Berichten

, ,

“Gebruik waterflesjes uit supermarkt niet opnieuw”

Amsterdam, 20 december 2018– Australische onderzoekers raden af om plastic flesjes, die met water gevuld in supermarkten worden verkocht, opnieuw te gebruiken.

Professor Anas Ghadouani en zijn team van de universiteit van Western Australia in Perth hebben metalen en plastic waterflessen getest. De directe aanleiding was dat steeds meer mensen gekochte flesjes opnieuw vullen met kraanwater uit milieuoverwegingen. Dan hoef je immers niet telkens opnieuw een flesje te kopen. Maar hoe schadelijk is dat navullen voor je eigen gezondheid?

Volgens Ghadouani zijn glazen en metalen flessen het veiligst, vooral de exemplaren van roestvrijstaal. Daarna komen de plastic flessen die speciaal gemaakt zijn om opnieuw te gebruiken, zoals bijvoorbeeld een Dopper. De professor stelt in zijn algemeenheid dat het verstandig is om dat niet langer dan één jaar te doen.

PET-flessen opnieuw vullen is ronduit de slechtste optie, omdat er altijd plastic deeltjes in het water terechtkomen. Vooral als je zo’n flesje in de zon legt, komen er veel microplastics vrij.

Lees hier het persbericht van de universiteit.


Lees ook: Microplastics in gebotteld drinkwater

Kamervragen over machtspositie FloraHolland en de eenmalige plastic plantentray

Amsterdam, 6 november 2018 – Royal FloraHolland gebruikt jaarlijks 180 miljoen eenmalige plastic plantentrays. Dit levert een berg plastic afval op van maar liefst 23 miljoen kilo. Follow The Money heeft onderzoek gedaan naar de reden waarom Royal FloraHolland hardnekkig vasthoudt aan de eenmalige plastic plantentray en niet overstapt op de meervoudig te gebruiken tray. Terwijl een levenscyclusanalyse, uitgevoerd door Blonk Consultants en nota bene in opdracht van FloraHolland, ondubbelzinnig concludeert dat de meervoudige tray op milieucriteria veel beter scoort. Follow The Money vroeg zich af waarom de bloemenveiling toch niet overstapt op trays die gemiddeld zeventig keer te gebruiken zijn.

Het journalistieke onderzoekcollectief legde een ingenieus verdienmodel bloot. Zonder enige inspanning te verrichten, verdient FloraHolland miljoenen euro’s aan de trays. De bloemenveiling zou zelfs verlies leiden zonder deze inkomsten. Alleen plantentrays met het Normpack-keurmerk in eigendom van FloraHolland mogen op de veiling worden gebruikt. Telers betalen 30 cent per tray en krijgen dat bedrag terug wanneer ze de trays gevuld met plantjes naar de veiling brengen. Daarna worden de volle trays geveild. Maar dan kost de tray geen 30 cent meer, maar 34 cent. Die vier cent (x 180 miljoen trays) zijn voor FloraHolland. Grootschalige uitbreiding van de meermalen te gebruiken tray zou deze melkkoe om zeep helpen. Aangezien FloraHolland een machtige marktpositie heeft, zijn zowel telers als afnemers afhankelijk van dit systeem.

Naar aanleiding van de rapportage heeft Christine Teunissen, Tweede Kamerlid voor de Partij voor de Dieren, Kamervragen gesteld. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66) moet antwoorden of deze plastic afvalberg te voorkomen is via een statiegeldsysteem en of zij haar invloed wil aanwenden voor een snelle overstap op het statiegeldsysteem. Ook wil Teunissen weten wat Van Veldhoven ervan vindt dat de bloemenveiling (door haar monopoliepositie) milieuvriendelijkere innovaties buiten de deur houdt.

