Berichten

Grote donatie C&A Foundation voor nieuw lesmateriaal over plasticsoep

Amsterdam, 7 januari 2019 – De leeftijdsgroep van 12 tot 15 jaar veroorzaakt relatief veel zwerfafval. Kleine kinderen snappen goed dat je geen plastic in het milieu moet achterlaten, maar in de pubertijd wordt alles anders. Milieubewustzijn blijkt dan niet hetzelfde te zijn als milieubewust gedrag. Berucht zijn de snoeproutes, de linten van zwerfvuil tussen supermarkten en scholen.

Dankzij twee donaties van de C&A Foundation, (van district Midden-West en van district Zuid-West, bij elkaar bijna €50.000) en sponsoracties van enkele middelbare scholen, wordt de Plastic Soup Foundation (PSF) in staat gesteld om speciaal onderwijsmateriaal voor deze leeftijdsgroep te ontwikkelen. Dat gebeurt in samenwerking met Globe Nederland, een internationaal netwerk van scholen en wetenschappers dat het milieu onderzoekt. Het lesmateriaal behandelt oorzaken, gevolgen en mogelijke oplossingen van plasticsoep. Ook gaan leerlingen zelf onderzoek doen naar de plasticsoep, bijvoorbeeld door het zwerfvuil in de omgeving van hun school te tellen en te analyseren.

Het lesmateriaal voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs moet het komende schooljaar (2019-2020) beschikbaar zijn. De leeftijdsgroep is gevoelig voor boodschappen via sociale media. Daarom zullen Youtube, Instagram, Facebook en Twitter volop benut worden.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Wij zijn bijzonder blij met de gulle donaties van C&A Foundation en enkele scholen. Het stelt ons in staat om samen met Globe Nederland leerlingen over de plasticsoep voor te lichten, te motiveren om zelf geen zwerfvuil meer te veroorzaken en vooral ook hun plastic verbruik te verminderen.”

,

Daadwerkelijke actie multinationals cruciaal in strijd plasticsoep

Amsterdam, 15 november 2018– De Ellen MacArthur Foundation lanceerde recentelijk in samenwerking met United Nations Environment The New Plastics Economy Global Commitment. Dit initiatief is door meer dan 250 bedrijven, overheden en ngo’s ondertekend. Wie meedoet, committeert zich aan drie acties:

  • Elimineer alle problematische en onnodige plastic items;
  • Innoveer zodat al het plastic dat we blijven gebruiken herbruikbaar, recyclebaar of composteerbaar is;
  • Circuleer alle plastic items, zodat deze onderdeel zijn van de circulaire economie en niet in het milieu terecht komen.

In 2016 had de Ellen MacArthur Foundation al een invloedrijk rapport met actiepunten uitgebracht. The New Plastics Economy werd geschreven in samenwerking met een groot aantal bedrijven en organisaties. Ten opzichte van dat rapport is het eerste actiepunt in The New Plastics Economy Global Commitment nieuw. Voor het eerst ligt de nadruk nu ook op het elimineren van plastic. Voorbeelden zijn plastic items die we niet echt nodig hebben, zoals plastic rietjes, bestek en onnodige verpakkingen. In een opinieartikel ter gelegenheid van de lancering benadrukt Dame Ellen MacArthur, oprichtster van de stichting die haar naam draagt, deze koersverandering: “We cannot recycle and clean our way out of this crisis ― we must move upstream to the source of the flow”.

De New Plastics Economy Global Commitment wordt onderschreven door machtige mondiale spelers. Dat is van belang, omdat zij het verschil kunnen maken. Unilever, Danone, PepsiCo en Coca-Cola behoren zelfs tot de core partnersvan het initiatief. Alles hangt echter af van de invulling die ze daadwerkelijk gaan geven aan het “elimineren van problematische verpakkingen”. Het zijn namelijk precies dezelfde multinationals die de grootste verantwoordelijkheid voor de plasticsoep dragen en tot nu toe geen echte stappen hebben gezet.

Een recent onderzoek van Greenpeace, waarover we eerder deze week publiceerden, laat zien dat de tot op heden gepresenteerde plannen van elf multinationals juist een ongelimiteerde groei van single use plastics toestaan en helemaal geen echte oplossing bieden voor de plasticsoep. Greenpeace noemt het daarom valse beloftes. De lijn die deze bedrijven tot nu toe hebben gevolgd, is uitsluitend inzetten op het tweede en derde actiepunt (innoveren en circuleren) in plaats van het eerste actiepunt (elimineren). Dat stelt de multinationals in de gelegenheid om onbeperkt plastic te blijven gebruiken.

