Berichten

Natuur & Milieu: Strenger verpakkingsbeleid onontbeerlijk

Amsterdam, 28 augustus 2019 – Neem de papieren broodzak met een plastic venster. Waar moet de consument die laten? In de container voor oud papier, bij het kunststofafval of bij het restvuil? Of wordt de koper geacht het plastic en het papier van de zak telkens keurig van elkaar te scheiden? Verpakkingen moeten sinds 1997 aan duurzaamheidseisen voldoen, de zogeheten Essentiële Eisen. Natuur & Milieu onderzocht een aantal verpakkingen en legde deze langs de lat van de Essentiële Eisen. De belangrijkste conclusies van het vandaag gepubliceerde rapport Duurzaamheid van verpakkingen in de supermarkt zijn dat de Essentiële Eisen onvoldoende worden nageleefd en dat de consument niet genoeg instructies krijgt om te recyclen.

Essentiële Eisen

Elk bedrijf dat een product op de markt brengt met een verpakking moet aan de Essentiële Eisen voldoen. Het gaat erom dat zo min mogelijk materiaal gebruikt wordt en dat een verpakking opnieuw gebruikt of goed gerecycled kan worden. Volgens het expertpanel dat voor Natuur & Milieu een aantal verpakkingen beoordeelde, voldoen de meeste verpakkingen niet aan de Essentiële Eisen. Er wordt meer materiaal gebruikt dan strikt nodig is, de verpakkingen bestaan vaak uit een combinatie van materialen (zoals de papieren broodzak met het plastic venster) en de consument kan er niet goed mee uit de voeten, omdat duidelijke instructies ontbreken. Toch zijn er voor fabrikanten voldoende alternatieve verpakkingen voorhanden die wel aan de Essentiële Eisen voldoen.

Weggooiwijzer

De Nederlander maakt gemiddeld per dag zeven verpakkingen open. Van de consument kan alleen goed scheidingsgedrag verwacht worden wanneer op elke verpakking duidelijk staat in welke afvalbak deze moet. En hier gaat het mis. Van de onderzochte verpakkingen blijkt slechts 67% een instructie te hebben voor afvalscheiding. Tien procent van alle producten had een incomplete instructie. Een eenduidige goede instructie werd op 55% van de onderzochte verpakkingen aangetroffen. Een belangrijke aanbeveling is daarom dat uniforme afvalscheidingsconstructies verplicht moeten worden voor alle verpakkingen. Het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) heeft iconen geïntroduceerd die al veelvuldig worden toegepast. Deze iconen van de Weggooiwijzer geven aan tot welke categorie afval een verpakking behoort (plastic, papier, glas of restafval).

Verbeteringen

Om de afvalstroom zuiverder te maken om zo hoogwaardiger te kunnen recyclen, bevelen de onderzoekers het volgende aan:

  • Bij het ontwerp kiezen bedrijven voor herbruikbare of goed recyclebare verpakkingen met daarbij duidelijke instructies voor afvalscheiding;
  • Marketingargumenten mogen geen wettelijk geldige argumenten zijn om een verpakking minder duurzaam te maken dan mogelijk is;
  • Fabrikanten zorgen voor meer eenvoud en uniformiteit in gebruikte verpakkingsmaterialen. Een minder complexe afvalberg is namelijk beter en goedkoper te recyclen.

Vreemde paradox

Terwijl de onderzoekers minder verpakkingsplastic bepleiten, kiezen ze voor een onderzoeksmethode die het gebruik van plastic bevordert. De toegepaste levenscyclusanalyse (LCA) laat effecten van zwerfvuil op het milieu buiten beschouwing, maar kijkt wel naar de impact van verschillende materialen op CO2 uitstoot. Dat levert een vreemde paradox op in het rapport. Bij de productbeoordelingen blijkt plastic opeens favoriet ten opzichte van andere materialen. Een drankenkarton met plastic coating blijkt dan beter dan sap in glas. Koeken in blik? Dat is veel te zwaar, dus beter in plastic. Zó gaan we de strijd tegen zwerfvuil niet winnen.

Plastic Pact

De onderzoekers wijzen erop dat het Plastic Pact in potentie veel winst kan opleveren. Het gaat om de overeenkomst die de Nederlandse overheid afgelopen januari met bedrijven (waaronder supermarkten) sloot om tot een beperking te komen van plastic verpakkingen. Het Plastic Pact werd ondertekend door 75 organisaties en heeft als doel de milieudruk van plastic te verminderen en circulariteit (recycling) te verbeteren. In 2020 moet 20% minder plastic gebruikt worden. Er is echter geen enkele juridische verplichting voor de bedrijven die hebben ondertekend om die doelstellingen te halen. Eerder gemaakte afspraken met de verpakkende industrie bleken zelfs keer op keer niet te worden nagekomen. Natuur & Milieu stelt in haar rapport vast dat de wet bedrijven een ontsnappingsclausule biedt, waardoor een minder duurzame verpakking toch niet aan de Essentiële Eisen hoeft te voldoen. De boodschap is duidelijk voor wie die horen wil: een strenger bij wet afgedwongen verpakkingsbeleid is onontbeerlijk.

