nog ontwikkeld moet worden om aan mogelijke oplossingen te (kunnen) werken ter voorkoming van vezelverlies. Dit voorstel is tot op de dag van vandaag niet verschenen. Tot nu toe zijn vertegenwoordigers van textielbedrijven slechts enkele keren bij elkaar gekomen om te praten over een gestandaardiseerde testmethode. Volgens het verslag van de laatste bijeenkomst, die afgelopen mei plaatsvond, moet een concept Test Method Report nog worden goedgekeurd door de participerende bedrijven.

Nederlandse overheid

De Europese Commissie legde het initiatief geheel bij de textielsector. De Nederlandse overheid doet niet anders. In juni 2018 liet de staatsecretaris van Veldhoven aan de Tweede Kamer weten: ‘Ik ga nu eerst verkennen met de textielbranche welke innovatieve oplossingen zij ziet om de emissies van vezels naar het water te voorkomen en om nadere afspraken hierover te maken.’ Daarnaast heeft het Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu (RIVM) enkele maanden geleden op verzoek van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een rapport uitgebracht over mogelijk te nemen maatregelen. Voor de overheid zelf wordt als maatregel genoemd: ‘Het vaststellen en vastleggen van maximumnormen voor de afgifte van microplasticvezels.’

Europese aangelegenheid

De Nederlandse overheid wijst in zulke gevallen steevast naar Europa en verzoekt in het beste geval de Europese Commissie om te komen tot een norm voor vezelverlies. De Commissie zal op haar beurt informeren bij de Collective Industrial Agreement. Want vóór er tot een norm besloten kan worden, moet die afgifte eerst met zekerheid gemeten kunnen worden. En dan komt de aap uit de mouw: er is nog niet eens een concept test-meetrapport waar de Europese textielsector het onderling over eens is.

De textielsector maakt geen enkele haast met het presenteren van voorstellen die uiteindelijk ten koste gaan van omzet of winst. En de overheid wacht passief af. Hoe lang zal het nog duren voordat er een wettelijke norm is met betrekking tot verlies van plastic microvezels? De Plastic Soup Foundation vindt dat de Nederlandse overheid de Europese Commissie actief moet vragen om een strenge norm voor vezelverlies, mede op basis van het door ECHA gehanteerde voorzorgprincipe.

Ocean Clean Wash

De Plastic Soup Foundation wil niet wachten op een norm. Op de vernieuwde site Ocean Clean Wash worden oplossingen die consumenten handelingsperspectief bieden. G-Star start een instore campagne om Planet Care filters te promoten. Sympatex werkt aan een speciale coating. Dit zijn bedrijven in de sector die voorop lopen en actief stappen zetten in de goede richting.


Lees ook – Textielsector negeert probleem van plastic microvezels

Lees ook – ECHA wil verbod op opzettelijk toegevoegde microplastics

Lees ook – Verklaring microvezels Europese textielindustrie onder de maat

 

 

 

 

 

 

,

Het regent microplastics, overal en elke dag

Amsterdam, 17 april 2019 – Soms brengt de wind zand uit de Sahara naar Nederland. De lucht kan daardoor oranje kleuren en als het ook nog eens licht regent kan alles onder een laagje roodachtig stof komen te zitten. Onderzoekers vroegen zich af hoe dat zit met microplastics in de lucht. Ook die blijken neer te dalen en grote afstanden te kunnen overbruggen. Daardoor komen ze overal terecht, ook in afgelegen natuurgebieden.

Nieuwe studie

In de bergen van de Franse Pyreneeën, ver weg van de bewoonde wereld, is onderzocht hoeveel microplastics er dagelijks uit de lucht neerdalen op de grond. Monsters werden over een periode van vijf maanden genomen. Het ging om droge en natte — met regendruppels meekomende — depositie. Per vierkante meter werden elke dag gemiddeld 249 plastic stukjes gevonden, 73 stukjes film en 44 vezels. Berekeningen leerden dat de wind al die microplastics gemakkelijk over een afstand van 95 kilometer kon vervoeren, en vermoedelijk over nog veel grotere afstanden. Het artikel verscheen in Nature Geoscience.

Twee eerdere onderzoeken

Terwijl er relatief veel onderzoek wordt gedaan naar microplastics die via water hun weg naar elders vinden, is de kennis over microplastics in de lucht nog heel beperkt. In 2016 werd voor het eerst fallout van microvezels gemeten. In Parijs en in een voorstad van Parijs werd toen geteld wat er dagelijks aan microvezels uit de lucht neerdwarrelt. Toen werden tussen de twee en 355 microvezels per vierkante meter per dag geteld. Vorig jaar hebben Chinese onderzoekers vastgesteld dat in de Chinese stad Dongguan de dagelijkse fallout tussen de 175 en 313 microplastics per vierkante meter betrof. Daar waren de meeste microplastics synthetische microvezels.


