Berichten

,

Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht

Amsterdam, 13 juni 2019 – Het is genoegzaam bekend dat we plastic deeltjes drinken, eten en ademen. Maar hoeveel zijn dat er en hoe schadelijk is het voor onze gezondheid? Het Wereldnatuurfonds (WWF) heeft deze week een onderzoek gepubliceerd en komt met een nieuw gegeven. In de uitgave No plastic in nature: assessing plastic ingestion from nature to people staat als hoofdconclusie dat we per week 5 gram plastic binnen kunnen krijgen, evenveel als het gewicht van een creditkaart. De onderzoekers baseren hun conclusies op bestaande studies en houden terecht veel slagen om de arm.

Nieuwe campagne van WWF

Het rapport, dat overheden oproept drastische maatregelen te nemen om de plasticsoep tegen te gaan en ook bepleit dat er veel meer onderzoek moet worden gedaan, gaat gepaard met een nieuwe campagne die het WWF lanceert. Het schokkende getal van 5 gram plastic dat een mens per week binnenkrijgt, staat daarin centraal. Dit wordt vergeleken met dagelijkse voorwerpen zoals een pen, een creditkaart of een dobbelsteen, om de boodschap over te brengen hoeveel plastic je binnenkrijgt. Met deze campagne zal veel publiek bereikt worden, toch is enige nuance op zijn plaats.

Nadruk op gewicht zegt weinig

Het onderzoek is uitgevoerd door de University of Newcastle in Australië. Voor hun berekening hebben de onderzoekers het gewicht van de plastic deeltjes geschat. Ze gaan uit van circa 2000 plasticdeeltjes per week die we consumeren en die bij elkaar 5 gram wegen. Zo’n negentig procent daarvan zouden we via het drinken van water binnenkrijgen, via leidingwater en met name via flessenwater. In een studie die vorig jaar verscheen (en waar de onderzoekers ook naar verwijzen), werd in 93% van de onderzochte 259 onderzochte flessen mineraalwater microplastics aangetroffen, gemiddeld 325 per liter. Het overgrote deel daarvan — 315 deeltjes — bestaat echter uit ultrakleine deeltjes. Zo klein dat je daarvan het gewicht niet kunt vaststellen.
Eerder deze week verscheen ook een Canadees onderzoek over Human Consumption of Microplastics. De jaarlijkse inname ligt volgens dit onderzoek op 50.000 deeltjes. Ook hier gaat het om ultrakleine deeltjes die vrijwel niets wegen.

Nadruk moet liggen op grootte

Voor de menselijke gezondheid zijn juist die ultrakleine deeltjes, genaamd nanoplastics, het meest relevant. Beter gezegd: de deeltjes die qua gewicht vrijwel niet meetellen, zijn waarschijnlijk het meest schadelijk. Deze kunnen namelijk celmembranen passeren en organen binnendringen. Grotere deeltjes, waarvan je het gewicht wel kunt vaststellen, poep je doorgaans weer uit. Overigens ontbreken nog altijd standaardmethoden om de risico’s van micro- en nanoplastics in het lichaam te kunnen beoordelen.

Plastic Health Coalition

Om uit te zoeken hoe gevaarlijk micro- en nanoplastics werkelijk zijn, heeft de Plastic Soup Foundation het initiatief genomen tot een samenwerkingsverband waarin wetenschappers en milieuorganisaties samenwerken: The Plastic Health Coaltion. In dit kader zijn eerder dit jaar vanuit ZonMw in Nederland vijftien onderzoeken gestart naar de effecten van micro- en nanoplastics. Op 3 oktober worden tijdens de Plastic Health Summit de eerste resultaten gepresenteerd.


Lees ook: ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic

Camera in Wageningen legt vast: koraal eet plastic

Amsterdam, 12 juni 2019 – Voor het eerst is het gefilmd: koralen eten microplastics. En ze lijken het nog lekker te vinden ook. Een zeebioloog van Wageningen University and Research (WUR) had de zorgwekkende primeur.