Ook de Break Free From Plastic (BFFP) beweging, een parapluorganisatie waarbij meer dan 1400 ngo’s zijn aangesloten waaronder de Plastic Soup Foundation, roept op tot echt leiderschap van de multinationals. Op de Our Ocean Conference die eind oktober op het Indonesische eiland Bali werd gehouden, presenteerde BFFP een Challenge voor de multinationals om de hoeveelheid plastic drastisch terug te dringen. Tot de noodzakelijke maatregelen, die in de The New Plastics Economy Global Commitmentontbreken, horen volgens Break Free From Plastic:

  • Drastische reductie van alle single use verpakkingen;
  • Investeren in producten die nagevuld kunnen worden en in de logistiek die dat faciliteert;
  • Het verwerpen van allerlei schijnoplossingen die toestaan dat plasticgebruik ongehinderd kan worden toegepast.

Foto: Core partners New Plastics Economy Global Commitment


Lees ook: Greenpeace prikt plannen door van multinationals om plasticsoep te bestrijden

Lees ook: Het grote gevecht: recycling of reductie van plastic

,

Shoreliner ideaal om drijvend plastic afval te analyseren

Amsterdam, 12 november 2018– De Shoreliner presteert boven verwachting. Nu de testfase onlangs succesvol is afgerond, wordt het concept verder uitgewerkt. Ingenieursbureau Tauw heeft het relatief simpele systeem voor het Havenbedrijf Rotterdam ontwikkeld in het kader van het programma Port Waste Catch. Het vangt drijfvuil af voordat het de zee bereikt.

Het systeem bestaat uit een lange drijvende arm die parallel aan de kade in het water ligt. Zo blijft de achterliggende kade vrij van afval. Onder de arm hangt een filterdoek tot een halve meter in het water. Gebruikmakend van de stroming wordt drijfvuil in de richting van een opvangfuik aan het einde van de arm gestuurd. Die wordt periodiek geleegd met een mechanische grijper vanaf een boot. In de pilotfase, van december 2016 tot en met 15 oktober 2018, is met een relatief kleine Shoreliner in de Rotterdamse Lekhaven 1166  kg drijfafval opgevangen. Daarvan was 153 kilo plastic.

Nu de effectiviteit met het prototype in de Lekhaven is aangetoond, breekt een tweede fase aan. Niet alleen is de opvangfuik twee keer zo groot gemaakt, zodat veel meer drijfvuil wordt opgevangen. Ook is besloten de Shoreliner te gebruiken voor analyse van de gevonden microplastics. Dit gebeurt in samenwerking met Rijkswaterstaat en de Plastic Soup Foundation en staat in het kader van datadeling binnen de zogeheten Community of Practice Plastic Maas-Rijn-Delta.

In opdracht van Rijkswaterstaat heeft al een eerste monitoring plaatsgevonden naar pellets. Dit zijn kleine ovaalronde stukjes plastic van circa 4 mm. Ze vormen de grondstof bij het vervaardigen van plastic producten. In één leging werden 250.000 pellets geteld. De pellets moeten afkomstig zijn van de stroomopwaarts gelegen plasticindustrie. Per keer dat de opvangfuik werd geleegd, werden tienduizenden tot honderdduizenden microplastics aangetroffen. Daarvan bestaat circa 80% uit deze pellets.

De Shoreliner blijkt een goed instrument om te monitoren wat in bepaalde hotspots, zoals insteekhavens, aan plastic drijft. Met een datareeks voor meerdere jaren kan later worden vastgesteld in hoeverre maatregelen tegen de plasticsoep (zoals initiatieven van industrie om zorgvuldiger om te gaan met pellets) daadwerkelijk effectief zijn.

Foto: Tauw.


Lees ook: Ecojacht Ocean Savior vaart op plastic

Ambities van Plastic Soup Foundation en SodaStream ontmoeten elkaar op eiland Roatán

Het zijn geen standaard vakantiesouvenirs die Maria Westerbos heeft meegenomen uit Honduras. Een klein plastic olifantje zonder slurfje en een afgerukt beentje van een barbiepop – ooit babyroze geweest en vermoedelijk onderwerp van warme affectie. Nu een thuisloos en vies stuk plastic, zwartgeblakerd, besmeurd, bekrast en stinkend. Hoe lang deze speelgoedjes onderweg zijn geweest, en via welke route, vóórdat Maria ze van het strand van Roatán plukte? Only heaven knows. Nu liggen ze op haar bureau in Amsterdam, als stille getuigen van de plastic ramp die zich wereldwijd op zee en kustlijnen voltrekt.

