Berichten

Eerste bewijs voor gezondheidsrisico’s van micro- en nanoplastics

Amsterdam, 8 oktober 2019 – Tijdens de Plastic Health Summit op 3 oktober hebben wetenschappers de eerste onderzoeksresultaten gepresenteerd van de effecten van plasticdeeltjes op de menselijke gezondheid. Zij spraken zich ook uit over de vraag hoe het voorzorgsbeginsel zich tot hun bevindingen verhoudt. Volgens de een is er eerst nog meer onderzoek nodig, volgens de ander zijn er genoeg vroege waarschuwingen en kunnen we niet wachten met het nemen van maatregelen tot alle risico’s tot in detail zijn onderzocht.

© Twycer / www.twycer.nl

ZonMw

De gepresenteerde voorlopige onderzoeksresultaten laten zien dat afweercellen microplastics aanvallen, dat ze daarbij het loodje leggen, dat de groei van de luchtwegen wordt belemmerd door nylon vezels en dat microplastics waarschijnlijk doordringen tot in de placenta. Het zijn uitkomsten van laboratoriumproeven waarbij met hoge concentraties wordt gewerkt. De onderzoeken leggen niet eerder waargenomen mechanismen bloot, zonder een uitspraak te kunnen doen in welke mate deze mechanismen op dit moment in ons lichaam optreden. Eerder dit jaar heeft de Nederlandse financier van gezondheidsonderzoek ZonMw 1,6 miljoen euro beschikbaar gesteld voor vijftien kortlopende onderzoeken. De meest prangende, maar nog nooit eerder onderzochte, vragen moeten deze onderzoeken beantwoorden.

© Twycer / www.twycer.nl

Verklaringen

Aan het einde van de Plastic Health Summit verklaarde ZonMw dat het belang van de onderzoeken zo groot is dat er 1 miljoen euro extra onderzoeksgeld beschikbaar wordt gemaakt. De wetenschappers werden daarmee op hun wenken bediend. In een voorgelezen gezamenlijke verklaring bepleiten ze meer (vervolg)onderzoek om de gevolgen van microplastics voor onze gezondheid beter te leren begrijpen.

© Twycer / www.twycer.nl

Maatregelen nu al nodig

Sommige ZonMw-onderzoekers hielden zich op de vlakte wat betreft de vraag of hun onderzoek aanleiding is om maatregelen te nemen. Fransien van Dijk (Rijksuniversiteit Groningen) adviseert burgers om hun tegenwoordig goed geïsoleerde huizen vaak te ventileren en ook vaker te stofzuigen, zodat we in huis minder plasticvezels inademen. Heather Leslie (Vrije Universiteit) karakteriseerde de onderzoeksuitkomsten als early warnings, alarmbellen, die in het licht van toenemende plasticproductie maatschappelijk ingrijpen nu rechtvaardigt. We kunnen immers op onze vingers natellen dat de concentratie aan microplastics in het milieu en dus in ons lichaam exponentieel toeneemt. Hoe langer we wachten, des te moeilijker het wordt om het tij te keren.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Dat het potentiële gevaar van microplastics voor onze gezondheid door niemand meer ontkend kan worden, is misschien wel het belangrijkste resultaat van de Plastic Health Summit’.

 

Lees ook – ‘De onbekende gevaren van microplastics’, artikel in NRC

Lees ook – ‘Microplastics harm human health, warn experts’, artikel in Food Manufacture

Zie hier de uitzending van Radar van 7 oktober met Maria Westerbos.

,

WHO wil meer onderzoek naar gezondheidseffecten microplastics

Amsterdam, 22 augustus 2019 – De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft voor het eerst een rapport uitgebracht over het potentiële gevaar van microplastics in leidingwater en flessenwater. De VN-organisatie oordeelt dat plasticdeeltjes in drinkwater op dit moment geen probleem lijken te zijn, maar omdat er nog nauwelijks onderzoek is gedaan naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam, bepleit ze meer onderzoek. De WHO wordt op haar wenken bediend: op 3 oktober van dit jaar organiseren Plastic Soup Foundation en ZonMw, in samenwerking met de Plastic Health Coalition, de eerste resultaten naar gezondheidseffecten van microplastics op het menselijk lichaam.

Beperkt risico voor drinkwater

Het WHO-rapport Microplastics in drinking-water kijkt naar één manier waarop microplastics in het menselijk lichaam kunnen komen, namelijk via het drinken van leidingwater of gebotteld water. Tijdens het proces om drinkwater te maken worden, in landen als het onze, de meeste microplastics verwijderd. De mogelijke risico’s van de resterende deeltjes betreffen het effect van fysieke schade in het lichaam, chemische stoffen en ziekteverwekkende micro-organismen die zich aan plastic hechten. Gezien de lage concentraties in behandeld drinkwater is het gezondheidsrisico volgens het rapport laag in relatie tot andere oorzaken van ziektes.