Foto: ontleend aan cover rapport Natuur & Milieu


Lees ook – ‘Plastic Pact is marketingstunt’

Lees ook – Voedselverspilling en plastic afval gaan hand in hand

 

, ,

Coca-Cola: Let’s not waste this Summer

Amsterdam, 25 juli 2019 – Bij extreme hitte is het lekker om een gekoeld colaatje te drinken. De omzet van Coca-Cola zal flink stijgen en de vraag is hoeveel flesjes en blikjes daarvan in het milieu terecht komen. Als het aan Coca-Cola ligt geen enkele. De dranken-multinational voert sinds 2018 de wereldwijde campagne “World Without Waste”. Onderdeel daarvan is dat in 2025 alle verpakkingen overal ter wereld worden teruggehaald om te worden gerecycled en dat het percentage recyclaat in de verpakkingen toeneemt. Dat wil het bedrijf doen in samenwerking met lokale organisaties. Het klinkt even geweldig als ambitieus, want we praten over 3 miljoen ton plastic verpakkingen per jaar, het equivalent van 200.000 plastic flessen per minuut, zoals de Britse krant The Guardian berekende.

Nederlandse zomercampagne

In Nederland is de strategie dit jaar uitgewerkt in de grootste Coca-Cola-campagne van het jaar: ”Let’s not waste this Summer”. Consumenten worden door Coca-Cola opgeroepen geen drank meer te kopen als ze het bedrijf niet helpen om de verpakking te recyclen. Iedereen moet de verpakking op een verantwoorde wijze inleveren. Wie dat doet en kenbaar maakt, komt zelfs in aanmerking voor een duurzame prijs. Zouden al die mensen die de slechte gewoonte hebben hun flesjes en blikjes Cola op straat achter te laten zich aangesproken voelen en nu geen Cola meer kopen? Welnee. Het gaat om een slimme campagne waarin Coca-Cola zich presenteert als een duurzaam bedrijf, terwijl ze de verantwoordelijkheid voor de flesjes en de blikjes in het milieu bij de consument legt.

Drie merken met 100 % recyclaat

De PET-flessen die door de consumenten worden ingezameld en ingeleverd, worden gebruikt voor het maken van nieuwe flessen. Coca-Cola heeft deze zomer bekend gemaakt dat drie merken (Chaudfontaine, Honest en CLACÉAU Smartwater) begin 2020 PET-flessen van 100% recyclaat gebruiken. Dat levert een jaarlijkse besparing op van 900 ton nieuw (virgin) plastic in Europa. De werelddoelstelling, in het kader van World Without Waste is om in 2025 minimaal 50% recyclaat voor alle flessen te gebruiken. Voor meer recyclaat is een hoger percentage ingeleverde flessen nodig. Vandaar de oproep aan de consument om vooral gescheiden plastic in te leveren. Maar flessen gemaakt van 100% recyclaat kunnen net zo gemakkelijk in het milieu terechtkomen. En die kans wordt groter als er meer van worden verkocht.

Coca-Cola en statiegeld

Coca-Cola heeft een ambivalente houding tegenover invoering van statiegeld. Met statiegeld op alle drankverpakkingen weet je zeker dat een hoog percentage weer wordt ingeleverd. Dan word je niet beloond met een duurzaam presentje, maar elke keer met het statiegeld dat je terugkrijgt. Sinds enkele jaren heeft ze haar verzet opgegeven tegen statiegeld in landen waarin de overheid dit systeem wil invoeren of uitbreiden. Maar tegelijk promoot het bedrijf statiegeld niet als middel om de verpakkingen in te zamelen. De zomercampagne van Coca-Cola Nederland zou pas geloofwaardig zijn, als het bedrijf zich duidelijk uitspreekt voor statiegeld op alle drankverpakkingen.


Lees ook: Coca-cola is grootste plasticvervuiler 

Wat gaan we doen met ons afvalplastic?

Amsterdam, 17 juli 2019 – Westerse landen exporteren een groot deel van hun plastic afval. Dat plastic zou in ontvangende landen gerecycled worden. China importeerde het leeuwendeel van het afval tot het anderhalf jaar geleden besloot de import voortaan te verbieden. De stromen afvalplastic verschoven vervolgens naar andere Zuidoost-Aziatische landen. Omdat veel van dat plastic niet gerecycled wordt, maar (in de open lucht) verbrand of alsnog ergens gedumpt, neemt in deze landen het verzet toe. Er worden al containers met afvalplastic teruggestuurd. De importerende landen kunnen gemakkelijker maatregelen nemen door een recente aanscherping van de Conventie van Bazel. Ook Nederland kan zijn plastic afval steeds moeilijker exporteren, terwijl recycling in eigen land alleen met belastinggeld mogelijk blijkt.

De Conventie van Bazel

Afgelopen mei kregen landen die paal en perk aan de import van westers afvalplastic willen stellen een belangrijke steun in de rug toen de Conventie van Bazel werd aangescherpt. Dit internationale verdrag reguleert het internationale transport van gevaarlijke afvalstoffen. Bepaald werd dat gemengd en vervuild plasticafval nu ook onder dit controleregiem valt. Landen kunnen de import nu beter controleren en zelfs verbieden. Exporterende Landen zullen de komende jaren hun eigen afval zelf moeten gaan verwerken.