Nadat de Plastic Soup Foundation al in 2016 in een position paper vaststelde dat de gang van zaken bij FloraHolland haaks staat op de circulaire doelstellingen van de regering, werden door de PvdA Kamervragen gesteld. Voormalig staatssecretaris Sharon Dijksma antwoordde toen met de sector in gesprek te zullen gaan zodra het bovengenoemde rapport van Blonk Consultants beschikbaar zou zijn. Dat gesprek heeft voor zover bekend nooit plaatsgevonden.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het onderzoek van Follow The Money levert een sterke aanwijzing op dat FloraHolland in strijd met artikel 24 van de Mededingingswet handelt. Wij bepleiten daarom niet alleen een politieke aanpak, maar ook een juridische.”


Lees ook: Levenscyclusanalyse bevestigt: meermalige plantentray is inderdaad veel beter voor milieu

Lees ook: Kamervragen over enorme verspilling door single plastic plantentray

Lees ook: Sierteeltsector houdt, ondanks milieu-impact, hardnekkig vast aan eenmalige plastic potplantentray

 

Maas blijkt afvalput van België

Amsterdam, 9 oktober 2018 – Buitenlandse bedrijven hebben feitelijk vrij spel om vervuilde tot zwaar vervuilde grond, slib en bagger in Nederland te lozen. De grond wordt gebruikt om daar oude circa 30 meter diepe zandwinputten mee te vullen. Aanbieders van het afval betalen grof geld om het kwijt te kunnen en eigenaren van de putten verdienen er miljoenen mee. De grond is mede vervuild met plastic waarvan een deel boven komt drijven. Terwijl vrijwilligers hun best doen om de oevers van de rivieren schoon te houden, wordt er bewust vervuilde grond gestort op plekken die in verbinding staan met de rivieren.

Het Burgercollectief Dreumelse Waard onderzocht de gang van zaken rond de plas Over de Maas, één van die putten in Dreumel, een dorp in het Land van Maas en Waal. Stroomafwaarts van Over de Maas, waar al veel vervuilde grond gestort is, trof het collectief veelvuldig een bepaald type oranje plastic aan. Dit plastic wordt in België in de bouw gebruikt, maar nauwelijks in Nederland. Stroomopwaarts van de stortplek werd het niet aangetroffen, waarmee het bewijs geleverd was dat het uit België geïmporteerde grond afkomstig is. Tussen het afval werden ook PVC-buizen, accu’s, asbest, bitumen, spuitbussen en afvalhout aangetroffen, aldus het rapport van het Burgercollectief. Directeur Herman van der Linde van Nederzand, het bedrijf dat de verondieping van Over de Maas uitvoert, stelt daartegenover dat niet bewezen kan worden dat het bewuste plastic van zijn project afkomstig is.

Bij Over de Maas gaat het om in totaal 10.000.000 ton grond, waarvan inmiddels meer dan 3.000.000 ton is gestort. Volgens de geldende regelgeving, het Besluit op de Bodemkwaliteit, mag 20% van het gewicht bodemvreemd materiaal zijn. In dit voorbeeld is bij Over de Maas dus maximaal 2.000.000 ton plastic toegestaan, gesteld dat de rest van de grond schoon zou zijn.

De Vonkerplas is een tweede grote plas die verondiept zou moeten worden. Opmerkelijk hierbij is de rol van Staatsbosbeheer, eigenaar van de Vonkerplas. In de voorlichting gaat het bij het verondiepen van deze plas om het herstellen van natuurwaarden. Herstel van de natuur of verbetering van de waterkwaliteit levert de uitzonderingsbepaling op waarmee grond van elders zou mogen worden gestort. Volgens berekening van het Burgercollectief (in zijn uiterst informatieve presentatie) valt er voor Staatsbosbeheer met dit project 45 miljoen euro te verdienen. Het heeft er alle schijn van dat Staatsbosbeheer het met natuurwaarden niet zo nauw neemt als er flink te verdienen valt. Ondertussen is “vanwege gebrek aan draagkracht bij de plaatselijke bevolking” twee weken geleden door Staatsbosbeheer, de provincie Gelderland en Rijkswaterstaat een pas op de plaats gemaakt wat de opvulling van de Vonkerplas betreft.