Lees ook – Fallout van plastic microvezels

Lees ook – Hoe schadelijk is het inademen van microplastics?

,

Meer gerecycled PET in kleding: geen garantie op minder vezelverlies

Amsterdam, 25 februari 2019 – Plastic microvezels worden overal teruggevonden; in water, op land en in de lucht. Het machinaal wassen van synthetische kleding is de belangrijkste oorzaak. Per wasbeurt laten zeker honderdduizenden en soms wel miljoenen piepkleine vezels los.

Het Britse parlement heeft in het vorige week verschenen rapport Fixing fashion vastgesteld dat de textiel- en fast fashion-industrie een van de meest vervuilende sectoren is. Het verlies aan microvezels is slechts een van vele milieuproblemen die de sector veroorzaakt. Het gaat ook om zaken als watervervuiling, grote CO2-uitstoot, gebruik van giftige stoffen, naast tal van sociale mistanden. Het rapport, opgesteld op basis van hoorzittingen door de parlementaire Environmental Audit Committee, zegt waar het op staat en wil dat de sector haar milieubelasting sterk omlaag brengt. Ook wil de commissie dat de Britse overheid effectieve maatregelen treft.

In het Verenigd Koninkrijk hebben 59 textielbedrijven beloofd om vanaf 2020 ten minste 25% PET (gerecycled PET) in hun kleding te gebruiken. Dat brengt allerlei (milieu)voordelen met zich mee. Er hoeft minder nieuw plastic gebruikt te worden, er komt minder plastic op vuilnisbelten, er ontstaat een afzetmarkt voor gebruikte plastic flessen en niet in de laatste plaats wordt er bespaard op CO2. Het is vanwege deze voordelen begrijpelijk, dat ook de parlementaire commissie deze koers volgt en voorstelt dat er in het Verenigd Koninkrijk veel meer kleding moet worden gemaakt van gerecycled plastic. Dat zou gestimuleerd moeten worden door een belasting te heffen op alle synthetische kleding die niet ten minste uit 50% gerecycled PET bestaat.

Maar helaas leidt kleding van gerecycled plastic ook tot vezelverlies. Hier wordt het ene milieuprobleem in stand gehouden om andere (milieu)problemen te helpen oplossen. De commissie voegt weliswaar toe dat kleding met gerecycled PET speciaal ontworpen moet zijn op het minimaliseren van vezelverlies, maar laat in het midden of dat technisch haalbaar is. En ‘minimaliseren van vezelverlies’ (“garments designed to minimise shedding”) is zo vaag als het maar zijn kan.

Zonder een norm voor vezelverlies is zelfs het gevaar aanwezig dat de gepropageerde weg (meer recyclaat in kleding) averechts uitpakt voor de plasticsoep, doordat er per saldo niet minder maar meer plastic vezels in het milieu terecht komen.


Lees ook – Miljoenen microvezels in afvalwater per wasbeurt.

Textielsector negeert probleem van plastic microvezels

Amsterdam, 9 januari 2018 – Je ziet ze niet, maar vezels afkomstig van synthetische kleding zijn overal. Ze zitten in het water en zweven in de lucht. We ademen ze in en ze dwarrelen neer op het land. Een tweeluik in De Groene Amsterdammer maakte vorig jaar niet alleen inzichtelijk dat zich een ecologische ramp voltrekt, maar ook dat er niets wordt gedaan om deze ramp tegen te gaan.

Twee conclusies worden door de journalist Marieke Sjerps getrokken in de artikelen die op 24 oktober en op 5 december verschenen. De kledingindustrie slaat zich graag op de borst wanneer het om duurzaamheid gaat, maar op dit onderwerp houdt ze zich muisstil. Het probleem van de microvezels heeft geen enkele prioriteit binnen de sector. De tweede conclusie is dat de overheid niet ingrijpt en initiatieven liever over laat aan de markt.

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66) schreef afgelopen zomer aan de Tweede Kamer “Ik ga nu eerst verkennen met de textielbranche welke innovatieve oplossingen zij ziet om de emissies van vezels naar het water te voorkomen en om nadere afspraken hierover te maken”. Zij verwees in dit verband naar het Platform Circulair Textiel. Dit platform van bedrijven heeft als doel om de ontwikkeling van circulaire economie in de kleding- en textielsector te bevorderen en publiceerde de Roadmap Circulair Textiel.