Uit een recent overzicht van exporterende en importerende landen blijkt bijvoorbeeld dat de Verenigde Staten in de eerste tien maanden van 2018 ongeveer evenveel plastic exporteerde (961.000 ton) als Maleisië importeerde (913.200 ton).

Wat gaat Nederland nu doen?

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek is de Nederlandse export van recyclebaar plastic afval naar China sterk gedaald sinds het importverbod. Maar naar andere Aziatische landen werd in 2018 daarentegen meer plastic afval geëxporteerd. Binnen Europa stond Nederland in 2016 stond al op de tweede plaats als afvalexporteur.

Een recent rapport van het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) en Rijkswaterstaat gaat over de vraag in hoeverre plastic afval gebruikt kan worden voor recycling in Nederland. Het rapport stelt vast dat het aanbod in eigen land toeneemt, omdat exportstromen wegvallen. Al dat plastic afval is op de Nederlandse markt echter niet goed af te zetten. Het rapport noemt daarvoor twee redenen: er is een gebrek aan recyclingcapaciteit en nieuw (virgin) plastic concurreert sterk qua prijs met recyclaat. Zonder ingrijpen van de overheid, lees: het verstrekken van subsidies of het belasten van virgin plastic, is recycling (voor consumentenafval) economisch niet haalbaar.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het is goed dat paal en perk wordt gesteld aan de export van ons afvalplastic onder het mom van recycling. We moeten erkennen dat we zelf dat afvalplastic nu ook niet kunnen recyclen. De enige echte uitweg is: een drastische reductie van het gebruik van (verpakking)plastic.”

Foto: Afvalberg in de Filippijnen. Maria Antonia N. Tanshuling.

,

Opmars naar Europese belasting op virgin plastic

Amsterdam, 28 november 2018– Ontstaat er politiek draagvlak voor een Europese belasting op virgin plastic? Daar lijkt het op. Afgelopen januari stelde Oettinger, EU-commissaris voor begroting, een belasting op plastic voor. Daarnaast begon de fractie van de Groenen in het Europees Parlement dit jaar een campagne voor een belasting op plastic voor producenten. De verpakkingsindustrie voert tegelijkertijd een sterke lobby om alle vormen van belasting op plastic te voorkomen en bepleit uitsluitend maatregelen die op vrijwillige basis genomen worden.

De Europese Commissie wil dat er veel meer plastic gerecycled wordt. In de Plastics Strategy wordt geen belasting aangekondigd om dat te stimuleren. In plaats daarvan heeft de Europese Commissie afgelopen zomer aan de industrie gevraagd om op vrijwillige basis toezeggingen te doen. Uit de 65 beloftes die de Commissie ontving, blijkt dat de Europese recyclers in 2025 ten minste 10 miljoen ton gerecycled plastic kunnen aanbieden. In het deze week uitgegeven persbericht hierover constateert de Europese Commissie echter een groot probleem.

Er kan wel 10 miljoen ton gerecyceld plastic worden toegezegd, maar aan de vraagkant gaat het naar schatting om slechts 5 miljoen ton. Producenten van plastic willen alleen gerecycled plastic gebruiken als dat voldoen aan de door hen gewenste kwaliteitseisen. Commissaris Frans Timmermans van duurzame ontwikkeling: “We will now analyse which should be the next steps to further boost the uptake of recycled plastics and close the gap between supply and demand”. Uit het persbericht blijkt dat die nadere analyse, die de Commissie begin volgend jaar zal publiceren, nieuwe regelgeving of het introduceren van economische prikkels niet uitsluit. En dan komt een belasting op virgin plastic al snel in beeld.

In het Verenigd Koninkrijk heeft de discussie over een heffing op virgin plastic intusseneen nieuwe impuls gekregen. De kernboodschap van een rapport dat vorige week aan Engelse parlementariërs werd overhandigd, is dat bedrijven moeten worden belast wanneer ze plastic gebruiken dat geen gerecycled materiaal bevat of een te laag percentage. Het rapport werd in opdracht van WWF en Resource Association geschreven door het adviesbureau Eunomia.

Met de voorgestelde aanpak wordt het enerzijds duurder om nieuw (verpakkings)plastic te maken. Dat betekent een reductie van de hoeveelheid plastic, een besparing op fossiele grondstoffen en ook minder CO2uitstoot. Aan de andere kant wordt het financieel aantrekkelijker om gerecycled plastic te produceren en te gebruiken, omdat dat onbelast blijft.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Wij bepleiten al lang een heffing op primair verpakkingsplastic. We roepen de Nederlandse overheid dringend op om leiderschap te tonen en een belasting op virgin plastic in Europees verband bij voorbaat te steunen.”