Ook de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) komt er niet best van af. De ILT geeft beschikkingen af om buitenlandse vervuilde grond te importeren die gebruikt wordt voor het verondiepen van de zand- en grindputten. Zie hier als voorbeeld de beschikking voor het storten van 150.000 ton verontreinigde grond in Over de Maas, waarmee 150 scheepstransporten tussen 2017-2010 gemoeid zijn. Dit doet de ILT in de kennelijke wetenschap dat de grond niet of nauwelijks gecontroleerd wordt of kan worden.

De plas bij Over de Maas wordt geëxploiteerd door een consortium van grote ontzanders die 70% van de markt vertegenwoordigen. De import en certificering van de grond is uitbesteed aan een klein bedrijf met 10 medewerkers waaronder slechts twee controleurs. Volgens het Burgerinitiatief zouden deze twee inspecteurs dan 2645 scheepsladingen moeten controleren.

Staatssecretaris Sientje van Veldhoven (D66) heeft de Tweede Kamer in haar brief van 13 juni toegezegd de regelgeving te gaan evalueren. Kamerleden hebben 14 juni een debat gehouden en zware kritiek geuit op de gang van zaken. De “cowboys”, zoals parlementariër Suzanne Kröger van GroenLinks de bedrijven karakteriseert, hebben simpelweg vrij spel. Het rapport van het burgercollectief is vorige week overhandigd aan SP Tweede Kamerlid Henk van Gerven. Hij wacht detoegezegde evaluatie niet af en gaat pleiten voor een onafhankelijk onderzoek.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het kan niet zo zijn dat we met zijn allen onze stinkende best doen om plastic uit het milieu te halen, terwijl het met miljoenen tonnen in diepe putten wordt gestort. De norm voor het storten van gebiedsvreemde grond moet veel strenger worden. Wij steunen de oproep van de SP voor een onafhankelijk onderzoek die de huidige praktijk tot op de bodem uitzoekt.”

Foto: Burgercollectief Dreumelse Waard

Lees ook: Verondiepingsproject ‘Over de Maas’ omarmt nieuwe plasticnorm

Lees ook: Plasticsoep op land: landbouwcompost is vervuild met plastic.

, ,

Plastic snoepverpakkingen onder vuur

Amsterdam, 3 oktober 2018 – De strijd tegen plastic wikkels om snoepjes is losgebarsten. Red Band ‘won’ vorige week de #Mispaksel-trofee voor de meest onnodige plastic verpakking. De per stuk verpakte winegums kregen de helft van alle uitgebrachte stemmen. Hierop liet Red Band voor de camera’s van het TV-programma Kassa weten, dat het de verpakking zal aanpassen. Er werden ruim 30.000 stemmen uitgebracht en Greenpeace gaat de verkiezing elk jaar organiseren.

Er zijn echter veel meer per stuk verpakte snoepjes. De zwerfvuil-boegbeelden Merijn Tinga (Plastic Soup Surfer) en Dirk Groot (Zwerfinator) gaan samenwerken en richten hun pijlen op Antaflu, een eigen merk van het familiebedrijf Pervasco. Je herkent de plastic verpakking van de pastilles direct aan hun kleur. In één zak van 3 ons zitten maar liefst 70 apart verpakte snoepjes. Dirk Groot riep gebruikers van de Litterati-app op om de zwerfvuil-wikkels van Antaflu in kaart te brengen. Dat waren er binnen een jaar 16.000. Beiden bezoeken donderdag 4 oktober het kantoor van Pervasco in Rotterdam, met een deurwaarder erbij om een exploot te overhandigen. Ze vragen het bedrijf de wikkel te vervangen door een papieren versie of een ander duurzaam alternatief.

Pervasco produceert volgens eigen zeggen snoepjes naar wens. Het is de vraag of ook aan de wens om geen plastic wikkels meer te gebruiken gehoor wordt gegeven, want directeur Jeroen Overing liet al weten dat hun kleine stukjes plastic “niet zoveel schade kunnen aanrichten”. Hij heeft geen idee.