Koralen voeden zich normaal gesproken met planktondiertjes. In 2015 al hebben onderzoekers echter aangetoond dat steenkoralen als filterdieren het onderscheid tussen plankton en microplastics niet kunnen maken. Toen leerde een analyse dat in 21% van de onderzochte koralen ten minste één microplastics werd aangetroffen. Veel dieren vergissen zich omdat ze plastic aanzien voor voedsel, maar koralen hebben geen ogen. Daarom werd door andere onderzoekers, in 2017, verondersteld dat koralen plastic eten omdat het lekker smaakt. Nu is het verschijnsel ook op film vastgelegd.

Smakelijke additieven?

Koralen blijken een voorkeur te hebben om schoon plastic te eten boven plastic waar een laagje bacteriën omheen zit. Het plastic lijkt dus van zichzelf smakelijk te zijn. Het vermoeden bestaat daarom dat de chemische additieven hierin een rol spelen. De koralen aten alle aangeboden soorten plastic, maar hadden geen interesse in zand. De koralen kunnen het ingeslikte plastic niet goed verwerken. Duidelijk is ook dat door de toenemende plasticvervuiling koralen steeds meer in aanraking komen met plastic.

Op film: plastic eet koraal

Tim Wijgerde, zeebioloog van de Universiteit Wageningen, doet al jaren onderzoek naar koraal en met name naar het herstel en de instandhouding van koraalriffen. Hij heeft op film weten vast te leggen dat koraal diverse stukjes plastic naar binnen werkt. Wijgerde: “Hoewel we al wisten dat koralen plastic kunnen eten, ontbraken tot nu toe duidelijke opnamen van dit gedrag. Daarom plaatste ik in ons Wageningse koraallab een hoge resolutie camera boven enkele koraalpoliepen en voerde ik ze stukjes plastic van ongeveer 2 millimeter grootte. Binnen een uur werd duidelijk dat ook onze koralen microplastic erg lekker vinden. Nu moeten we onderzoek doen om uit te zoeken hoe schadelijk microplastic voor het voortbestaan van koraal is.”

Bekijk de 12 minuten durende film, A Reef by Night and Day van Tim Wijgerde. Na 10 minuten en 40 seconden begint het bewuste fragment.


Lees ook:
Steenkoralen eten microplastics
Plastic maakt koraalriffen ziek

Veroorzaakt plasticsoep de achteruitgang van insecten?

Amsterdam, 6 juni 2019 – Van de acht miljoen soorten op aarde (planten en dieren) zijn er naar schatting 5,5 miljoen soorten insecten. De belangrijke recent verschenen internationale studie van het IPBES (International Science-Policy Platform for Biodiversity and Ecosystem Services) concludeert na vergelijking van 15.000 wetenschappelijke publicaties dat één miljoen soorten bedreigd worden met uitsterven, waaronder ongeveer 10% van alle insectensoorten. Een vorig jaar verschenen studie van Wageningen Environmental Research drukt het anders uit: de biomassa van (vliegende) insectenpopulaties is met circa 75% achteruitgegaan in Nederland in de afgelopen 27 jaar.

Complex van factoren

De achteruitgang wordt volgens de Wageningse onderzoekers veroorzaakt door een complex van factoren, zoals klimaatverandering, gebruik van insecticiden en versnippering van leefgebieden. Opmerkelijk is dat microplastics niet genoemd worden in het rijtje van mogelijke oorzaken. Wel constateren de onderzoekers grote kennishiaten. Is plastic zo’n kennishiaat? Gaat de neergang van de insectenpopulatie niet gelijk op met het ontstaan van de plasticsoep? Kan onderzoek uitsluiten dat er een causaal verband is?