Mitsen en maren

Het rapport wijst erop dat meer dan twee miljard mensen geen toegang hebben tot veilig drinkwater. Die mensen worden mogelijk blootgesteld aan veel hogere concentraties. Een ander probleem is wat er gebeurt met de microplastics die tijdens het maken van drinkwater worden verwijderd. De WHO stelt in het rapport dat informatie over toxiciteit van nanodeeltjes ontbreekt. Juist die ultrakleine deeltjes vormen een potentieel gevaar omdat ze overal in het lichaam kunnen komen. Het rapport stelt dat er nog nauwelijks onderzoek naar de effecten van microplastics op het menselijk lichaam is uitgevoerd. Dit soort onderzoek heeft daarom hoge prioriteit.

Onderzoeken ZonMw

Op 3 oktober, tijdens de Plastic Health Summit, worden de eerste tussenresultaten gepresenteerd van vijftien Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken naar de gevolgen van het eten, drinken en inademen van microplastics op het menselijk lichaam. De WHO wordt op haar wenken bediend. Wat vandaag nog een kennislacune is, is morgen wetenschap.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het WHO-rapport is samengesteld op basis van literatuur, maar niet op basis van echt onderzoek naar effecten van microplastics op ons lichaam. We laten op 3 oktober voor het eerst aan de wereld zien wat die mogelijke effecten zijn. Pas als we meer weten, kunnen we de conclusie trekken of onze gezondheid in gevaar is, of niet.’

Foto: Omslag WHO-rapport.


Lees ook: WHO roept op tot meer onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics 

, ,

Betere recycling synthetische matrassen is halfbakken oplossing

Amsterdam, 21 augustus 2019 – In Nederland worden jaarlijks 1,2 miljoen matrassen als grof huishoudelijk vuil aan de kant van de weg gezet. Twee derde daarvan, een paar honderd miljoen kilo, wordt verbrand. Bijna al die matrassen bestaan uit synthetische materialen. Als er medio 2019 geen betekenisvolle stappen zijn gezet door de sector om deze afvalberg tegen te gaan, komt het kabinet met wettelijke maatregelen in de vorm van een verplichte producentenverantwoordelijkheid. De sector kiest massaal voor recycling. Dat is echter een halfbakken oplossing. De echte oplossing is de plasticvrije matras.  

Recycling-initiatieven

Zo’n 15% van de matrassen wordt nu uit elkaar gehaald en verwerkt, de rest wordt verbrand. De matrassenbranche heeft zich tot doel gesteld om het percentage verwerkte matrassen te verhogen. Er zijn al diverse recyclinginitiatieven van de grond gekomen. Auping en DSM-Niaga ontwikkelden een circulair matras. Onderdelen van die matras zijn eenvoudig te scheiden en kunnen vervolgens gebruikt worden in nieuwe matrassen. Ikea investeert met afvalverwerker Renewi in het recyclen van matrassen. RetourMatras recyclet matrassen en hergebruikt meer dan 90% van de materialen. Matras Recycling Europe haalt bij gemeenten afgedankte matrassen op. Deze worden eerst op verzamelkarren gelegd en vervolgens naar een verwerkingslijn worden gebracht.

Schadelijke stoffen

In synthetische matrassen zitten schadelijke stoffen die tijdens het recyclingproces niet verwijderd kunnen worden. Stoffen als vlamvertragers en weekmakers worden verantwoordelijk gehouden voor een reeks van ziektes. Om die reden wees de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 2018 op gezondheidsrisico’s van de circulaire economie. De Nederlandse stichting Wemos pleitte in het vorig jaar gepresenteerde Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie voor een schone circulaire economie. Het dringende advies is om schadelijke stoffen al in de ontwerpfase te vermijden. Bij synthetische matrassen is die oplossing echter een illusie. Zo worden brandvertragers met opzet toegevoegd, omdat kunststoffen van zichzelf bijzonder brandbaar zijn.

Uitvoeringsprogramma

Het kabinet wil dat in 2030 het gebruik van grondstoffen gehalveerd is om uiteindelijk een economie zonder afval te realiseren. Een van de ‘icoonprojecten’ in het kader van het Uitvoeringsprogramma circulaire economie is beter hergebruik en ontwerp van matrassen. Dit project zet in op recyclen van afgedankte matrassen (95% in 2025) en het duurzamer ontwerpen, opdat in 2025 75% van de nieuwe matrassen gemakkelijker uit elkaar te halen zijn om de materialen opnieuw te gebruiken. Maar wie een matras circulair ontwerpt moet rekening houden met de schadelijke stoffen. En juist daarover zwijgt het project.