Heeft de sector al nagedacht over het tegengaan van plastic microvezels die bij wassen en drogen van synthetisch textiel vrijkomen? Het gaat gemiddeld om negen miljoen vezels per wasbeurt van 5 kilo polyester was, bleek uit onderzoek dat eind 2017 in het wetenschappelijk tijdschrift Environmental Pollution verscheen. Ondanks een toenemend aantal wetenschappelijke onderzoeken die wijzen op de problemen van plastic microvezels negeert het Platform Circulair Textiel dit milieuprobleem volledig. Daarentegen wordt garen gemaakt van PET-flessen in de Roadmap als positief voorbeeld van circulair ontwerpen gepresenteerd. Alsof textiel van PET-flessen geen onwenselijk vezelverlies met zich meebrengt.

De kans dat de textielsector zelf met oplossingen komt, zoals de staatssecretaris wil, lijkt dus erg klein. Dit wordt bevestigd door een kleinschalig onderzoek dat studenten van de Universiteit van Amsterdam in opdracht van de Plastic Soup Foundation afgelopen najaar hebben uitgevoerd.

De duurzaamheidsmanagers van negen willekeurige bedrijven in de textielsector werden geïnterviewd en twee vragen stonden centraal: “Wat weten bedrijven in de textielsector over plastic microvezels?” en “Staan de bedrijven open voor oplossingen?”

Er bleek allereerst een onthutsend groot gebrek aan kennis. Van de geïnterviewde bedrijven was een derde niet eens op de hoogte van het probleem van de plastic microvezels. En het kon ook geen groot probleem zijn, “omdat klanten er nooit vragen over stellen”. De bedrijven geloven verder niet, dat de sector zelfregulerend zal kunnen optreden. Het enige dat zou helpen, is dat de overheid spelregels bepaalt waaraan alle bedrijven zich moeten houden. “Richtlijnen vanuit de sector zijn niet effectief”, aldus een van de duurzaamheidsmanagers. Ook stelden de studenten vast dat er geen enkele economische prikkel bestaat voor bedrijven om het probleem op te lossingen. De studenten noemden hun onderzoek treffend “Plastic microvezels. De Achilleshiel van de Circulaire Economie.”

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Overheid en textielbedrijven wijzen naar elkaar, maar kijken vooral weg van dit probleem. Daar moet snel verandering in komen. Wij zijn al enkele jaren geleden met de campagne Ocean Clean Wash gestart en nodigen textielbedrijven uit de hele keten uit zich daarbij aan te sluiten. Begin februari maken we bovendien nieuwe testresultaten van een aantal grote merken bekend; hoeveel vezels verliest hun kleding, maar maken we ook enkele oplossingen wereldkundig. Ik ga natuurlijk graag bij de Staatssecretaris op bezoek om deze baanbrekende innovaties nu al te bespreken.”

 

Lees ook – Waste2Wear maskeert probleem microvezels.

Waste2Wear maskeert probleem microvezels

Amsterdam, 18 december 2018 – Waste2Wear produceert merkkleding op basis van PET-flessen waarvan 30% uit de oceaan is gehaald. Aangesloten bij het initiatief zijn de Nederlandse modemerken Promiss, Claudia Sträter, Wehkamp, Steps. Oilly, Joolz en Expresso. In samenwerking met deze bedrijven worden door Waste2Wear in het kader van het Ocean Plastic Project twee miljoen flesjes verwerkt in 100.000 mode items voor de winter van 2018. Het lijkt een nobel initiatief: “Samen werken we aan oplossingen en zeggen NEE tegen Ocean Pollution.”

Er is echter een groot probleem. Synthetisch textiel genereert tijdens gebruik en machinaal wassen miljoenen microvezels. In een studie van het Europese Mermaids Life+ onderzoeksproject, dat in 2016 in Environmental Pollution verscheen, wordt geconcludeerd dat er gemiddeld 9 miljoen microvezels vrijkomen per was van 5 kilo synthetische kleding. Die microvezels zijn zo klein dat je ze overal aantreft; in de lucht, in huisstof en in het water. Ze dringen door in voedselketens en in ons lichaam. Wetenschappers maken zich er grote zorgen over.

Is Waste2Wear de wereld aan het redden door flessen uit de oceaan te vissen en daar nieuwe kleding van te maken? Of draagt het bedrijf juist bij aan de plasticsoep doordat kleding van Waste2Wear die microvezels veroorzaken?

