Berichten

,

Meer gerecycled PET in kleding: geen garantie op minder vezelverlies

Amsterdam, 25 februari 2019 – Plastic microvezels worden overal teruggevonden; in water, op land en in de lucht. Het machinaal wassen van synthetische kleding is de belangrijkste oorzaak. Per wasbeurt laten zeker honderdduizenden en soms wel miljoenen piepkleine vezels los.

Het Britse parlement heeft in het vorige week verschenen rapport Fixing fashion vastgesteld dat de textiel- en fast fashion-industrie een van de meest vervuilende sectoren is. Het verlies aan microvezels is slechts een van vele milieuproblemen die de sector veroorzaakt. Het gaat ook om zaken als watervervuiling, grote CO2-uitstoot, gebruik van giftige stoffen, naast tal van sociale mistanden. Het rapport, opgesteld op basis van hoorzittingen door de parlementaire Environmental Audit Committee, zegt waar het op staat en wil dat de sector haar milieubelasting sterk omlaag brengt. Ook wil de commissie dat de Britse overheid effectieve maatregelen treft.

In het Verenigd Koninkrijk hebben 59 textielbedrijven beloofd om vanaf 2020 ten minste 25% PET (gerecycled PET) in hun kleding te gebruiken. Dat brengt allerlei (milieu)voordelen met zich mee. Er hoeft minder nieuw plastic gebruikt te worden, er komt minder plastic op vuilnisbelten, er ontstaat een afzetmarkt voor gebruikte plastic flessen en niet in de laatste plaats wordt er bespaard op CO2. Het is vanwege deze voordelen begrijpelijk, dat ook de parlementaire commissie deze koers volgt en voorstelt dat er in het Verenigd Koninkrijk veel meer kleding moet worden gemaakt van gerecycled plastic. Dat zou gestimuleerd moeten worden door een belasting te heffen op alle synthetische kleding die niet ten minste uit 50% gerecycled PET bestaat.

Maar helaas leidt kleding van gerecycled plastic ook tot vezelverlies. Hier wordt het ene milieuprobleem in stand gehouden om andere (milieu)problemen te helpen oplossen. De commissie voegt weliswaar toe dat kleding met gerecycled PET speciaal ontworpen moet zijn op het minimaliseren van vezelverlies, maar laat in het midden of dat technisch haalbaar is. En ‘minimaliseren van vezelverlies’ (“garments designed to minimise shedding”) is zo vaag als het maar zijn kan.

Zonder een norm voor vezelverlies is zelfs het gevaar aanwezig dat de gepropageerde weg (meer recyclaat in kleding) averechts uitpakt voor de plasticsoep, doordat er per saldo niet minder maar meer plastic vezels in het milieu terecht komen.


Lees ook – Miljoenen microvezels in afvalwater per wasbeurt.

Waste2Wear maskeert probleem microvezels

Amsterdam, 18 december 2018 – Waste2Wear produceert merkkleding op basis van PET-flessen waarvan 30% uit de oceaan is gehaald. Aangesloten bij het initiatief zijn de Nederlandse modemerken Promiss, Claudia Sträter, Wehkamp, Steps. Oilly, Joolz en Expresso. In samenwerking met deze bedrijven worden door Waste2Wear in het kader van het Ocean Plastic Project twee miljoen flesjes verwerkt in 100.000 mode items voor de winter van 2018. Het lijkt een nobel initiatief: “Samen werken we aan oplossingen en zeggen NEE tegen Ocean Pollution.”

Er is echter een groot probleem. Synthetisch textiel genereert tijdens gebruik en machinaal wassen miljoenen microvezels. In een studie van het Europese Mermaids Life+ onderzoeksproject, dat in 2016 in Environmental Pollution verscheen, wordt geconcludeerd dat er gemiddeld 9 miljoen microvezels vrijkomen per was van 5 kilo synthetische kleding. Die microvezels zijn zo klein dat je ze overal aantreft; in de lucht, in huisstof en in het water. Ze dringen door in voedselketens en in ons lichaam. Wetenschappers maken zich er grote zorgen over.

Is Waste2Wear de wereld aan het redden door flessen uit de oceaan te vissen en daar nieuwe kleding van te maken? Of draagt het bedrijf juist bij aan de plasticsoep doordat kleding van Waste2Wear die microvezels veroorzaken?