Insecten krijgen microplastics binnen

Micro- en nanoplastics worden in groten getale in rivieren en meren gevonden. Soorten die in deze wateren leven, waaronder insectenlarven, worden hieraan blootgesteld. Iers wetenschappelijk onderzoek toonde aan dat volwassen muggen microplastics in zich dragen die ze al als larve binnenkregen. Een muggenlarve blijkt met name grote hoeveelheden van de kleinste microplastics binnen te krijgen, variërend van 2500 tot 5048 deeltjes. De onderzoekers denken dat ook andere vliegende insecten die zich als larve in vervuild water ontwikkelen microplastics binnen krijgen. Een ander onderzoek stelde vast dat 50% van de onderzochte insecten in zoetwatersystemen in Zuid-Wales microplastics met zich mee dragen.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Is er een verband tussen microplastics in insecten en de massale insectensterfte? Onderzoekers zouden aan deze vraag alle prioriteit moeten geven.”


Lees ook:
Microplastics in insecten in rivieren in Zuid-Wales
Muggen verplaatsen microplastics van water naar land

,

Het regent microplastics, overal en elke dag

Amsterdam, 17 april 2019 – Soms brengt de wind zand uit de Sahara naar Nederland. De lucht kan daardoor oranje kleuren en als het ook nog eens licht regent kan alles onder een laagje roodachtig stof komen te zitten. Onderzoekers vroegen zich af hoe dat zit met microplastics in de lucht. Ook die blijken neer te dalen en grote afstanden te kunnen overbruggen. Daardoor komen ze overal terecht, ook in afgelegen natuurgebieden.

Nieuwe studie

In de bergen van de Franse Pyreneeën, ver weg van de bewoonde wereld, is onderzocht hoeveel microplastics er dagelijks uit de lucht neerdalen op de grond. Monsters werden over een periode van vijf maanden genomen. Het ging om droge en natte — met regendruppels meekomende — depositie. Per vierkante meter werden elke dag gemiddeld 249 plastic stukjes gevonden, 73 stukjes film en 44 vezels. Berekeningen leerden dat de wind al die microplastics gemakkelijk over een afstand van 95 kilometer kon vervoeren, en vermoedelijk over nog veel grotere afstanden. Het artikel verscheen in Nature Geoscience.

Twee eerdere onderzoeken

Terwijl er relatief veel onderzoek wordt gedaan naar microplastics die via water hun weg naar elders vinden, is de kennis over microplastics in de lucht nog heel beperkt. In 2016 werd voor het eerst fallout van microvezels gemeten. In Parijs en in een voorstad van Parijs werd toen geteld wat er dagelijks aan microvezels uit de lucht neerdwarrelt. Toen werden tussen de twee en 355 microvezels per vierkante meter per dag geteld. Vorig jaar hebben Chinese onderzoekers vastgesteld dat in de Chinese stad Dongguan de dagelijkse fallout tussen de 175 en 313 microplastics per vierkante meter betrof. Daar waren de meeste microplastics synthetische microvezels.


Lees ook – Fallout van plastic microvezels

Lees ook – Hoe schadelijk is het inademen van microplastics?

, ,

Microvezels gevonden in vlokreeften op diepste punt van oceaan

Amsterdam, 26 maart 2019 – Plastic is dieren binnengedrongen op de diepste plekken van de wereld. In de Mariana Trog, grofweg gelegen tussen Japan en de Filippijnen, ligt de bodem bijna elf kilometer onder de zeespiegel. Vorig jaar werd al bekend dat onderzoekers hier een plastic tas hadden aangetroffen. Rond de zes kilometer diepte bleek de concentratie aan plastic het hoogst met 335 stukken per vierkante kilometer. Het overgrote deel bleek single-use plastics te zijn.

Schokkende ontdekking

In dezelfde Mariana Trog is nu een andere ontdekking gedaan die nog schokkender is. Op deze diepte leven bepaalde vlokreeften (Lysianassoidea amphipod). Mariene biologen van de Newcastle University, die het zeeleven in de Mariana Trog en in vijf andere diepzeetroggen rond de Stille Oceaan bestuderen, vroegen zich af of ze misschien ook plastic in vlokreeften zouden aantreffen. Om die reden werden 90 vlokreeften uit deze zes diepzeetroggen onderzocht.