EEN REIS MET EEN BEDOELING

De oprichter en directeur van de Plastic Soup Foundation is terug van een bezoek aan het Hondurese eiland Roatán, 8 kilometer breed en 60 kilometer lang. Ze was daar samen met SodaStream-ceo Daniel Birnbaum en de 150 hoogstgeplaatste managers van het concern uit 45 landen. Maria was keynote speaker en meegereisd als enige vertegenwoordiger van een ngo, samen met filmmaker Chris Jordan (‘Albatross’) en een internationaal gezelschap van een twintigtal influencers en journalisten.

Dat de volledige toplaag van het Israëlische bedrijf – dat apparaten verkoopt waarmee je van kraanwater in een oogwenk bubbeltjeswater kunt maken – uitgerekend naar dit tropische eiland is gevlogen, was niet zonder reden. “Daniel had er een duidelijke bedoeling mee, hij wil dat zijn bedrijf een grote ommezwaai gaat maken, weg van het wegwerpplastic”, zegt Maria. “Dat was ook de reden dat ik op deze uitnodiging inging. Als zo’n groot bedrijf een ingrijpende koerswijziging ondergaat, dan is het nuttig dat al je managers begrijpen waarom. Hij wilde ze confronteren met alle plastic troep die elke dag op zo’n afgelegen eilandje aanspoelt. Hij wilde samen met ze opruimen en dat hebben we dan ook gedaan, samen met lokale schoolkinderen. We zijn een paar dagen op rij tussen 5 en 6 uur ’s ochtends opgestaan, dan was het nog redelijk te doen qua temperatuur. Om 10 uur ’s ochtends was het al 45 graden.”

Er was geen houden aan, het plastic bleef maar komen. Grote herkenbare plastic voorwerpen zoals een ventilator en de borstel van een bezem, maar ook flipflops, poppen, flessen, blikjes en vooral ontelbare, veelkleurige plastic deeltjes die met de hand niet meer op te ruimen zijn. In de folders mag Roatán nog als Paradise Island te boek staan, het eiland zucht nu vooral onder afval.

“Er is helemaal geen waste management op het eiland, niks. Ik zag voetbalvelden met overal afval, waar kinderen omheen voetbalden. Ik zag hopen afval in achtertuintjes van huizen liggen, waar het wordt gedumpt en waar het af en toe in de fik wordt gezet. Je ziet de sporen van branden. Mensen gooien het zo neer, want er is niets geregeld. Waar je ook kijkt, zie je afval. Alleen bij de huizen van de superrijken zie je dat er is opgeruimd. Maar ook dat afval gaat op grote hopen langs de kustlijn en wordt vroeg of laat door de zee meegenomen. Die aanblik van al dat afval kwam enorm bij me binnen. Ik dacht: als het zó toegaat op al die eilandjes in de wereld die geen waste management hebben, al dat afval dat geen kant op kan, dan stikken deze paradijsjes letterlijk in de troep en plasticsoep. En daar komt dan nog eens al het aanlandige afval bij dat op de kusten komt aanwaaien en aanspoelen vanuit god-weet-waar. Ik werd er heel verdrietig van. En ook strijdbaar, zo werkt dat bij mij. Op elk niveau moeten veel meer mensen wereldwijd besmet raken, hun hakken in de plasticsoep zetten en zeggen: tot hier en niet verder.”

PLASTIC TE VERVUILD VOOR RECYCLING

Het eiland is volledig omsloten door water en krijgt het afval inderdaad cadeau uit alle windrichtingen, uit het hele Caraïbisch gebied, van Guatemala, Belize en Mexico in het westen en vanuit Cuba en Haïti in het noordoosten. “Alle rioleringen gaan rechtstreeks het water in. Ik zakte op een gegeven moment tot halverwege mijn kuiten in de poep en plasticsoep weg. Oh Maria, dacht ik, toen ik op mijn slippers door ploeterde: daar kun je gemakkelijk infecties van krijgen. Als dit ons voorland is, als alle bounty islands er zo uitzien of binnen afzienbare termijn er zo gaan uitzien, dan zijn zowel de mens als de oceaan in groot gevaar. Ik heb de plasticsoep eerder zien aanspoelen op Hawaii en op het strand in Vietnam, zien drijven in de morsdode Bagmati River in Kathmandu hoog in de Himalaya, maar om zo’n klein leefgebied midden in de oceaan of zoals hier in de Caraïbische Zee te zien bezwijken onder plastic trash, dat is om te huilen.”