Op de site van Waste2Wear wordt het probleem van de microvezels aangekaart. Waste2Wear erkent in een van de FAQs dat vervuiling van microvezels een groeiende zorg is voor de textiel- en kledingindustrie en dat er een lange weg te gaan is om het probleem aan te pakken. Maar dan wordt opeens beweerd dat het gebruik van gerecycled plastic 55% minder microvezels veroorzaakt dan regulier polyester. Dit zou blijken uit een Zweedse studie. De eerste resultaten van dat Zweedse onderzoek “zijn zeer positief voor gerecycled plastic”.

Waste2Wear zet hier de lezer op het verkeerde been. In de genoemde studie uit 2017 komt het percentage van 55% namelijk helemaal niet voor. In de conclusie van dat rapport wordt ook niet gesteld dat het beter zou zijn om gerecycled plastic te gebruiken. Er staat wel dat de studie geen ondersteuning biedt voor de wel gehoorde aanname dat textiel van gerecyclede polymeren meer vezels genereren dan textiel van primair plastic.

In 2018 volgde het wetenschappelijk artikel “Microplastics Shedding from Textiles”, gepubliceerd in Sustainability, van de hand van dezelfde auteurs. Ook in deze publicatie wordt de bewering van Waste2Wear niet gestaafd. Integendeel: “The results show little difference in [shedding] between virgin and recycled content in the fabric.”

Waste2Wear zegt NEE tegen Ocean Pollution, maar de pijnlijke waarheid is dat het er tegelijk aan bijdraagt.

Lees ook – ”Van een jurk maak je noot opnieuw een plastic fles”, De Groene Amsterdammer, 5 december 2018.

Lees ook: Waste2Wear ocean plastic project

, ,

Verbied en vermijd plastic glitters

Amsterdam, 7 december 2018– De glitters rukken op. Je treft ze tegenwoordig aan in producten als nagellak, hairspray, shampoo en zonnebrand. Dan zijn er nog de party-glitters die je op je gezicht aanbrengt. Het lijkt allemaal even onschuldig als leuk, maar dat is het niet. Glitters zijn overwegend van plastic, vaak een combinatie van aluminium en PET. Ze spoelen met het douchewater weg en komen gemakkelijk in het milieu terecht.

De afgelopen jaren is de verkoop van alle glitter-producten wereldwijd enorm gegroeid. De meeste gebruikers beseffen niet dat glitters stukjes plastic zijn en dat gebruik ervan bijdraagt aan de plasticsoep. Sociale media als Instagram zou de groei voor een deel verklaren, omdat mensen foto’s delen en elkaar nadoen. Zie bijvoorbeeld deze pagina met glitters op tongen.

Terwijl de discussie over microplastics in verzorgingsmiddelen de laatste jaren volop gevoerd is, lijken de glitters vooral buiten schot te zijn gebleven. De aandacht ging vooral uit naar het verwijderen van microplastics met een scrubfunctie. Wanneer wetgeving alleen die plastic scrubdeeltjes verbiedt, blijven glitters en andere microplastics buiten beschouwing.

Vorig jaar riepen Engelse wetenschappers op tot een verbod op glitters.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Denk twee keer na of je met de komende feestdagen glitters op doet, en als je ze toch wilt, vraag dan expliciet om glitters die niet van plastic zijn.”

Foto: Glitter advertentie drogisterij.net


Lees ook: Europees parlement wil verbod op microplastics in cosmetica 

, , ,

Vervuilende drankmultinationals lobbyen tegen vaste doppen

Amsterdam, 18 oktober 2018 – Doppen van drankflesjes behoren tot de meest gevonden items op stranden. Doppen zijn gemaakt van plastic dat drijft, terwijl het PET van de flesjes zinkt. Afgelopen mei kwam de Europese Commissie met een voorstel voor een nieuwe richtlijn om de plasticsoep te bestrijden. De plannen zijn mede gebaseerd op items die het meest op stranden worden aangetroffen. Het is dus logisch dat de Europese Commissie drankfabrikanten wil verplichten om doppen voortaan aan flessen vast te maken. Denk aan het succes van het vaste lipje van blikjes. Volgende week woensdag wordt over de nieuwe richtlijn gestemd. De lobbymachine van frisdrankbedrijven draait op volle toeren om deze maatregel ongedaan te maken.