Op de site van Waste2Wear wordt het probleem van de microvezels aangekaart. Waste2Wear erkent in een van de FAQs dat vervuiling van microvezels een groeiende zorg is voor de textiel- en kledingindustrie en dat er een lange weg te gaan is om het probleem aan te pakken. Maar dan wordt opeens beweerd dat het gebruik van gerecycled plastic 55% minder microvezels veroorzaakt dan regulier polyester. Dit zou blijken uit een Zweedse studie. De eerste resultaten van dat Zweedse onderzoek “zijn zeer positief voor gerecycled plastic”.

Waste2Wear zet hier de lezer op het verkeerde been. In de genoemde studie uit 2017 komt het percentage van 55% namelijk helemaal niet voor. In de conclusie van dat rapport wordt ook niet gesteld dat het beter zou zijn om gerecycled plastic te gebruiken. Er staat wel dat de studie geen ondersteuning biedt voor de wel gehoorde aanname dat textiel van gerecyclede polymeren meer vezels genereren dan textiel van primair plastic.

In 2018 volgde het wetenschappelijk artikel “Microplastics Shedding from Textiles”, gepubliceerd in Sustainability, van de hand van dezelfde auteurs. Ook in deze publicatie wordt de bewering van Waste2Wear niet gestaafd. Integendeel: “The results show little difference in [shedding] between virgin and recycled content in the fabric.”

Waste2Wear zegt NEE tegen Ocean Pollution, maar de pijnlijke waarheid is dat het er tegelijk aan bijdraagt.

Lees ook – ”Van een jurk maak je noot opnieuw een plastic fles”, De Groene Amsterdammer, 5 december 2018.

Lees ook: Waste2Wear ocean plastic project

, ,

Update Ocean Clean Wash-campagne augustus 2018

De Ocean Clean Wash-campagne slaat een nieuwe weg in om de vervuiling door microvezels uit synthetische kleding te stoppen: iedere stap in de keten wordt getackeld en we zoeken naar oplossingen. We verwachten dat het vrijkomen van synthetische microvezels in de komende jaren met 80% zal afnemen.

Hiervoor hebben we belanghebbenden uit iedere stap in de levenscyclus van textiel producten bij elkaar gebracht. Dit zijn partijen die interesse hebben getoond in het werken aan en het stimuleren van oplossingen. Samen vormen zij de Coalition of the Willing.

Wij geloven dat we oplossingen moeten zoeken voor het produceren van het garen, voor het produceren van de stoffen en zelfs voor het einde van de levenscyclus van een product. We kunnen het ons niet permitteren om slechts naar één stap van de keten te kijken. Alle betrokkenen bij de levenscyclus van kleding zijn namelijk verantwoordelijk voor dit probleem. Door oplossingen voor de verschillende stappen uit de cyclus te combineren, zal de vervuiling door microvezels geleidelijk aan afnemen en uiteindelijk zelfs helemaal gestopt kunnen worden.

Er zijn momenteel veelbelovende oplossingen die de hoeveelheid vrijkomende microvezels aanzienlijk kunnen verminderen. Zo wordt er een wasmachinefilter ontwikkeld door de start-up Planet Care in Slovenië. Recente tests hebben aangetoond dat hiermee 80% van de vrijkomende vezels kan worden tegengehouden. Tegelijkertijd werkt een onderzoeksinstituut in Italië, het Consiglio Nazionale delle Ricerche (CNR), aan een pectine-coating die aan het garen kan worden toegevoegd om het vrijkomen van microvezels mogelijk met 80% terug te dringen.

Als onderdeel van de campagne hebben we de afgelopen maanden vier kledingmerken getest om ze te rangschikken als het gaat om het vrijkomen van microvezels. Het onderzoeksinstituut CNR in Italië heeft twee sportmerken en twee fast fashion-merken getest volgens constante variabelen. De resultaten van deze onderzoeken zullen half oktober bekendgemaakt worden.

Bent u als belanghebbende geïnteresseerd in deelname aan de Coalition of the Willing? Wilt u meehelpen om oplossingen te zoeken voor wat waarschijnlijk de grootste bron van microplastic-vervuiling is in onze oceaan? Neem dan contact op met ons.

, , ,

Hoe schadelijk is het inademen van microplastics? 

Amsterdam, 23 maart 2018 – Ongeveer 16% van wat jaarlijks in de wereld aan plastic geproduceerd wordt, bestaat uit synthetische textielvezels. Die productie is in het afgelopen decennium elk jaar met ruim 6% gegroeid en bedraagt nu zo’n 60 miljoen ton per jaar. Kunststof kleding is verantwoordelijk voor oneindig veel microvezels die zelfs in drinkwater teruggevonden worden. De aanwezigheid van superkleine plastic deeltjes in de lucht is echter nog nauwelijks onderzocht.  