“Het is daarom heel erg interessant om te zien hoe SodaStream haar managers omsmeedt tot een leger van plastic fighters. Ja, dat stond op de T-shirts die ze allemaal droegen. Ik vond het een bijzondere ervaring te zien hoeveel serieuze toewijding er is. De ambities liggen hoog. Ik hoorde Daniel Birnbaum op de slotavond zeggen dat ze 95 procent van de plasticsoep willen gaan opruimen.”

SodaStream onthulde en testte op Roatán namelijk ook de zogeheten Holy Turtle, een drijvend systeem voortgetrokken tussen twee boten dat plastic uit de zee moet filteren. “Zelfs als het werkt, zit je met het probleem: waar moet het afval heen nadat je het uit het water hebt gehaald? Als er in de buurt geen waste management systeem is, dan moet je het afvoeren naar het vasteland. Recyclen is geen optie: veel plastic uit zee is zo vervuild dat maar een fractie ervan herbruikbaar is. Het is een complex probleem, het is allemaal niet zo gemakkelijk. Maar de bedoeling is waanzinnig. Daniel is besmet geraakt met hetzelfde virus als waarmee ik tien jaar geleden ben besmet – en vele anderen gelukkig.”

‘JE MOET HET ZELF ZÍEN’

Wat voor de SodaStream-topman de doorslag gaf? “Hij vertelde me dat hij veel video’s en foto’s van de plastic ellende op stranden had gezien. Vervolgens was hij enkele maanden geleden zelf naar het eiland gevlogen om te gaan kijken. Het is natuurlijk niet niks om 200 mensen naar zo’n afgelegen eiland te laten vliegen en er zo’n resort af te huren. Reken maar uit wat dat kost. Maar als je daarmee dat virus kunt overbrengen naar je managers en hen kunt uitleggen waarom je denkt dat hún bedrijf verantwoordelijkheid moet nemen, dan is het vreselijk effectief. Je moet het zelf zíen! Sommige bedrijven gaan plastic vissen in de grachten van Amsterdam, ook goed. Maar veel meer bedrijven zouden zulke reizen moeten maken, denk ik, zoals SodaStream heeft gedaan. Zoals Bernice Notenboom met captains of industry naar de smeltende Noordpool gaat, daar kun je het mee vergelijken. Ik zou iets soortgelijks ook graag doen, om ceo’s het te laten zien. Wat we samen allemaal aanrichten. We zijn als enige dier ter wereld in staat ons eigen nest dodelijk te vervuilen.”

“Daniel en ik delen die waanzinnige ambitie om het plastic op te ruimen en het probleem op te lossen. Om de wereld te redden! Maar als je die ambitie hebt, dan komen gaandeweg ook teleurstellingen. Als SodaStream het meent om structureel met ons samen te werken, als je verschil wilt maken, dan begint dat altijd bij jezelf. Je moet naar de aanpak bij de bron. Dus daarom zeg ik: SodaStream, ga zelf op plastic dieet. Verlaag je Plastic Mass Index: je PMI. Wij kunnen daarbij helpen. Maak een plan: haal het plastic uit je verpakkingen, haal het plastic om je verpakkingen weg, vervang binnen nu en een paar jaar al je plastic flessen. Ja, nu hebben ze nog glas én plastic flessen die consumenten kunt hervullen. SodaStream zal dus op termijn van die plastic fles af moeten. De doppen zijn ook nog van plastic. Als je Plastic Fighter wilt zijn, moet je zelf op plastic dieet. En je klanten ook. Eigenlijk moeten we allemaal op een plastic dieet! Aan dat concept hebben we in 2018 hard gewerkt.”

‘WIJ GAAN OP PLASTIC DIEET, JIJ OOK’

SodaStream heeft de Plastic Soup Foundation genereus 10.000 dollar gedoneerd. “Dat is voor ons heel belangrijk. Dat gaan we in de webapplicatie van een plastic dieet voor consumenten stoppen om het verliezen van ‘plastic weight’ leuk en aantrekkelijk te maken. We integreren het dieet daarna ook in een app, die bijhoudt waar je bent gebleven, zodat je nooit kunt terugvallen. Daar zie ik een mooie samenwerking in het verschiet liggen. Dat we samen campagne gaan voeren op het plastic dieet. Dan zegt SodaStream tegen haar klanten wereldwijd: ‘Wij gaan op plastic dieet, jij ook! En gebruik deze app.’ Met zo’n boodschap kun je heel veel mensen in de wereld bereiken. Dat is een unieke propositie, dan ga je je onderscheiden.”