Coca-Cola, PepsiCo, Nestlé zijn de top drie grootste vervuilers. Dit bleek uit een eerder deze maand gepubliceerd onderzoek naar herkomst van merken van gevonden zwerfvuil-items. Het zijn deze drie bedrijven die, samen met Danone, op 9 oktober een lobbybrief stuurden aan de Europese Commissie. In de gelekte brief, waarover De Standaard bericht, stellen ze dat de beoogde maatregel niet zal leiden tot het gewenste resultaat. Volgens hen moet het mogelijk zijn om door invoering van statiegeld of door de ontwikkeling van andere ophaalsystemen in 2025 ten minste 90% van alle flessen, inclusief de doppen, in te zamelen. Als tussentijds, in 2021, zou blijken dat deze aanpak onhaalbaar is, dan zou de vaste dop alsnog verplicht kunnen worden gesteld. Lees ook het bericht in de Independent.

“If this proposal is accepted we will start introducing the mentioned commitments immediately” beloven de vier. Het klinkt als chantage, want artikel 9 van het voorstel van de Europese Unie gaat al uit van de innamedoelstelling van 90% in 2025.

Volgens Recycling Netwerk blijft de drankenindustrie weigeren om belangrijke maatregelen te nemen in de strijd tegen zwerfvuil. Recycling Netwerk vat de gevolgde tactiek samen: de bedrijven proberen nieuwe maatregelen op de lange baan te schuiven en tijd te winnen in de hoop dat de volgende Europese Commissie de maatregel niet meer invoert.

Dat statiegeld een effectief systeem is om de doelstellingen te halen, wordt door de multinationals in de brief benadrukt. Dit is ironisch, omdat ze zich tegelijkertijd verzetten tegen de invoering ervan in afzonderlijke landen zoals België, Frankrijk en Spanje. De vier multinationals schrijven verder dat ze in Nederland en in Duitsland maart volgend jaar zullen vaststellen wat het percentage ingeleverde doppen via statiegeld is. Maar ze lijken even te zijn vergeten dat er in Nederland alleen statiegeld wordt geheven op grote flessen en niet op de kleinste flesjes. Die vind je om die reden massaal overal terug als zwerfafval. CE Delft gaat in een rapport uit van 50-100 miljoen kunststof flesjes per jaar, inclusief de doppen.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “De drankindustrie toont met haar lobbybrief onbedoeld aan hoe belangrijk het is om statiegeld voor alleplastic drankflessen in te voeren én ervoor te zorgen dat de doppen vast worden gemaakt aan de fles. Hun poging om de voorgestelde doppen-verplichting te ontlopen, laat duidelijk zien dat ze kostenreductie nog altijd veel belangrijker vinden dan behoud van het milieu.”


Lees ook: Coca-Cola is grootste plasticvervuiler.

Lees ook: Voorstel Europese commissie tot reductie van eenmalig plastic.

, ,

Coca-Cola is grootste plasticvervuiler

Amsterdam, 10 oktober 2018 – Wereldwijd onderzoek naar de herkomst van plastic zwerfvuil heeft Coca-Cola aangewezen als grootste vervuiler. Het rapport Branded. In search of the world’s top corporate plastic polluters, samengesteld door Break Free From Plastic (BFFP) op basis van 239 opruimacties die dit jaar in 42 landen plaatsvonden, geeft alle details. Lees hier het persbericht.

Zo’n 10.000 vrijwilligers hebben meer dan 187.000 plastic verpakkingen opgeruimd en genoteerd om welk merk het gaat. De top drie bestaat uit Coca-Cola, PepsiCo, Nestlé. Het meest gevonden plastic was polystyreen, gevolgd door PET.

Het rapport wijst op de noodzaak dat multinationals verantwoordelijkheid nemen voor de afvalfase van hun producten en deze niet op de schouders leggen van de consument en (plaatselijke) overheden. Om de crisis van de plasticsoep te bezweren zijn onverpakte producten nodig of verpakkingen die opnieuw gebruikt kunnen worden.

Ondanks mooie woorden over circulaire economie blijven multinationals, zowel in de voedsel en drankindustrie als in de cosmetica en de huishoudbranche, hun producten aanbieden in eenmalige plastic verpakkingen. BFFP roept de multinationals op om de productie van eenmalige plastic verpakkingen — de single-use plastics — drastisch te verminderen en hun verantwoordelijkheid nu echt te nemen.

Onder de de top vervuilers in Azië zijn westerse multinationals. Deze zijn, aldus het rapport, voor 30% verantwoordelijk voor de plasticvervuiling. In 2017 werden in de Filippijnen bij een strand op Manilla 54,260 stukken plastic gevonden en geanalyseerd. Unilever en Nestlé bleken toen de grootste vervuilers.