Lees ook: Breaking news: EU kondigt belasting op plastic aan

Lees ook: Jaarlijks circa 30 kilo plastic afval per persoon en amper gerecycled

,

Greenpeace prikt plannen door van multinationals om plasticsoep te bestrijden

Amsterdam, 14 november 2018 – Greenpeace laat geen spaan heel van de plannen en acties van multinationals om de plasticsoep te beteugelen. Elf multinationals, actief in de sector van de fast-moving consumer goods, zijn door de milieuorganisatie doorgelicht. Het gaat om de allergrootste in de sector: Coca-Cola, Colgate-Palmolive, Johnson-Johnson, Procter&Gamble, Mars Incorporated, PepsiCo, Nestlé, Unilever, Mondelez International, Danone en KraftHeinz. Geen van deze ondernemingen heeft beleid geformuleerd om hun totale hoeveelheid verpakkingsplastic te verminderen. In tegendeel, alle tot nu toe gepresenteerde plannen laten ongeremde groei van eenmalig verpakkingsplastic toe.

Dat stelt Greenpeace in het recent verschenen rapport A crisis of convenience. De wegwerpmaatschappij heeft geleid tot het milieuprobleem van de plasticsoep. Zo’n veertig procent van al het plastic dat geproduceerd wordt, is verpakkingsplastic dat eenmalig wordt gebruikt. Veel daarvan komt in de oceanen terecht en is afkomstig van deze multinationale ondernemingen, wier businessmodel volledig gebaseerd is op eenmalig verpakkingsplastic. Samengevat bestaan hun plannen om de plasticsoep te bestrijden uit drie pijlers:

  • Vermindering van het gewicht per plastic verpakking
  • 100% recyclebare verpakkingen
  • Gebruik maken van gerecycled materiaal om nieuw plastic te vervangen.

Greenpeace vindt dat het voornemen om het gewicht per plastic verpakking te verminderen helemaal niets zegt over de totale hoeveelheid verpakkingsplastic die de multinationals in de toekomst zullen gebruiken, omdat het aantal verkochte verpakkingen ondertussen alsmaar toeneemt. De multinationals blijken vooral het recycling-zal-het-probleem-oplossen argument te misbruiken om feitelijk op de oude voet te kunnen doorgaan. Greenpeace ziet in het voornemen om 100% recyclebaar te gaan produceren eveneens geen enkele garantie dat wat 100% recyclebaar is ook voor 100% zál worden gerecycled. Recycling als oplossing is volgens het Greenpeace-rapport een mythe, omdat:

  • Momenteel slechts 9% van alle plastics wereldwijd wordt gerecycled;
  • Van gerecycled plastic nu producten worden gemaakt die slechter van kwaliteit zijn en minder waarde hebben. Het is daarom geen werkelijke recycling, maar downcycling waardoor de vraag naar virgin plasticonverminderd groot zal blijven;
  • Veel verpakkingsmateriaal niet ontworpen is om te worden gerecycled, zoals miniverpakkingen die uit meerdere lagen folies bestaan;
  • Er wereldwijd een groot gebrek is aan recycling-infrastructuur, zowel wat het inzamelen van plastic afval betreft als het verwerken ervan.

The brand audit report, gebaseerd op het tellen van zwerfplastic op merken in 42 landen, komt tot de conclusie dat Coca-Cola, PepsiCo, Nestlé en Danone de grootste vervuilers zijn. Greenpeace ging na hoeveel single-use plastics de elf multinationals verkochten in 2017 en komt tot de conclusie dat de bedrijven die het meest verkochten, precies dezelfde zijn als de meest vervuilende bedrijven volgens The brand audit report, zelfs in dezelfde volgorde.

Greenpeace doet de volgende aanbevelingen aan de multinationals om de plasticsoep werkelijk te bestrijden:

  • Omarm jaarlijkse reductiedoelstellingen van verpakkingsplastic om deze uiteindelijk geheel te verbannen;
  • Wees volledig transparant over de totale hoeveelheid plastic die gebruikt wordt, niet alleen per item;
  • Begin per direct met het elimineren van problematische en onnodige plastics, zoals de miniverpakkingen;
  • Investeer in hergebruik van flessen en bakken en innoveer in de bijbehorende logistiek.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Het rapport van Greenpeace legt de vinger op de zere plek. De beloftes van multinationals zijn hol, omdat ze gebaseerd zijn op business as usual in plaats van op het werkelijk bestrijden van de plasticsoep”.


Lees ook:
Coca-Cola is grootste plasticvervuiler

Het grote gevecht: recycling of reductie van plastic

Unilever en de plasticsoep

Ambities van Plastic Soup Foundation en SodaStream ontmoeten elkaar op eiland Roatán

Het zijn geen standaard vakantiesouvenirs die Maria Westerbos heeft meegenomen uit Honduras. Een klein plastic olifantje zonder slurfje en een afgerukt beentje van een barbiepop – ooit babyroze geweest en vermoedelijk onderwerp van warme affectie. Nu een thuisloos en vies stuk plastic, zwartgeblakerd, besmeurd, bekrast en stinkend. Hoe lang deze speelgoedjes onderweg zijn geweest, en via welke route, vóórdat Maria ze van het strand van Roatán plukte? Only heaven knows. Nu liggen ze op haar bureau in Amsterdam, als stille getuigen van de plastic ramp die zich wereldwijd op zee en kustlijnen voltrekt.