In hoeverre de onlangs aangekondigde miljardenovername van SodaStream door PepsiCo invloed heeft op de plasticvrije ambities van het Israëlische concern, zal moeten blijken. Maria ziet wel kansen. “De ceo van PepsiCo kwam ook langs op het eiland, toen we er waren. Ik heb de indruk dat Pepsi wel iets wil. Maar als je kijkt naar de gegevens van World Cleanup Day wereldwijd, dan staan ze toch vrolijk naast Coca-Cola. PepsiCo is een van de grootste vervuilers. Het is natuurlijk een mammoettanker en het is bijzonder lastig om zo’n groot bedrijf van koers te laten veranderen. Daarmee vergeleken is SodaStream een speedboot. SodaStream mag onafhankelijk blijven, is de afspraak en de intentie. Misschien dat SodaStream het goede voorbeeld kan geven en dat PepsiCo daarin meegaat en gaat onderzoeken wat ze kan doen om de kraan van single-use plastics dicht te draaien. Wat zou dat fantastisch zijn.”

,

Plasticsoep nu ook plastic poep

Amsterdam, 1 november 2018 –Dat microplastics doorgedrongen zijn tot in de haarvaten van de samenleving, is al langer bekend. Ze zijn overal in aangetroffen; in water, lucht en grond, in vissen en schelpdieren, in honing, zout en bier. Het is daarom niet verwonderlijk dat microplastics ook in menselijke poep blijken te zitten.

Oostenrijkse onderzoekers presenteerden op 23 oktober hun bevindingen op een congres in Wenen. Ze vonden per tien gram poep gemiddeld twintig deeltjes en in totaal negen verschillende soorten plastic. De ontlasting van acht mensen werd onderzocht, allemaal uit een ander land. Alle monsters bleken microplastics te bevatten. De meest voorkomende plastics waren polypropeen (PP) en polyethyleentereftataat (PET), die beide veel gebruikt worden voor onder meer verpakkingen.

De microplastics, alle tussen de 50 en 500 micrometer groot, werden via de ontlasting uitgescheiden. Onbekend is of er ook nog kleinere deeltjes zijn die in het lichaam achterblijven. De allerkleinste deeltjes kunnen de darmwand passeren, in het weefsel en de bloedbaan terechtkomen en ontstekingsreacties veroorzaken. Hoe de microplastics in het spijsverteringskanaal van de proefpersonen terecht waren gekomen, is niet onderzocht. Het kan zijn door in plastic verpakt voedsel of door drank dat microplastics bevat. In elk geval hadden alle deelnemers etenswaren uit plastic verpakkingsmateriaal geconsumeerd.

Luister ook naar het interview van Talk Radio met Jeroen Dagevos van de Plastic Soup Foundation.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Dat er plastic in onze poep zit, werd al langer vermoed. De grote vraag is nu wat het effect is van die microplastics op het lichaam waarin ze verblijven. Daarom zijn twee dingen uiterst urgent; onderzoek naar de gezondheidseffecten en uit voorzorg vermindering van het plasticgebruik.”


Lees ook: Hoe schadelijk is het inademen van microplastics

Ethaan-tsunami komt op Europa af

Amsterdam, 29 oktober 2018 – Vorige maand publiceerde de International Energy Agency het rapport The Future of Petrochemicals. Een van de belangrijkste conclusies is dat de komende jaren het aantal petrochemische producten, waaronder met name kunststoffen, sterk zal stijgen als gevolg van de combinatie van groeiende wereldeconomie, toenemende wereldbevolking en technologische ontwikkeling.

Pogingen van overheden om het gebruik van eenmalig verpakkingsplastic (de zogeheten single-use plastics) te beperken, zullen volgens het rapport in het niet vallen bij de sterk stijgende consumptie van plastic in ontwikkelingslanden. De wereldwijde concurrentie tussen plasticproducenten wordt zowel veroorzaakt als versterkt door het aanbod van goedkope grondstoffen, met name schaliegas uit de Verenigde Staten.