Foto: Newcastle University

Vooral synthetische vezels

Het resultaat: 72 procent van de vlokreeften hadden minstens één microplastic in hun lichaam. In de Marianatrog hadden alleonderzochte diertjes plastic in hun lichaam. In 84% van die gevallen ging het om microvezels afkomstig van synthetische kleding en in 16% van de gevallen om andere microplastics. In de minst vervuilde kloof, de Hebrides Trog, bleek nog altijd de helft van de onderzochte vlokreeften plastic in hun lichaam te hebben. De grootste vezel had een lengte van enkele millimeters, was paars en zat gekruld in de vorm van een 8 in een diertje dat amper groter was dan enkele centimeters.

Het onderzoek van de Newcastle University toont voor het eerst aan dat dieren zelfs op de diepst gelegen plekken van de wereld microplastics binnen krijgen. Lees hier het onderzoek.

Foto: Newcastle University


Lees ook – Plastics aangetroffen in het diepste deel van de oceaan.

,

Mijn plasticdagboek

Zeven uur, buiten loeit een ijzige storm. Mijn warme fleecetrui zit onder de poezenharen, dus ik klop hem stevig uit. Plastic microvezels stuiven in het rond. Ze komen in mijn longen en nestelen zich misschien wel in het longweefsel. Met viezigheid en al, want die trui is niet brandschoon. Blij dat ik geen astma heb.

Tijd voor een stormachtige ochtendwandeling door het park. In de vijver dobbert een leeg frietbakje. Ik vis het eruit en gooi het in de prullenpak. Sommige virussen en bacteriën voelen zich op plastic helemaal thuis, nog meer dan in de natuur. Ze zitten vast ook op de piepkleine plasticrestjes die op mijn vingertoppen zijn achtergebleven.

Even later worstel ik me door een ingewikkeld rapport. Ik kan me moeilijk concentreren. Is dat cafeïnegebrek of zit er inmiddels ook plastic in mijn brein? Ik spoel die laatste gedachte met een flinke slok cappuccino weg.

Mijn maag begint te rommelen. De biologische meergranencrackers, kaas en humus zijn hygiënisch in plastic verpakt. Mijn lunch is ongemerkt gekruid met piepkleine stukjes nanoplastic. Ze belanden in mijn darmen en wie weet wandelen ze via de darmwand verder naar mijn bloed en lymfestelsel. Dat lijkt me ongezond, maar misschien ben ik wel goed geconserveerd.

De middag is productief, ik typ op plastic toetsen, bel met mijn telefoon in plastic beschermhoesje, maak aantekeningen met een plastic pen. Dan is het tijd om mijn hoofd leeg te rennen. De soepele synthetische sportkleren laten minieme plasticdeeltjes achter op mijn huid, zo klein dat ze zich misschien wel in mijn cellen kunnen wurmen. Ik wijk uit voor een kersverse moeder met kinderwagen. Kreeg haar baby in de baarmoeder al plastic binnen, via de placenta en de navelstreng? Hij ziet er heel natuurlijk uit.

De hardloopkleren gaan meteen in de wasmachine en de droger, zodat er morgen een fris setje ligt. Zodra ik de deur van de droger opendoe, stoomt er weer een wolk microvezels in mijn longen.

Manlief roert ondertussen mosselen en vis door de paella. Die hebben van de plasticsoep in de oceaan gegeten. Het plastic heeft zich opgehoopt in hun vissenlijf en belandt nu ook in mij. Terwijl ik even later heerlijk lig te slapen, banen illegale micro- en nanoplastics zich mogelijk een weg door mijn lichaam. Als dat zo is, hoop ik maar dat het immuunsysteem ze oppakt en uitzet, net als andere ongewenste stoffen, maar het is niet zeker of dat met plastic goed werkt.

De volgende ochtend, zeven uur, begint een nieuwe plasticdag. Ik zal weer plastic inademen, eten en drinken. Vijftien onderzoekers gaan uitpluizen wat dat met mijn gezondheid doet. Dat is tegelijkertijd slecht en goed nieuws. Ik voel me kiplekker, maar voor de zekerheid ga ik vandaag nog op plasticdieet.