EEN REIS MET EEN BEDOELING

De oprichter en directeur van de Plastic Soup Foundation is terug van een bezoek aan het Hondurese eiland Roatán, 8 kilometer breed en 60 kilometer lang. Ze was daar samen met SodaStream-ceo Daniel Birnbaum en de 150 hoogstgeplaatste managers van het concern uit 45 landen. Maria was keynote speaker en meegereisd als enige vertegenwoordiger van een ngo, samen met filmmaker Chris Jordan (‘Albatross’) en een internationaal gezelschap van een twintigtal influencers en journalisten.

Dat de volledige toplaag van het Israëlische bedrijf – dat apparaten verkoopt waarmee je van kraanwater in een oogwenk bubbeltjeswater kunt maken – uitgerekend naar dit tropische eiland is gevlogen, was niet zonder reden. “Daniel had er een duidelijke bedoeling mee, hij wil dat zijn bedrijf een grote ommezwaai gaat maken, weg van het wegwerpplastic”, zegt Maria. “Dat was ook de reden dat ik op deze uitnodiging inging. Als zo’n groot bedrijf een ingrijpende koerswijziging ondergaat, dan is het nuttig dat al je managers begrijpen waarom. Hij wilde ze confronteren met alle plastic troep die elke dag op zo’n afgelegen eilandje aanspoelt. Hij wilde samen met ze opruimen en dat hebben we dan ook gedaan, samen met lokale schoolkinderen. We zijn een paar dagen op rij tussen 5 en 6 uur ’s ochtends opgestaan, dan was het nog redelijk te doen qua temperatuur. Om 10 uur ’s ochtends was het al 45 graden.”

Er was geen houden aan, het plastic bleef maar komen. Grote herkenbare plastic voorwerpen zoals een ventilator en de borstel van een bezem, maar ook flipflops, poppen, flessen, blikjes en vooral ontelbare, veelkleurige plastic deeltjes die met de hand niet meer op te ruimen zijn. In de folders mag Roatán nog als Paradise Island te boek staan, het eiland zucht nu vooral onder afval.

“Er is helemaal geen waste management op het eiland, niks. Ik zag voetbalvelden met overal afval, waar kinderen omheen voetbalden. Ik zag hopen afval in achtertuintjes van huizen liggen, waar het wordt gedumpt en waar het af en toe in de fik wordt gezet. Je ziet de sporen van branden. Mensen gooien het zo neer, want er is niets geregeld. Waar je ook kijkt, zie je afval. Alleen bij de huizen van de superrijken zie je dat er is opgeruimd. Maar ook dat afval gaat op grote hopen langs de kustlijn en wordt vroeg of laat door de zee meegenomen. Die aanblik van al dat afval kwam enorm bij me binnen. Ik dacht: als het zó toegaat op al die eilandjes in de wereld die geen waste management hebben, al dat afval dat geen kant op kan, dan stikken deze paradijsjes letterlijk in de troep en plasticsoep. En daar komt dan nog eens al het aanlandige afval bij dat op de kusten komt aanwaaien en aanspoelen vanuit god-weet-waar. Ik werd er heel verdrietig van. En ook strijdbaar, zo werkt dat bij mij. Op elk niveau moeten veel meer mensen wereldwijd besmet raken, hun hakken in de plasticsoep zetten en zeggen: tot hier en niet verder.”

PLASTIC TE VERVUILD VOOR RECYCLING

Het eiland is volledig omsloten door water en krijgt het afval inderdaad cadeau uit alle windrichtingen, uit het hele Caraïbisch gebied, van Guatemala, Belize en Mexico in het westen en vanuit Cuba en Haïti in het noordoosten. “Alle rioleringen gaan rechtstreeks het water in. Ik zakte op een gegeven moment tot halverwege mijn kuiten in de poep en plasticsoep weg. Oh Maria, dacht ik, toen ik op mijn slippers door ploeterde: daar kun je gemakkelijk infecties van krijgen. Als dit ons voorland is, als alle bounty islands er zo uitzien of binnen afzienbare termijn er zo gaan uitzien, dan zijn zowel de mens als de oceaan in groot gevaar. Ik heb de plasticsoep eerder zien aanspoelen op Hawaii en op het strand in Vietnam, zien drijven in de morsdode Bagmati River in Kathmandu hoog in de Himalaya, maar om zo’n klein leefgebied midden in de oceaan of zoals hier in de Caraïbische Zee te zien bezwijken onder plastic trash, dat is om te huilen.”

“Het is daarom heel erg interessant om te zien hoe SodaStream haar managers omsmeedt tot een leger van plastic fighters. Ja, dat stond op de T-shirts die ze allemaal droegen. Ik vond het een bijzondere ervaring te zien hoeveel serieuze toewijding er is. De ambities liggen hoog. Ik hoorde Daniel Birnbaum op de slotavond zeggen dat ze 95 procent van de plasticsoep willen gaan opruimen.”