Ethaan is een aardgas dat wordt afgeleid uit schaliegas. De Verenigde Staten heeft dankzij goedkoop schaliegas opnieuw een gunstige concurrentiepositie verworven: voor plastic gemaakt van ethaan is dat nu een aandeel van 40% van de wereldproductie. Ethaan wordt ook voor Europa de nieuwe grondstof voor plasticproductie, omdat het concurreert met het duurdere in Europa gebruikte nafta. Het IEA-rapport voorspelt dat de productie van ethaan in 2030 met 70% zal zijn toegenomen. Verwacht wordt dat een kwart van het geproduceerde ethaan zal worden geëxporteerd, vooral naar Europa.

Het gas wordt nu al met schepen uit de Verenigde Staten naar Europa gebracht door Ineos, een Britse chemiereus die investeert in nieuwe ethaankrakers op het continent. In de Appalachen (VS) wordt 35,8 miljard dollar geïnvesteerd in schaliegas-infrastructuur, waaronder pijpleidingen naar terminals aan de Amerikaanse oostkust. Terwijl de Europese Unie hard werkt om de plasticsoep te bestrijden, zal de import van ethaan Europese plasticproducenten in staat stellen veel meer plastic tegen nog lagere kosten op de markt te brengen. Recycling van plastic, als onderdeel van de gewenste circulaire economie, zal door de concurrentie van primair plastic, veel moeilijker van de grond komen.

De meest effectieve manier voor de Europese Unie om de plasticsoep te bestrijden en recycling te bevorderen is kortom om de import van ethaan te verbieden. Graag op heel korte termijn!


Lees ook: Grote plasticproducent opent mogelijk fabriek in Botlekgebied.

Lees ook: Tsunami aan plastic door investeringen industrie.

Mondiale duurzaamheidsdoelen ook van toepassing op plasticsoep

Amsterdam, 02 oktober 2018 – Het afval dat de wereld produceert zal in 2050 met 70% zijn toegenomen. De hoofdconclusie van het rapport What a Waste 2.0, dat de Wereldbank afgelopen maand uitbracht, stemt niet vrolijk. Het afval dat in zee terecht komt, zal toenemen naarmate de wereldbevolking en de koopkracht toenemen. Tenminste: áls er geen drastische maatregelen worden genomen. Schokkend is bijvoorbeeld de constatering dat op dit moment in lage inkomenslanden 93% van al het afval op vuilnisbelten in de open lucht wordt gedumpt, tegen 2% in rijke landen. Plastic is de grootste boosdoener, omdat het niet vergaat en de oceanen vervuilt. Plastic dat in de open lucht gedumpt wordt heeft grote kans om weg te waaien en ook in zee terecht te komen.

De mondiale duurzaamheidsdoelen (Sustainable Development Goals, SDG’s) die de Verenigde Naties in 2015 vaststelden, bieden volgens het rapport een overkoepelend raamwerk voor te nemen maatregelen. Aan enkele duurzaamheidsdoelen zijn namelijk specifieke targets gekoppeld om (plastic)vervuiling terug te dringen. Landen hebben een inspanningsverplichting om maatregelen te nemen zodat de SDGs in 2030 daadwerkelijk worden gehaald. Via de SDG’s is de plasticsoep een integraal onderdeel van de duurzaamheidsagenda van landen en organisaties.

De Plastic Soup Foundation heeft de relatie tussen SDG’s en plasticsoep in kaart gebracht. Hoewel geen van de zeventien SDG’s de plasticsoep als hoofdonderwerp heeft, kan voor een aantal de relatie met de strijd tegen de plasticsoep duidelijk worden aangegeven.

Bij de bestrijding van de plasticsoep gaat het om:

  • voorkomen van plastic in het milieu,
  • vermijden van gezondheidsrisico’s,
  • absolute reductie van plastic.

Lees hier hoe deze drie uitgangspunten aan afzonderlijke SDG’s kunnen worden gekoppeld.

Levenscyclusanalyse bevestigt: meermalige plantentray is inderdaad veel beter voor milieu

Amsterdam, 1 Oktober 2018 – Alweer twee jaar geleden antwoordde toenmalig staatssecretaris Dijksma (PvdA) op Kamervragen, dat zij met de sierteeltsector in gesprek zou gaan over het duurzaam gebruik van plantentrays zodra een lopend onderzoek zou zijn afgerond. Dat onderzoek betrof de levenscyclusanalyse, welke in opdracht van Flora Holland werd uitgevoerd door Blonk Consultants. Het rapport is sinds kort beschikbaar, dat wil zeggen: Royal Flora Holland (RFH) heeft een versie online gezet van 25 april 2018. Dat dit rapport “for external communication” is, impliceert dat er ook een vertrouwelijke versie bestaat. Hoe dit ook zij, het nu openbare rapport biedt voldoende informatie voor de huidige staatssecretaris om maatregelen te nemen.