Frans onderzoek toonde eerder aan dat de plastic microvezels niet alleen in de buitenlucht worden aangetroffen, maar ook in gebouwen, en vooral ook in stof op de vloer. Van alle vezels in de buitenlucht, bleek 29% van plastic te zijn. Het staat vast dat mensen deze microvezels inademen. Binnen krijgen baby’s die over de vloer kruipen vermoedelijk de meeste vezeltjes binnen.  

Leidt inademen tot gezondheidsschade? De Franse onderzoekers, nu samen met Britse collega’s, tonen zich uiterst bezorgd en pleiten met spoed voor nader interdisciplinair onderzoek in een recent verschenen artikel in ScienceDirect. Hun artikel “Microplastic in air: Are we breathing it in?” gaat in op de vraag waar de deeltjes vandaan komen en wat de gezondheidsrisico’s zijn. 

De meeste ingeademde deeltjes zullen door het lichaam ook weer naar buiten worden gewerkt. Maar gevreesd wordt dat een deel tot diep in de longen doordringt en daar permanent aanwezig blijft, simpelweg omdat plastic niet afbreekt. Er kunnen reacties in het lichaam ontstaan, zoals ontstekingen, vooral bij mensen die al minder vitaal zijn. Enkele bevindingen uit het artikel: 

  • de concentratie van plastic vezels in binnenruimten is beduidend hoger dan in de buitenlucht, ook zijn de vezels langer;  
  • plastic deeltjes worden aangetroffen in longweefsel. Dit duidt erop dat het lichaam niet alle deeltjes naar buiten weet te werken; 
  • blijven deeltjes in de longen achter, dan is dat voor lange tijd omdat ze bio persistent zijn; 
  • vanaf een bepaalde concentratie en bij langdurige inademing lijken alle soorten vezels tot ontstekingen te leiden. De vorm van de vezels maakt ook uit. De langere lijken schadelijker te zijn; 
  • arbeiders die werken met plastic textielvezels kennen een reeks van longaandoeningen, zoals hoesten en beperktere longcapaciteit;  
  • een belangrijke beperking is de meetmethode. De onderzoekers hebben gekeken naar 50 μm, maar het detecteren van deeltjes kleiner dan 10 μm is cruciaal.  

Lees ook: Label op synthetische kleding vanwege microvezels in Californië

, , ,

Waarschuwingslabel plastic kleding hard nodig

Amsterdam, 22 maart 2018 – De microvezels die bij het machinaal wassen van synthetische kleding vrijkomen, vormen een van de belangrijkste en moeilijkst te bestrijden bronnen van de plasticsoep. Het gaat om miljoenen vezels per wasbeurt en die vezels zijn zó klein dat ze onmogelijk allemaal uit het afvalwater gehaald kunnen worden. In Californië is nu een wetsvoorstel ingediend om alle synthetische kleding verplicht te voorzien van een waarschuwing. Kleding die voor minimaal 50% synthetisch is, moet een label krijgen met de tekst “This garment sheds plastic microfibers when washed. Hand washing recommended.” Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, is het per 1 januari 2020 van kracht.  

In Europa buigt een industrieel consortium van textielbedrijven zich over de vraag hoe verspreiding van microvezels uit synthetische kleding te voorkomen is. Voor het einde van 2018 zou dit samenwerkingsverband, aldus een in januari uitgebrachte verklaring, mogelijke oplossingen aan de Europese Commissie presenteren. Die verklaring is echter zo vaag dat het consortium in feite de verdenking op zich laadt een strategie te hanteren om maatregelen zo lang mogelijk uit te stellen. 

Het wetsvoorstel in Californië kan worden opgevat als de lakmoesproef. Is het Europese samenwerkingsverband in het leven geroepen om serieus aan de slag te gaan, dan staat het verband niets in de weg om nu publiekelijk te verklaren dat ook in Europa zo’n label verplicht moet worden ingevoerd. Is het samenwerkingsverband daarentegen in het leven geroepen om allerlei denkbare maatregelen zo lang mogelijk uit te stellen (bijvoorbeeld onder het mom dat eerst nog heel veel onderzoek moet worden verricht), dan zal de industrie een dergelijke uitspraak nooit doen.  

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “De Europese Commissie moet niet wachten op de voorstellen die de Europese textielindustrie eind 2018 zal presenteren, maar net als in Californië een waarschuwingslabel verplicht stellen. Daarmee worden de consumenten ten minste voorgelicht. En dat is een belangrijke eerste stap in de bestrijding van deze milieuramp”.