SodaStream onthulde en testte op Roatán namelijk ook de zogeheten Holy Turtle, een drijvend systeem voortgetrokken tussen twee boten dat plastic uit de zee moet filteren. “Zelfs als het werkt, zit je met het probleem: waar moet het afval heen nadat je het uit het water hebt gehaald? Als er in de buurt geen waste management systeem is, dan moet je het afvoeren naar het vasteland. Recyclen is geen optie: veel plastic uit zee is zo vervuild dat maar een fractie ervan herbruikbaar is. Het is een complex probleem, het is allemaal niet zo gemakkelijk. Maar de bedoeling is waanzinnig. Daniel is besmet geraakt met hetzelfde virus als waarmee ik tien jaar geleden ben besmet – en vele anderen gelukkig.”

‘JE MOET HET ZELF ZÍEN’

Wat voor de SodaStream-topman de doorslag gaf? “Hij vertelde me dat hij veel video’s en foto’s van de plastic ellende op stranden had gezien. Vervolgens was hij enkele maanden geleden zelf naar het eiland gevlogen om te gaan kijken. Het is natuurlijk niet niks om 200 mensen naar zo’n afgelegen eiland te laten vliegen en er zo’n resort af te huren. Reken maar uit wat dat kost. Maar als je daarmee dat virus kunt overbrengen naar je managers en hen kunt uitleggen waarom je denkt dat hún bedrijf verantwoordelijkheid moet nemen, dan is het vreselijk effectief. Je moet het zelf zíen! Sommige bedrijven gaan plastic vissen in de grachten van Amsterdam, ook goed. Maar veel meer bedrijven zouden zulke reizen moeten maken, denk ik, zoals SodaStream heeft gedaan. Zoals Bernice Notenboom met captains of industry naar de smeltende Noordpool gaat, daar kun je het mee vergelijken. Ik zou iets soortgelijks ook graag doen, om ceo’s het te laten zien. Wat we samen allemaal aanrichten. We zijn als enige dier ter wereld in staat ons eigen nest dodelijk te vervuilen.”

“Daniel en ik delen die waanzinnige ambitie om het plastic op te ruimen en het probleem op te lossen. Om de wereld te redden! Maar als je die ambitie hebt, dan komen gaandeweg ook teleurstellingen. Als SodaStream het meent om structureel met ons samen te werken, als je verschil wilt maken, dan begint dat altijd bij jezelf. Je moet naar de aanpak bij de bron. Dus daarom zeg ik: SodaStream, ga zelf op plastic dieet. Verlaag je Plastic Mass Index: je PMI. Wij kunnen daarbij helpen. Maak een plan: haal het plastic uit je verpakkingen, haal het plastic om je verpakkingen weg, vervang binnen nu en een paar jaar al je plastic flessen. Ja, nu hebben ze nog glas én plastic flessen die consumenten kunt hervullen. SodaStream zal dus op termijn van die plastic fles af moeten. De doppen zijn ook nog van plastic. Als je Plastic Fighter wilt zijn, moet je zelf op plastic dieet. En je klanten ook. Eigenlijk moeten we allemaal op een plastic dieet! Aan dat concept hebben we in 2018 hard gewerkt.”

‘WIJ GAAN OP PLASTIC DIEET, JIJ OOK’

SodaStream heeft de Plastic Soup Foundation genereus 10.000 dollar gedoneerd. “Dat is voor ons heel belangrijk. Dat gaan we in de webapplicatie van een plastic dieet voor consumenten stoppen om het verliezen van ‘plastic weight’ leuk en aantrekkelijk te maken. We integreren het dieet daarna ook in een app, die bijhoudt waar je bent gebleven, zodat je nooit kunt terugvallen. Daar zie ik een mooie samenwerking in het verschiet liggen. Dat we samen campagne gaan voeren op het plastic dieet. Dan zegt SodaStream tegen haar klanten wereldwijd: ‘Wij gaan op plastic dieet, jij ook! En gebruik deze app.’ Met zo’n boodschap kun je heel veel mensen in de wereld bereiken. Dat is een unieke propositie, dan ga je je onderscheiden.”

In hoeverre de onlangs aangekondigde miljardenovername van SodaStream door PepsiCo invloed heeft op de plasticvrije ambities van het Israëlische concern, zal moeten blijken. Maria ziet wel kansen. “De ceo van PepsiCo kwam ook langs op het eiland, toen we er waren. Ik heb de indruk dat Pepsi wel iets wil. Maar als je kijkt naar de gegevens van World Cleanup Day wereldwijd, dan staan ze toch vrolijk naast Coca-Cola. PepsiCo is een van de grootste vervuilers. Het is natuurlijk een mammoettanker en het is bijzonder lastig om zo’n groot bedrijf van koers te laten veranderen. Daarmee vergeleken is SodaStream een speedboot. SodaStream mag onafhankelijk blijven, is de afspraak en de intentie. Misschien dat SodaStream het goede voorbeeld kan geven en dat PepsiCo daarin meegaat en gaat onderzoeken wat ze kan doen om de kraan van single-use plastics dicht te draaien. Wat zou dat fantastisch zijn.”

Ethaan-tsunami komt op Europa af

Amsterdam, 29 oktober 2018 – Vorige maand publiceerde de International Energy Agency het rapport The Future of Petrochemicals. Een van de belangrijkste conclusies is dat de komende jaren het aantal petrochemische producten, waaronder met name kunststoffen, sterk zal stijgen als gevolg van de combinatie van groeiende wereldeconomie, toenemende wereldbevolking en technologische ontwikkeling.