Op World Cleanup Day, 15 september 2018, werden in Nederland met behulp van dezelfde Litterati-app de merken in kaart gebracht die het meest in het zwerfvuil worden aangetroffen. Van alle gevonden items stond Antaflu op de zesde plaats.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het is de hoogste tijd dat de snoepfabrikanten hun verantwoordelijkheid nemen in plaats van badinerende opmerkingen te maken als zou het allemaal reuze meevallen.”


Lees ook: Tienduizenden stuks zwerfvuil opgeruimd in Nederland op World Cleanup Day

Levenscyclusanalyse bevestigt: meermalige plantentray is inderdaad veel beter voor milieu

Amsterdam, 1 Oktober 2018 – Alweer twee jaar geleden antwoordde toenmalig staatssecretaris Dijksma (PvdA) op Kamervragen, dat zij met de sierteeltsector in gesprek zou gaan over het duurzaam gebruik van plantentrays zodra een lopend onderzoek zou zijn afgerond. Dat onderzoek betrof de levenscyclusanalyse, welke in opdracht van Flora Holland werd uitgevoerd door Blonk Consultants. Het rapport is sinds kort beschikbaar, dat wil zeggen: Royal Flora Holland (RFH) heeft een versie online gezet van 25 april 2018. Dat dit rapport “for external communication” is, impliceert dat er ook een vertrouwelijke versie bestaat. Hoe dit ook zij, het nu openbare rapport biedt voldoende informatie voor de huidige staatssecretaris om maatregelen te nemen.

Het rapport benadrukt dat de factor ‘plasticsoep’ in een levenscyclusanalyse niet kan worden meegenomen. De analyse houdt dus geen rekening met schade wanneer een plastic tray in het milieu terechtkomt. Desondanks is de uitkomst overduidelijk: “Overall multiple use trays have better environmental performance than single use trays”. Hiermee is de discussie beslecht.

De Plastic Soup Foundation publiceerde al in 2016 een position paper, Icoonproject sierteelt, en betoogt daarin dat er veel milieuwinst valt te behalen wanneer de gangbare eenmalige plastic plantentrays worden vervangen door een tray die veelvuldig te gebruiken is, gebaseerd op een statiegeldsysteem.

Maar Flora Holland is niet genegen het huidige systeem zomaar aan te passen. Niet de milieu-impact blijkt allesbepalend. Exportgerichte klanten zien de administratie en retourstroom, blijkt uit een gehouden enquête, als nadeel van meervoudig te gebruiken trays. Wanneer de sector zo treuzelt om werkelijk te verduurzamen, is er maar één weg: regelgeving.

Harmen Spek, projectleider ‘Verduurzaming Sierteelt’ van de Plastic Soup Foundation: “RFH heeft de inhoud van dit rapport in mei 2017, onder embargo, met ons gedeeld. De conclusie, die ons in het gelijk stelt, was overduidelijk, maar kennelijk onwelgevallig voor RFH dat onder het keurmerk Normpack per jaar maar liefst 180 miljoen eenmalige trays laat produceren. Dit moet de reden zijn dat RFH haar leden en de staatssecretaris dit belangrijke document anderhalf jaar lang heeft onthouden. Een kwalijke gang van zaken, want waar duurzame keuzes moeten worden gemaakt is concrete informatie en transparantie een eerste vereiste. De focus van ons programma ‘Verduurzaming Sierteelt’ zal gericht blijven op het terugdringen van eenmalige plastic producten in de sierteelt, geheel in overeenstemming met het beleid van de Europese Unie om eenmalig gebruikt plastic drastisch terug te dringen.”

Geen orka’s meer vanwege PCBs

Amsterdam, 28 september 2018 – Polychloorbifenylen (PCBs) zijn giftige organische verbindingen die in het milieu niet of nauwelijks afbreken en zich in het vetweefsel van dieren ophopen. Vanwege bepaalde eigenschappen zijn PCBs lange tijd op grote schaal toegepast, onder andere als brandvertrager in plastics. In het door 152 landen ondertekende Verdrag van Stockholm voor persistente organische stoffen (2001) is afgesproken productie en gebruik van PCBs te stoppen vanwege hun schadelijkheid. De meeste landen hadden PCBs al eerder verboden. Het probleem is dat de PCBs nog volop in het milieu aanwezig zijn en met name de vruchtbaarheid van dieren aantasten.  