Von Hernandez, Global Coordinator van de Break Free From Plastic: “Door voort te gaan met het massaal produceren van wegwerpplastic voor hun producten maken deze multinationals zich schuldig aan het vervuilen van de aarde op een ongekend grote schaal. Het is de hoogste tijd dat ze hun verantwoordelijkheid erkennen en stoppen met het afschuiven van de schuld op consumenten”.


Lees ook: Unilever grootste vervuiler in de Filipijnen.

Lees ook: Tienduizenden stuks zwerfvuil opgeruimd in Nederland op World Cleanup Day.

Europese PET-lobby valt door de mand

Amsterdam, 28 september 2018 – Frankrijk is één van de landen die voorop loopt in de strijd tegen de plasticsoep. Twee jaar geleden verbood het de dunne plastic tas. Niet lang daarna kwam het verbod op wegwerpservies per 2020. Afgelopen zomer waren rietjes en plastic roerstaafjes aan de beurt en sinds 14 september jongstleden werd de wet opnieuw aangescherpt, aldus een bericht in Le Monde. Nu wordt ook de beschikbaarheid van plastic bakjes en wegwerpartikelen op scholen, universiteiten en crèches per 1 januari 2020 verboden. De maatregel is winst voor het milieu, maar een doorn in het oog van de Europese PET-industrie vanwege omzetverlies.

De PET-industrie wordt in Europa vertegenwoordigd door Petcore Europe en Pet Sheet Europe. Gezamenlijk hebben ze een persbericht uitgebracht. Daarin wordt gesteld dat de laatste aanpassing van de Franse wet in strijd is met Europese regelgeving, met name met het recht om verpakkingen op de markt te brengen en met het vrije verkeer van goederen. Eerst moet Europa namelijk het juridisch raamwerk in orde hebben, voordat een afzonderlijk land tot een dergelijk verbod kan overgaan. Of deze redenering standhoudt, is voer voor juristen.

Het persbericht biedt daarnaast een ontluisterend inkijkje hoe een industrie die steeds verder onder druk komt te staan, reageert op overheidsmaatregelen om single-use plastics te verbieden. De PET-industrie zegt begaan te zijn met het milieu, maar propageert een andere oplossing. PET is optimaal te recyclen en dus roept de PET-industrie Europese wetgevers met klem op om een goed werkend systeem voor de inzameling van plastic verpakkingen te introduceren “in order to close the loop”. De achterliggende gedachte is dat dan onbeperkt PET geproduceerd kan blijven worden.

Het staat er echt: “De kringloop moet gesloten worden”. De PET-industrie weet heel goed dat dit onmogelijk is, maar zwijgt daarover in alle talen. Van gebruikt PET wordt bijvoorbeeld kleding gemaakt, zoals fleece truien, en wanneer die kleding machinaal gewassen en gedroogd wordt, ontstaan plastic microvezels. Die spoelen vervolgens weg met het afvalwater en kunnen daar nooit meer uitgefilterd worden. Dat het per wasbeurt gemiddeld om 9 miljoen vezels gaat, heeft het Europese Mermaids Life+ onderzoek uitgewezen. De PET-industrie is medeverantwoordelijk voor deze grote bron van vervuiling en doet er helemaal niets tegen.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “PETcore Europe en PET Sheet Europe moeten zich diep schamen. Ze doen er alles aan om een vervuilend productiesysteem zo lang mogelijk in stand te houden. Het is de hoogste tijd dat de Europese Unie dwingende reductiemaatregelen afdwingt en daarbij ook rekening houdt met de negatieve effecten van recycling, zoals de microvezels afkomstig van kleding die van PET gemaakt is. Maar natuurlijk ook: hoera voor durfal Frankrijk, dat wederom het goede voorbeeld geeft.”

Van Veldhoven (D66): brevet van onvermogen in statiegelddossier

Amsterdam, 12 maart 2018 – Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Stientje van Veldhoven (D66) laveert tussen het spreekwoordelijke Scylla en Charybdis. Zij doet alsof ze gehoor geeft aan de overweldigende maatschappelijke wens om statiegeld in te voeren op kleine plastic flessen en blikjes. Zo hebben honderden gemeenten en maatschappelijke organisaties zich aangesloten bij de Statiegeldalliantie, die wil dat het statiegeld dit jaar nog wordt uitgebreid naar kleine flesjes en blik. Ondertussen geeft zij het bedrijfsleven zijn zin om statiegeld de komende jaren nog niet in te voeren. In een brief aan de Tweede Kamer schrijft ze dat statiegeld pas wordt ingevoerd als “in het najaar van 2020 blijkt dat onverhoopt niet aan de afgesproken doelen is voldaan”.