Renske Postma

Foto door Jeroen Gosse

 

, , ,

ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic

Amsterdam, 7 maart 2019– We krijgen dagelijks microplastics binnen via de lucht die we inademen en het voedsel dat we eten. Dringen deze microplastics vervolgens door in onze hersenen of het vruchtwater van ongeboren kinderen? Hebben de deeltjes invloed op onze darmbacteriën en longcellen? Beïnvloeden ze ons immuunsysteem?
Talloze vragen naar de mogelijke gezondheidsrisico’s van plastic zijn nu nog onbeantwoord, maar daar komt het komende jaar misschien verandering in.

ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek, heeft vandaag bekend gemaakt dat het vijftien kortlopende onderzoeken subsidieert naar de meest prangende vragen. In totaal gaat het om een bedrag van 1,6 miljoen euro waaraan ook NWO, het Gieskes-Strijbis Fonds en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat hebben bijgedragen.  Lees hier het persbericht van ZonMW.

De Plastic Soup Foundation zal daarbij als communicatiepartner over de resultaten publiceren op haar nieuwe Plastic Health Platform.

 

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation, tekent de samenwerkingsovereenkomst met ZonMw

Wetenschappelijk onderzoek naar mogelijke schadelijke gevolgen van micro- en nanoplastics op cel- en orgaanniveau staat nu nog wereldwijd in de kinderschoenen. Doordat er steeds meer alarmbellen afgaan over gezondheidsrisico’s door plastic, is dit nieuwe wetenschappelijke onderzoek urgenter dan ooit. Nederland positioneert zich met de ZonMw-onderzoeken dan ook als één van de wereldwijde koplopers.

Frank Pierik, programmamanager ZonMw: “We zijn blij dat de eerste projecten in het programma Microplastics & Health van start kunnen gaan. Er is nog veel onbekend. Met deze reeks kortlopende projecten hopen we een eerste tipje van deze sluiter te kunnen oplichten en dat dit aanleiding is tot meer structureel onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics.”

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation, licht toe “We zijn trots dat het zover is. Plastic en in het bijzonder micro- en nanoplastics vormen waarschijnlijk een gezondheidsrisico, maar helemaal zeker weten doen we het nog niet. De afgelopen jaren hebben we achter de schermen The Plastic Health Coalition gevormd om doorlopend over nieuwe research te communiceren en resultaten uit te wisselen. Wij mogen ook deze ZonMw onderzoeksresultaten wereldkundig maken en er onder andere mini docs over produceren. Deze video’s zullen op onze website en die van ZonMw te zien zijn. Een ander onderdeel van The Plastic Health Coalition is het Plastic Test Lab. Aanvullend op de ZonMw-onderzoeken testen we in samenwerking met de Vrije Universiteit van Amsterdam verschillende producten op de afgifte van microplastics en nanoplastics (denk aan plastic theezakjes in heet water) en hormoon verstorende additieven zoals weekmakers en brandvertragers.”

Foto door Karl Taylor Photography


Lees ook: Belangrijk nieuw rapport plastic health 

Lees ook: Mariene Microplastics mogelijke bedreiging voor de volksgezondheid

, ,

Alikruik wordt makkelijke prooi door toxische microplastics

Amsterdam, 29 november 2018– De gewone alikruik (Littorina littorea), een slak die in zee leeft, staat op het menu van de strandkrab (Carcinus maenas). Normaal gesproken verdedigen de alikruiken zich door zich in hun schelp terug te trekken zodra ze de aanwezigheid van een krab bespeuren. Nu blijkt uit onderzoek dat dit verdedigingsmechanisme, aangeduid met de term chemosensory, niet meer werkt door giftige stoffen afkomstig van microplastics.