Een internationaal onderzoeksteam heeft nu vastgesteld dat populaties van de orka (Orcinus orca) wereldwijd bedreigd worden in hun voortbestaan. Het artikel verscheen in Science. Aangezien orka’s boven in de voedselketen zitten, is de concentratie PCBs in hun vet extra hoog. Volgens een bericht van de NOS werden in het vetweefsel van orka’s pcbwaarden van 1300 miligram per kilo gemeten, waar 50 milligram al een nadelig effect zou hebben op de vruchtbaarheid. Pasgeboren orka’s worden nauwelijks meer waargenomen. Het uitsterven van de soort zou een kwestie kunnen zijn van enkele decennia. Het nieuws komt extra hard aan omdat er niets meer kan worden gedaan om dit te voorkomen. 

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “De wereld heeft jarenlang getreuzeld om PCBs te verbieden. Al in de jaren 60 was hun schadelijkheid bekend en pas in 2001 werd een wereldwijd verbod afgesproken. Ook nu worden additieven als brandvertragers aan plastic toegevoegd die uit plastic lekken dat in water terecht komt en waarvan bekend is dat ze schadelijk zijn. Het trieste voorbeeld van de orka’s laat ons het belang zien om deze stoffen preventief te verbieden, dat wil zeggen uit voorzorg en niet nadat hun schadelijkheid tot in detail bewezen is en de schadelijke stoffen nooit meer uit het milieu te halen zijn.”   

Plasticsoep op land: landbouwcompost is vervuild met plastic

Amsterdam, 27 september 2018 – Plastic afval wordt in de Nederlandse regelgeving niet beschouwd als een problematische emissie naar het milieu. Daardoor ontstaat plasticsoep ook op land. Boeren kopen compost dat vervuild is met kleine stukjes plastic en vervuilen zo hun eigen grond. De belangrijkste oorzaak is dat door consumenten ingeleverd gft afval vaak vervuild is met plastic: composteringsbedrijven kunnen dit plastic er niet allemaal uit halen. Ook bermmaaisel vervuild met zwerfvuil wordt als oorzaak genoemd.

Een Noord-Hollandse akkerbouwer uit Abbenes maakt zich grote zorgen over dit plastic in het compost. Hij is nu gestopt om de vruchtbaarheid van zijn grond hiermee te verbeteren. NH Nieuws berichtte over de akkerbouwer en stelde vast dat van de wet in 1000 kilo compost maximaal vijf kilo plastic mag zitten.

De wettelijke kwaliteitseisen voor compost zijn vastgelegd in het Uitvoeringsbesluit Meststoffen, maar deze eisen voorkomen niet dat in de praktijk grote hoeveelheden (micro)plastic in compost aanwezig zijn. Duidelijke regels met een controle en handhavingssysteem van de overheid ontbreken. De Branche Vereniging Organische Reststoffen (BVOR) hanteert het keurmerk Keurcompost. Dit keurmerk kent drie kwaliteitsklassen (A, B en C) die zich onderscheiden door verschillende normen voor verontreinigingen als glas en plastic. Alle drie zijn ze strenger dan de Nederlandse wet. Vanaf 1 januari 2017 mogen wat betreft de branche alleen nog de klassen A en B als organische bodemverbeteraar worden gebruikt. Maar ook volgens de strengste variant van Keurcompost mag er 0,05% vervuiling op elke 1000 kilo zijn: dat is nog altijd een halve kilo aan plastic snippers.

In de praktijk blijkt dat buiten de aanbeveling van de branche compost van veel slechtere kwaliteit in de handel is. Een wettelijk kader om dit te reguleren ontbreekt vooralsnog. Op de aanwezigheid van microplastics is al helemaal geen zicht.