Het rapport benadrukt dat de factor ‘plasticsoep’ in een levenscyclusanalyse niet kan worden meegenomen. De analyse houdt dus geen rekening met schade wanneer een plastic tray in het milieu terechtkomt. Desondanks is de uitkomst overduidelijk: “Overall multiple use trays have better environmental performance than single use trays”. Hiermee is de discussie beslecht.

De Plastic Soup Foundation publiceerde al in 2016 een position paper, Icoonproject sierteelt, en betoogt daarin dat er veel milieuwinst valt te behalen wanneer de gangbare eenmalige plastic plantentrays worden vervangen door een tray die veelvuldig te gebruiken is, gebaseerd op een statiegeldsysteem.

Maar Flora Holland is niet genegen het huidige systeem zomaar aan te passen. Niet de milieu-impact blijkt allesbepalend. Exportgerichte klanten zien de administratie en retourstroom, blijkt uit een gehouden enquête, als nadeel van meervoudig te gebruiken trays. Wanneer de sector zo treuzelt om werkelijk te verduurzamen, is er maar één weg: regelgeving.

Harmen Spek, projectleider ‘Verduurzaming Sierteelt’ van de Plastic Soup Foundation: “RFH heeft de inhoud van dit rapport in mei 2017, onder embargo, met ons gedeeld. De conclusie, die ons in het gelijk stelt, was overduidelijk, maar kennelijk onwelgevallig voor RFH dat onder het keurmerk Normpack per jaar maar liefst 180 miljoen eenmalige trays laat produceren. Dit moet de reden zijn dat RFH haar leden en de staatssecretaris dit belangrijke document anderhalf jaar lang heeft onthouden. Een kwalijke gang van zaken, want waar duurzame keuzes moeten worden gemaakt is concrete informatie en transparantie een eerste vereiste. De focus van ons programma ‘Verduurzaming Sierteelt’ zal gericht blijven op het terugdringen van eenmalige plastic producten in de sierteelt, geheel in overeenstemming met het beleid van de Europese Unie om eenmalig gebruikt plastic drastisch terug te dringen.”

Europese PET-lobby valt door de mand

Amsterdam, 28 september 2018 – Frankrijk is één van de landen die voorop loopt in de strijd tegen de plasticsoep. Twee jaar geleden verbood het de dunne plastic tas. Niet lang daarna kwam het verbod op wegwerpservies per 2020. Afgelopen zomer waren rietjes en plastic roerstaafjes aan de beurt en sinds 14 september jongstleden werd de wet opnieuw aangescherpt, aldus een bericht in Le Monde. Nu wordt ook de beschikbaarheid van plastic bakjes en wegwerpartikelen op scholen, universiteiten en crèches per 1 januari 2020 verboden. De maatregel is winst voor het milieu, maar een doorn in het oog van de Europese PET-industrie vanwege omzetverlies.

De PET-industrie wordt in Europa vertegenwoordigd door Petcore Europe en Pet Sheet Europe. Gezamenlijk hebben ze een persbericht uitgebracht. Daarin wordt gesteld dat de laatste aanpassing van de Franse wet in strijd is met Europese regelgeving, met name met het recht om verpakkingen op de markt te brengen en met het vrije verkeer van goederen. Eerst moet Europa namelijk het juridisch raamwerk in orde hebben, voordat een afzonderlijk land tot een dergelijk verbod kan overgaan. Of deze redenering standhoudt, is voer voor juristen.

Het persbericht biedt daarnaast een ontluisterend inkijkje hoe een industrie die steeds verder onder druk komt te staan, reageert op overheidsmaatregelen om single-use plastics te verbieden. De PET-industrie zegt begaan te zijn met het milieu, maar propageert een andere oplossing. PET is optimaal te recyclen en dus roept de PET-industrie Europese wetgevers met klem op om een goed werkend systeem voor de inzameling van plastic verpakkingen te introduceren “in order to close the loop”. De achterliggende gedachte is dat dan onbeperkt PET geproduceerd kan blijven worden.