Pogingen van overheden om het gebruik van eenmalig verpakkingsplastic (de zogeheten single-use plastics) te beperken, zullen volgens het rapport in het niet vallen bij de sterk stijgende consumptie van plastic in ontwikkelingslanden. De wereldwijde concurrentie tussen plasticproducenten wordt zowel veroorzaakt als versterkt door het aanbod van goedkope grondstoffen, met name schaliegas uit de Verenigde Staten.

Ethaan is een aardgas dat wordt afgeleid uit schaliegas. De Verenigde Staten heeft dankzij goedkoop schaliegas opnieuw een gunstige concurrentiepositie verworven: voor plastic gemaakt van ethaan is dat nu een aandeel van 40% van de wereldproductie. Ethaan wordt ook voor Europa de nieuwe grondstof voor plasticproductie, omdat het concurreert met het duurdere in Europa gebruikte nafta. Het IEA-rapport voorspelt dat de productie van ethaan in 2030 met 70% zal zijn toegenomen. Verwacht wordt dat een kwart van het geproduceerde ethaan zal worden geëxporteerd, vooral naar Europa.

Het gas wordt nu al met schepen uit de Verenigde Staten naar Europa gebracht door Ineos, een Britse chemiereus die investeert in nieuwe ethaankrakers op het continent. In de Appalachen (VS) wordt 35,8 miljard dollar geïnvesteerd in schaliegas-infrastructuur, waaronder pijpleidingen naar terminals aan de Amerikaanse oostkust. Terwijl de Europese Unie hard werkt om de plasticsoep te bestrijden, zal de import van ethaan Europese plasticproducenten in staat stellen veel meer plastic tegen nog lagere kosten op de markt te brengen. Recycling van plastic, als onderdeel van de gewenste circulaire economie, zal door de concurrentie van primair plastic, veel moeilijker van de grond komen.

De meest effectieve manier voor de Europese Unie om de plasticsoep te bestrijden en recycling te bevorderen is kortom om de import van ethaan te verbieden. Graag op heel korte termijn!


Lees ook: Grote plasticproducent opent mogelijk fabriek in Botlekgebied.

Lees ook: Tsunami aan plastic door investeringen industrie.

recycling of reductie van plastic

Het grote gevecht: recycling of reductie van plastic

Amsterdam, 22 juni 2018 –  De afgelopen tijd hebben multinationale bedrijven doelen geformuleerd hoe zij met de plasticvervuiling omgaan die ze zelf met hun eenmalige verpakkingen hebben veroorzaakt. Die doelstellingen hebben een opmerkelijke overeenkomst. Of het nu om McDonald’s , Procter & GambleUnilever of Coca-Cola gaat, alle beloven plechtig dat in 2025 of 2030 hun verpakkingen voor de volle 100% bestaan uit hernieuwbare, composteerbare of gerecyclede grondstoffen. 

Wat er niet bij verteld wordt, is dat zo doorgegaan kan worden met het ongelimiteerd toepassen van plastic verpakkingen. Evenmin is er sprake van enige garantie dat er geen plastic verpakkingen meer in het milieu terechtkomen.    

Het voorbeeld van Starbucks maakt een en ander inzichtelijk. Al in 2008 beloofde Starbucks dat in 2015 van alle koffiebekers 100 procent óf hergebruikt óf gerecycled zou worden. Tien jaar later komen wereldwijd de meeste van de vier miljard bekers per jaar nog altijd op vuilnisbelten en elders terecht, zorgt de plastic coating van de bekers ervoor dat ze amper gerecycled kunnen worden en ontbreekt een systeem om gebruikte bekers in te zamelen. Voor de bijdrage aan de plasticsoep maakt het echt niet uit of de bekers al dan niet van gerecycled materiaal gemaakt zijn.  

De enige echte oplossing om de plasticvervuiling tegen te gaan is een drastische reductie van of een verbod op eenmalige plastic verpakkingen.  

Voor Starbucks is de echte oplossing overigens super simpel: neem afscheid van de wegwerpbeker en schenk koffie voortaan in meegebrachte bekers of vraag statiegeld voor een beker die vervolgens ingeleverd en hergebruikt wordt. 

Terwijl enerzijds landen aankondigen single-use plastics te verbieden, zie de recente initiatieven van de Europese Unie en India, laten andere overheden zich voor het karretje spannen van deze grote afleidingsmanoeuvre van de industrie. Zo hebben Australische milieuministers onlangs verklaard dat alle Australische verpakkingen in 2025 óf recyclebaar, óf composteerbaar óf hergebruikt moet worden. Is het verwonderlijk dat deze doelstelling zal worden uitgevoerd door de Australian Packaging Convenant Organisation, waarvan 950 verpakkingsbedrijven lid zijn? 