In de brief zegt Van Veldhoven uitvoering te geven aan de petitiemotie van de Plastic Soup Surfer, die al door haar voorgangster Dijksma (PvdA) was omarmd. De regering nam begin 2017 de petitiemotie over om het aantal plastic flesjes in het zwerfafval binnen drie jaar met ten minste 90% te verminderen. Van Veldhoven zwakt die motie af en noemt in haar brief een reductiedoelstelling van 70 tot 90%.

We zijn getuige van een politiek spel dat zich om de zoveel tijd herhaalt. In mei 2011, bijvoorbeeld, wilde een meerderheid van de Tweede Kamer het bedrijfsleven meer tijd geven om alternatieven te bedenken voor het bestrijden van zwerfafval. Invoering van statiegeld werd toen afgeblazen, maar goed werkende alternatieven kwamen er niet.

Bedrijven gokken nu weer op uitstel van uitbreiding van statiegeld en nieuwe verkiezingen, zodat het spel voor de zoveelste keer kan beginnen. Ook dit keer schermen frisdrankgiganten en supermarktketens met alternatieve maatregelen, zonder wie dan ook daarin ook maar enig inzicht te bieden. Het is dan ook heel simpel; als er maatregelen zouden bestaan die even effectief als statiegeld zwerfvuil weten te voorkomen, dan waren die allang ingevoerd. Dat weet de staatssecretaris ook en juist daarom is haar toegeeflijkheid aan het bedrijfsleven zo kwalijk. Hoezo het groenste Kabinet ooit?

In haar brief aan de Tweede Kamer schrijft Van Veldhoven dat er nu stappen gezet moeten worden om de “Plastic Soup te reduceren”. Het is aan de Tweede Kamer om donderdag 15 maart af te dwingen dat ze aan die woorden invulling geeft door nog dit jaar statiegeld in te voeren op de kleine plastic flesjes én op de blikjes. Geen omzichtige manoeuvres, maar ferme daden.


Het uitstellen van de uitbreiding van het huidige statiegeldsysteem is geen optie. In dit artikel vertellen we waarom en houden we je op de hoogte over de ontwikkeling tot aan het Algemeen Overleg in de Tweede Kamer op 15 maart. Lees hier meer.

Greenpeace-campagne “Coca-Cola overspoelt onze oceanen met plastic”

Amsterdam, 2 oktober 2017 – Greenpeace is een wereldwijde campagne begonnen tegen Coca-Cola. Het is hoog tijd dat de frisdrankgigant verantwoordelijkheid erkent voor zijn bijdrage aan de plastic soup en een duurzame koers gaat varen. Het grootste frisdrankenbedrijf ter wereld (500 merken, actief in meer dan 200 landen en een omzet van bijna 196 miljard dollar) produceert volgens het vandaag gepubliceerde Greenpeace rapport “Coca Cola’s plastic geheim” wereldwijd 110 miljard flesjes per jaar (of meer dan 3400 per seconde). Een deel daarvan eindigt onherroepelijk in de oceanen, waar het bijdraagt aan plastic vervuiling en dierenleed.

Coca-Cola blijft echter voortgaan op de oude weg. Winst voor aandeelhouders is belangrijker dan het tegengaan van plastic vervuiling. Het aandeel hervulbare flessen wordt steeds kleiner en de hoeveelheid hergebruikt materiaal in flessen blijft wereldwijd steken op amper 7%. Dit terwijl er al plastic flessen zijn die voor 100% van hergebruikt plastic worden gemaakt. Het bedrijf verzet zich hevig tegen de invoering van statiegeld en voert een lobby tegen invoering van strengere milieuregels.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation. “Wij steunen de oproep van Greenpeace aan Coca-Cola om de plastic wegwerpfles zo snel mogelijk uit te faseren van harte. Coca-Cola is niet alleen in grote mate verantwoordelijk voor de plastic soup, maar is een van de weinige bedrijven ter wereld die wezenlijk kan bijdragen aan de oplossing vanwege zijn marktpositie. Maar dat doet Coca-Cola niet.”

Teken hier de online petitie van de wereldwijde Greenpeace-campagne om de oceanen te beschermen tegen de plastic flesjes van Coca-Cola.