Het staat er echt: “De kringloop moet gesloten worden”. De PET-industrie weet heel goed dat dit onmogelijk is, maar zwijgt daarover in alle talen. Van gebruikt PET wordt bijvoorbeeld kleding gemaakt, zoals fleece truien, en wanneer die kleding machinaal gewassen en gedroogd wordt, ontstaan plastic microvezels. Die spoelen vervolgens weg met het afvalwater en kunnen daar nooit meer uitgefilterd worden. Dat het per wasbeurt gemiddeld om 9 miljoen vezels gaat, heeft het Europese Mermaids Life+ onderzoek uitgewezen. De PET-industrie is medeverantwoordelijk voor deze grote bron van vervuiling en doet er helemaal niets tegen.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “PETcore Europe en PET Sheet Europe moeten zich diep schamen. Ze doen er alles aan om een vervuilend productiesysteem zo lang mogelijk in stand te houden. Het is de hoogste tijd dat de Europese Unie dwingende reductiemaatregelen afdwingt en daarbij ook rekening houdt met de negatieve effecten van recycling, zoals de microvezels afkomstig van kleding die van PET gemaakt is. Maar natuurlijk ook: hoera voor durfal Frankrijk, dat wederom het goede voorbeeld geeft.”

Plasticsoep op land: landbouwcompost is vervuild met plastic

Amsterdam, 27 september 2018 – Plastic afval wordt in de Nederlandse regelgeving niet beschouwd als een problematische emissie naar het milieu. Daardoor ontstaat plasticsoep ook op land. Boeren kopen compost dat vervuild is met kleine stukjes plastic en vervuilen zo hun eigen grond. De belangrijkste oorzaak is dat door consumenten ingeleverd gft afval vaak vervuild is met plastic: composteringsbedrijven kunnen dit plastic er niet allemaal uit halen. Ook bermmaaisel vervuild met zwerfvuil wordt als oorzaak genoemd.

Een Noord-Hollandse akkerbouwer uit Abbenes maakt zich grote zorgen over dit plastic in het compost. Hij is nu gestopt om de vruchtbaarheid van zijn grond hiermee te verbeteren. NH Nieuws berichtte over de akkerbouwer en stelde vast dat van de wet in 1000 kilo compost maximaal vijf kilo plastic mag zitten.

De wettelijke kwaliteitseisen voor compost zijn vastgelegd in het Uitvoeringsbesluit Meststoffen, maar deze eisen voorkomen niet dat in de praktijk grote hoeveelheden (micro)plastic in compost aanwezig zijn. Duidelijke regels met een controle en handhavingssysteem van de overheid ontbreken. De Branche Vereniging Organische Reststoffen (BVOR) hanteert het keurmerk Keurcompost. Dit keurmerk kent drie kwaliteitsklassen (A, B en C) die zich onderscheiden door verschillende normen voor verontreinigingen als glas en plastic. Alle drie zijn ze strenger dan de Nederlandse wet. Vanaf 1 januari 2017 mogen wat betreft de branche alleen nog de klassen A en B als organische bodemverbeteraar worden gebruikt. Maar ook volgens de strengste variant van Keurcompost mag er 0,05% vervuiling op elke 1000 kilo zijn: dat is nog altijd een halve kilo aan plastic snippers.

In de praktijk blijkt dat buiten de aanbeveling van de branche compost van veel slechtere kwaliteit in de handel is. Een wettelijk kader om dit te reguleren ontbreekt vooralsnog. Op de aanwezigheid van microplastics is al helemaal geen zicht.

Begin dit jaar waarschuwden Duitse onderzoekers al dat microplastics op land een onderbelicht probleem zijn en op termijn tot grotere schade kunnen leiden dan het plastic in zee. Ze troffen overal ter wereld microplastics op landbouwgronden aan.

Nog eerder heeft de PSF in 2015 gepleit voor een wettelijke norm voor plastic lekkage naar het milieu, destijds naar aanleiding van luierplastic in compost.

Suzanne Kröger, parlementariër voor GroenLinks, heeft Kamervragen over de normen aangekondigd. Harmen Spek pleitte namens Plastic Soup Foundation dinsdag in een uitzending op NH Nieuws opnieuw voor overheidsnormen die bepalen dat er geen plastic in compost meer mag voorkomen.

Lees ook: Nieuwe vrijstellingsregeling zorgt voor meer verspreiding van zwerfplastic

Lees ook: CPB: ‘meer plastic inzamelen helpt niet in strijd tegen plastic soup’

Foto: Berg plastic dat door een composteerbedrijf uit gft is gehaald.