In het laboratorium van het Centre National de la Recherche Scientifique (CNRS) in Frankrijk werden slakken in water geplaatst met een concentratie aan microplastic pellets. Daarvoor werden nieuwe pellets gebruikt en in eenzelfde proefopstelling pellets die afkomstig van stranden aan het Nauw van Calais. Die laatste groep pellets had lange tijd in zee gelegen. De nieuwe en nog schone pellets hadden enig effect op de gedragsverandering van de alikruiken, maar de pellets uit zee vertoonden een veel groter effect. In zee trekken microplastics gifstoffen uit hun omgeving aan als ware het een magneet. Het onderzoek is in Biology Letters gepubliceerd.

De chemische stoffen die zich aan het plastic in zeewater hechten of die uit het plastic lekken, leggen het verdedigingsmechanisme van de alikruik lam. Daardoor kunnen aanvallende krabben niet meer op tijd gedetecteerd worden. De resultaten suggereren een dramatisch effect van microplastics in zee op dieren die van chemosensory afhankelijk zijn. Het gaat om de eerste studie die niet alleen kijkt naar de gevolgen voor één diersoort, maar naar de interactie tussen twee soorten, waarbij de ene soort de prooi is van de andere.


Lees ook: Oneindig veel diersoorten eten en poepen plastic

, ,

Oneindig veel diersoorten eten en poepen plastic

Amsterdam, 21 november 2018– In 2015 stelden Nederlandse onderzoekers al vast dat het aantal mariene soorten dat plastic inslikt of erin verstrikt raakt, verdubbeld was sinds 1997: van 267 tot 557. In 2018 berichtte National Geographic dat dat aantal nu rond de 700 ligt. De genoemde aantallen zijn echter geen weerslag van het werkelijke aantal soorten (zee)dieren dat hinder ondervindt van plastic, maar slechts van het aantal soorten dat wetenschappelijk onderzocht is.

Krijgen zoetwatervissen in het Amazonegebied plastic binnen? Die vraag kon tot voor kort niet beantwoord worden, omdat nog nooit iemand dat had onderzocht. Nu is dat wel gebeurd voor zestien vissoorten in de Braziliaanse rivier Xingu. In dertien soorten vis bleken zich microplastics te bevinden, dat wil zeggen in 80%. In totaal werden 172 vissen ontleed. Uit de magen van 45 vissen werden 96 stukjes plastic gehaald. Het meest voorkomende plastic was polyethyleen. Het artikel verscheen in het tijdschrift Environmental Pollution. De onderzoekers noemen het alarmerend dat plastic vervuiling in het Amazonegebied wijdverspreid blijkt.

Dat in drie vissoorten geen plastic werd aangetroffen, wil niet zeggen dat die soorten vrij zijn van plastic. Het kan immers toeval zijn dat in de exemplaren van deze drie soorten geen plastic werd aangetroffen. Wanneer veel meer exemplaren behorende tot deze drie soorten zouden zijn onderzocht, zitten daar wellicht wel exemplaren tussen met plastic in hun maag.

Behalve naar de maaginhoud kun je ook ontlasting op aanwezigheid van microplastics onderzoeken. Daar geldt hetzelfde. Ook dan blijkt dat vrijwel alle soorten die onderzocht worden plastic in de ontlasting hebben. Dat geldt niet alleen voor de mens, maar bijvoorbeeld ook voor de niet in gevangenschap gehouden Zuid-Amerikaanse zeebeer (artikel in Science Direct) of voor zeevogels (artikel in Science of the Total Environment).

Het heeft langzamerhand geen zin meer om het aantal diersoorten dat last heeft van plastic te tellen, maar wel om de volgende wetenschappelijke vraag te beantwoorden: van welke diersoorten mogen we redelijkerwijs aannemen dat ze niet in aanraking komen met plastic, er niet verstrikt in raken, het niet in maag krijgen én het ook niet uitpoepen? Het antwoord zal zonder twijfel zijn: schrikbarend weinig.