Begin dit jaar waarschuwden Duitse onderzoekers al dat microplastics op land een onderbelicht probleem zijn en op termijn tot grotere schade kunnen leiden dan het plastic in zee. Ze troffen overal ter wereld microplastics op landbouwgronden aan.

Nog eerder heeft de PSF in 2015 gepleit voor een wettelijke norm voor plastic lekkage naar het milieu, destijds naar aanleiding van luierplastic in compost.

Suzanne Kröger, parlementariër voor GroenLinks, heeft Kamervragen over de normen aangekondigd. Harmen Spek pleitte namens Plastic Soup Foundation dinsdag in een uitzending op NH Nieuws opnieuw voor overheidsnormen die bepalen dat er geen plastic in compost meer mag voorkomen.

Lees ook: Nieuwe vrijstellingsregeling zorgt voor meer verspreiding van zwerfplastic

Lees ook: CPB: ‘meer plastic inzamelen helpt niet in strijd tegen plastic soup’

Foto: Berg plastic dat door een composteerbedrijf uit gft is gehaald.

Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie

Amsterdam, 25 september 2018 – Vandaag presenteert Wemos een Nationaal Plan om de Nederlandse bevolking en toekomstige generaties te beschermen tegen grootschalige blootstelling en gezondheidseffecten van hormoonverstorende stoffen. Er is een dwingende noodzaak voor een nationale aanpak, aldus Wemos in haar oproep aan de Tweede Kamer. De oproep wordt ondersteund door WECF International, Stichting Tegengif en de Plastic Soup Foundation.

 

Leden van de vaste Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat nemen het ‘Nationaal Plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie’ in ontvangst. Foto: Wemos

Met blootstelling aan hormoonverstorende stoffen worden tientallen ziekten in verband gebracht. Ongeboren en jonge kinderen zijn extra kwetsbaar omdat hun hormoonsysteem nog in ontwikkeling is. Dagelijks komen we met duizenden chemicaliën in contact en bijna alle mensen hebben sporen van bisfenol A (BPA) in hun lichaam. Tijdens de productie van plastic worden deze stoffen toegevoegd, als weekmakers, hardmakers of vlamvertragers. De bekendste hormoonverstorende stof, BPA, veroorzaakt onder andere vruchtbaarheidsproblemen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) waarschuwde al in 2012 in haar rapport State of the science of endocrine-disrupting chemicals voor mogelijke kankerverwekkende eigenschappen van hormoonverstoorders en concludeerde dat deze stoffen een mondiale bedreiging zijn voor de volksgezondheid.

De overheid moet onder andere beleid maken met betrekking tot schadelijke stoffen in de circulaire economie. Nederland wil vooroplopen in de overgang naar een circulaire economie, maar kan niet voorkomen dat hormoonverstorende stoffen in gerecycled plastic terechtkomen. Er is onderzoek nodig naar effectieve beleidsmaatregelen om hormoonverstorende stoffen uit de circulaire economie te weren.

Stichting Tegengif heeft 10 “toppers” uit de duurzaamheidswereld gevraagd om mee te doen aan onderzoek. Ze dragen een polsbandje dat de aanwezigheid van vlamvertragende stoffen meet en ze leveren urine in dat wordt onderzocht op BPA door het Instituut voor Milieuvraagstukken van de Vrije Universiteit. Maria Westerbos, directeur van de PSF, is een van de deelnemers. Op NPO Radio 1 maakte ze gisteren duidelijk dat je niet alle chemicaliën kan vermijden maar wel het risico kan verkleinen door bijvoorbeeld eten in plastic niet in de magnetron te verwarmen en geen nylon theezakjes in kokend water te doen. Luister hier de uitzending terug.

Lees ook hormoonverstorende stoffen in urine parlementariërs.

Lees ook alternatieven voor BPA even schadelijk.