De Balearen eilandengroep verbiedt single-use plastic in 2020

Amsterdam, 20 Februari 2018 – De Spaanse toeristische eilanden in de Middellandse Zee – Mallorca, Menorca en Ibiza – zijn van plan om radicale maatregelen te treffen om plastic vervuiling terug te dringen. Doel is om de hoeveelheid plastic die in zee belandt drastisch te verminderen en hergebruik en recycling onder de bewoners en toeristen te stimuleren. Deze maatregelen maken deel uit van een wetsvoorstel van de regering van de Balearen. In 2020 willen de eilanden de verkoop van single-use plastics verbieden, waaronder plastic bekers, borden, bestek, rietjes, tassen, maar ook vochtige doekjes, wegwerpaanstekers en – scheermesjes, plastic wattenstaafjes, niet-herbruikbare printer toners en niet-recyclebare koffie capsules.

De maatregel die voor de meeste ophef zorgde is de laatste: niet-recyclebare koffie capsules. Het voorstel is dat de capsules 100% composteerbaar moeten zijn. Nu zijn ze van plastic of aluminium. Een mogelijke oplossing voor fabrikanten die deze capsules vervaardigen zou zijn om een systeem te introduceren waarbij deze producten verzameld en gerecycled worden door de fabrikanten zelf, wat Nespresso bijvoorbeeld al doet. Deze oplossing wordt aangedragen door de regering.

Naast deze maatregelen wil de overheid ook restaurants en bars gaan verplichten om kraanwater aan te bieden aan al hun klanten. Daarvoor mogen zij geen kosten in rekening brengen. Het doel is om zo de verkoop van het aantal plastic flesjes terug te dringen.

Dit ambitieuze voorstel werd gedaan naar aanleiding van een beoordeling van de huidige situatie op de eilanden met betrekking tot vervuiling. Er is hier sprake van weinig ruimte en veel toerisme en het stijgende gebruik van single-use leidt tot vervuiling van straten, stranden en bergen. Als het voorstel wordt doorgevoerd, zou het niet naleven van de maatregelen kunnen leiden tot boetes tussen €300 en €1.7 miljoen.

Een recent rapport van Greenpeace Spanje stelt dat 96% van het afval in de Middellandse Zee uit plastic afval bestaat, ongeveer 1.455 ton. Van al het plastic dat in zee terecht is gekomen, ligt 94% op de zeebodem en het is onmogelijk om dit terug te halen. De Middellandse Zee is een van de meest vervuilde zeeën ter wereld.

De ambitie van de Balearen volgt op de besluiten van landen als Frankrijk en Costa Rica en andere om binnen de komende twee jaar single-use plastics of plastic tassen te gaan verbieden. Kenia is een voorbeeld van een land dat al een verbod heeft doorgevoerd op plastic tasjes. In steeds meer landen komt bestrijding van de Plastic Soup hoog op de agenda te staan.

PET-flessen van 100% gerecycled plastic


Amsterdam, 29 januari 2018 –
Het is sinds enige jaren mogelijk om PET-flessen te maken die geheel bestaan uit gerecycled plastic en die qua kwaliteit en uitstraling niet onderdoen voor flessen die van zogenaamd virgin plastic gemaakt zijn. Concerns die water en frisdrank in PET-flessen verkopen, buitelen nu over elkaar heen en verklaren de een na de ander:

  • dat hun flessen voor 100% uit gerecycled plastic bestaat,
  • binnen een aantal jaren zal bestaan,
  • of dat hun flessen voor 100% gerecycled kunnen worden.

Al deze bedrijven wijzen in hun communicatie op het grote probleem van zwerfplastic in het milieu en zeggen hun verantwoordelijkheid te nemen. Als laatste hoogtepunt is er de verklaring van elf multinationals, afgelopen week in Davos, dat al hun verpakkingen in 2025 volledig recyclebaar zijn.

Bar le Duc (United Soft Drinks) was september vorig jaar in Nederland het eerste watermerk dat koos voor 100% gerecyclede flessen. Evian (Danone) kondigde eerder deze maand aan dat alle flessen mineraalwater in 2025 van gerecycled plastic zullen zijn gemaakt. Coca-Cola houdt het voor het jaar 2030 op 50% wereldwijd. PepsiCola kondigde vorig jaar aan dat 100% van zijn verpakkingen gerecycled kunnen worden.

Recycling biedt echter geen echte oplossing voor de plastic soup. Een fles van gerecycled plastic heeft een even grote kans om in het milieu terecht te komen als een plastic fles waarvoor olie als grondstof is gebruikt. De drankgiganten wijzen dan ook zonder uitzondering op hun inspanningen om klanten voor te lichten over een verantwoord gebruik van de drankverpakkingen. Bar-le-Duc doet dat bijvoorbeeld met dit filmpje.
Bedrijven geven overigens al jaren voorlichting aan de consument. De plastic soup is het bewijs dat het resultaat van al die inspanningen bedroevend slecht is.

Er is, kortom, veel meer nodig om ervoor te zorgen dat de PET flessen niet in zee belanden. Zo wijst de Europese Commissie in de onlangs uitgebrachte Plastic Strategy erop dat het heffen van statiegeld ervoor zorgt dat 95% van de flessen weer wordt ingeleverd. Maar hierover hoor je de drankfabrikanten niet, en evenmin over de introductie van plastic flessen die vele malen hervulbaar zijn na telkens weer ingeleverd te worden.