Foto: microplastics uit onderzochte Amazone vissen


Lees ook:

Plasticsoep nu ook plastic poep
Weekmakers in plastic vertragen taalontwikkeling baby’s 

,

Weekmakers in plastic vertragen taalontwikkeling baby’s

Amsterdam, 8 november 2018– Om plastic producten hard te maken, gebruik je verstevigende stoffen zoals Bisfenol A (BPA). Om plastic juist zacht en buigzaam te krijgen, gebruik je weekmakers zoals ftalaten. Beide groepen chemische stoffen worden er sterk van verdacht onze hormoonhuishouding te verstoren. Iedereen, jong en oud, wordt er voortdurend aan blootgesteld en niet alleen door plastic producten. Blootstelling aan hormoonverstorende stoffen wordt zelfs met ongeveer tachtig ziekten in verband gebracht, waaronder zaadbalkanker, obesitas en voorplantingsstoornissen.

Aan de reeks van studies die wijzen op de schadelijkheid van deze stoffen, kan er nu weer één worden toegevoegd. Zweedse en Amerikaanse onderzoekers hebben urine van zwangere vrouwen op de aanwezigheid van ftalaten onderzocht. De uitkomsten werden gerelateerd aan de woordenschat van hun kinderen toen deze dertig maanden oud waren. Minder dan 50 woorden werd beschouwd als een achterstand in de taalontwikkeling. Er bleek aan beide zijden van de oceaan een significant verband tussen de aanwezigheid van twee specifieke ftalaten en taalachterstand. CNN bericht over dit onderzoek.

Dat vooral zwangere vrouwen een risicogroep vormen, is al veel langer bekend. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) concludeerde in een rapport dat de blootstellingsnormen voor BPA moeten worden aangescherpt, vooral bij zwangere vrouwen en jonge kinderen. In plaats van strengere wetgeving kwam toenmalig minister Edith Schippers (VVD) van Volksgezondheid in maart 2016 met de toezegging aan de Tweede Kamer dat de voorlichting aan zwangere vrouwen en jonge moeders die de borst geven zou worden uitgebreid. Dat zou zij doen samen met het RIVM, het Voedingscentrum en VeiligheidNL.

De Zweedse en Amerikaanse onderzoekers doen ook enkele aanbevelingen om risico’s te vermijden: “Buy less processed meat, use alternatives to plastic when possible, and avoid microwaving food or beverages in plastic when possible”. De resultaten van hun studie onderstrepen het belang van voorlichting. Is na de toezegging van de minister die voorlichting in Nederland inderdaad verbeterd?

Op de site van VeiligheidNL is er niets over vinden. Het Voedingscentrum zegt dat “het van belang is dat de blootstelling aan BPA voor zwangeren, vrouwen die borstvoeding geven, pasgeborenen en jonge kinderen zo laag mogelijk is”. Maar ook: “Kijk je naar alle producten samen [waarin BPA verwerkt is], dan ligt de hoeveelheid die je als consument binnenkrijgt ver onder de huidige gezondheidslimiet.” Het RIVM heeft de voorlichting in 2017 wel uitgebreid, maar de adviezen om hoge inname van mogelijk hormoonverstorende stoffen te voorkomen, zijn uiterst mager en algemeen. Ze lezen als een open deur: “Eet gevarieerd, gebruik producten volgens de gebruiksaanwijzing en vermijd situaties waarin je langdurig dezelfde stoffen binnenkrijgt.”

Daarmee moeten zwangere vrouwen het doen. Een belrondje leert nog dat consultatiebureaus geen specifieke voorlichting geven over het vermijden van blootstelling aan BPA en/of ftalaten. Dat betere voorlichting wel degelijk kan, laat Denemarken zien. Hoe het daar toegaat, staat samengevat in een rapport van Wemos.

Minister Schippers van Volksgezondheid koos in 2016 voor betere voorlichting in plaats van strengere wetgeving. De conclusie kan geen andere zijn dan dat die voorlichting niet van de grond is gekomen. Des te belangrijker is het dat de aanbevelingen in het Nationaal Plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie opgevolgd worden. Dit plan, opgesteld door Wemos en WECF, en mede ondertekend door de Plastic Soup Foundation en de Stichting Tegengif, werd afgelopen september gepresenteerd aan de Tweede Kamer.


Lees ook: Nationaal Plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie

Lees ook: Ziekenhuizen moeten BPA-vrij.