We krijgen meer microplastics binnen via fijnstof dan via consumptie mosselen

Amsterdam, 18 September 2018 – Er zit veel plastic in huishoudelijk fijnstof. Het risico om microplastics via mosselen binnen te krijgen is minimaal in vergelijking met plastic vezels die neerdalen gedurende het bereiden van een maaltijd in een huiselijke omgeving. Dit is een van de uitkomsten van een recent onderzoek waarbij Schotse mosselen werden onderzocht op de hoeveelheid microplastics.

In totaal zijn drie experimenten uitgevoerd:

  • De gewone mossel werd een jaar gekooid in een riviermonding bij Edinburgh gehouden. Met dit experiment werden eventuele seizoensverschillen in plasticvervuiling onderzocht. In de eerste winter werden beduidend meer microplastics aangetroffen. Dit wordt verklaard door verhoogde waterafvoer door de rivier Forth gedurende die winter.
  • De gewone mossel, de diepwatermossel en de oostzeemossel werden op verschillende locaties rond Schotland verzameld, om te achterhalen of plastic vervuiling verschilt per locatie. Er werd geen verschil gevonden.
  • De beschermde paardenmossel werd op één locatie verzameld. Deze mossel is niet eerder onderzocht op de aanwezigheid van microplastics.

In alle mosselsoorten werden microplastics gevonden. Het onderzoek, gepubliceerd in het Environmental Pollution, toont voor het eerst aan dat microplastics ook in de beschermde paardenmossel aanwezig zijn, maar aanzienlijk minder. Doordat deze mossel een stuk groter is dan de andere mosselsoorten, is het beter in staat het water te filteren en om die reden scheiden ze waarschijnlijk meer microplastics uit.

De microplastics die werden aangetroffen waren bijna zonder uitzondering polyester vezels (99%). Kledingvezels komen vrij tijdens machinaal wassen en zijn te klein om door rioolzuiveringsinstallaties gevangen te worden. Als gevolg hiervan belanden ze in het milieu. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de inname van microplastics via mosselconsumptie in het Verenigd Koninkrijk geschat op 123 deeltjes per jaar per persoon.

Tot slot is onderzocht in welke mate mensen worden blootgesteld aan microplastics tijdens het nuttigen van de avondmaaltijd. Microplastics in de lucht kunnen tijdens en na de maaltijdbereiding in het voedsel terechtkomen. De blootstelling aan microplastics als gevolg van huishoudelijk fijnstof werd geschat tussen 14,000 en 68,000 deeltjes per jaar. De onderzoekers concluderen dat consumptie van mosselen leidt tot een blootstelling die vele malen kleiner is.

 

 

,

Opruimsysteem van Boyan Slat de Stille Oceaan opgegaan

Amsterdam, 14 september 2018 – Zaterdag 8 september is het opruimsysteem van Boyan Slat de Stille Oceaan op gegaan. The Ocean Cleanup begint hiermee de eerste grote testfase waarbij een 600 meter lange buis met een scherm van 3 meter diep het plastic afval bij elkaar veegt. Met een schip wordt het afval vervolgens naar het vasteland gebracht. Als deze test goed verloopt, dan worden er meer van dit soort installaties gebouwd die binnen 5 jaar de helft van de 80 miljoen kilo plastic in de Stille Oceaan moeten opruimen. Bekijk hieronder het nieuwsitem dat het RTL Nieuws hieraan besteedde, waarbij ook wij werden geïnterviewd (vanaf minuut 8:00-10:12):

Het project heeft een enorme impact gehad op de bewustwording van de plasticsoep. Wij wensen Boyan daarom ook veel succes en zijn erg benieuwd naar de resultaten! Ook willen we hem aanmoedigen om installaties voor rivieren te ontwikkelen; 80% van al het afval komt namelijk vanuit de rivieren in de zee terecht.

Uiteindelijk moet de oplossing gevonden worden in het voorkomen van al het plastic afval dat nu in het milieu terechtkomt. Sinds onze oprichting in 2011 proberen we dit doel te bereiken door bronnen van plasticsoep aan te pakken, zoals microplastics in cosmetica en synthetische vezels uit kleding.