De echte circulaire matras bestaat allang

Het kabinet streeft ernaar dat significant minder matrassen worden verbrand, dat een veel groter aandeel van de afgedankte matrassen wordt gerecycled, en dat er meer matrassen circulair ontworpen worden. Circulair ontwerpen wordt echter niet gedefinieerd. Er wordt vooral modulair ontwerpen mee bedoeld, zodat een afgedankte matras gemakkelijk uit elkaar kan worden gehaald voor bruikbare onderdelen. Over de echt circulaire matras rept het icoonproject met geen woord. Die matras bestaat gewoon, is plasticvrij en dus gevrijwaard van schadelijke stoffen. Deze circulaire matras bestaat uitsluitend uit prima te recyclen organische materialen.

Babymatrassen

Vooral de vraag naar organische babymatrassen is de laatste jaren toegenomen. Baby’s en kleine kinderen zijn extra kwetsbaar voor de schadelijke stoffen in synthetische matrassen. Zij slapen veel en liggen met hun gezichtje direct op de matras. Het ambachtelijke bedrijf Lavital produceert matrassen voor volwassenen die geheel uit natuurlijke grondstoffen bestaan, en nu ook  matrassen voor kinderbedjes.

Lavital is business angel van de Plastic Soup Foundation (PSF) geworden. Een deel van de opbrengst van verkochte kindermatrassen schenkt het bedrijf aan de PSF (vul bij de bestelling van het babymatrasje de code ‘PSF’ in).

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: ‘Het is van groot belang dat bedrijven als Lavital laten zien dat je niet op plastic met schadelijke toevoegingen hoeft te slapen. Vooral baby’s verdienen het een goede start te maken. We zijn supertrots dat Lavital business angel van ons geworden is.’


Lees ook – Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie.

Lees ook – Weekmakers in plastic vertragen taalontwikkeling baby’s.

 

,

Plastic in je lichaam: nadruk op grootte in plaats van gewicht

Amsterdam, 13 juni 2019 – Het is genoegzaam bekend dat we plastic deeltjes drinken, eten en ademen. Maar hoeveel zijn dat er en hoe schadelijk is het voor onze gezondheid? Het Wereldnatuurfonds (WWF) heeft deze week een onderzoek gepubliceerd en komt met een nieuw gegeven. In de uitgave No plastic in nature: assessing plastic ingestion from nature to people staat als hoofdconclusie dat we per week 5 gram plastic binnen kunnen krijgen, evenveel als het gewicht van een creditkaart. De onderzoekers baseren hun conclusies op bestaande studies en houden terecht veel slagen om de arm.

Nieuwe campagne van WWF

Het rapport, dat overheden oproept drastische maatregelen te nemen om de plasticsoep tegen te gaan en ook bepleit dat er veel meer onderzoek moet worden gedaan, gaat gepaard met een nieuwe campagne die het WWF lanceert. Het schokkende getal van 5 gram plastic dat een mens per week binnenkrijgt, staat daarin centraal. Dit wordt vergeleken met dagelijkse voorwerpen zoals een pen, een creditkaart of een dobbelsteen, om de boodschap over te brengen hoeveel plastic je binnenkrijgt. Met deze campagne zal veel publiek bereikt worden, toch is enige nuance op zijn plaats.

Nadruk op gewicht zegt weinig

Het onderzoek is uitgevoerd door de University of Newcastle in Australië. Voor hun berekening hebben de onderzoekers het gewicht van de plastic deeltjes geschat. Ze gaan uit van circa 2000 plasticdeeltjes per week die we consumeren en die bij elkaar 5 gram wegen. Zo’n negentig procent daarvan zouden we via het drinken van water binnenkrijgen, via leidingwater en met name via flessenwater. In een studie die vorig jaar verscheen (en waar de onderzoekers ook naar verwijzen), werd in 93% van de onderzochte 259 onderzochte flessen mineraalwater microplastics aangetroffen, gemiddeld 325 per liter. Het overgrote deel daarvan — 315 deeltjes — bestaat echter uit ultrakleine deeltjes. Zo klein dat je daarvan het gewicht niet kunt vaststellen.
Eerder deze week verscheen ook een Canadees onderzoek over Human Consumption of Microplastics. De jaarlijkse inname ligt volgens dit onderzoek op 50.000 deeltjes. Ook hier gaat het om ultrakleine deeltjes die vrijwel niets wegen.

Nadruk moet liggen op grootte

Voor de menselijke gezondheid zijn juist die ultrakleine deeltjes, genaamd nanoplastics, het meest relevant. Beter gezegd: de deeltjes die qua gewicht vrijwel niet meetellen, zijn waarschijnlijk het meest schadelijk. Deze kunnen namelijk celmembranen passeren en organen binnendringen. Grotere deeltjes, waarvan je het gewicht wel kunt vaststellen, poep je doorgaans weer uit. Overigens ontbreken nog altijd standaardmethoden om de risico’s van micro- en nanoplastics in het lichaam te kunnen beoordelen.

Plastic Health Coalition

Om uit te zoeken hoe gevaarlijk micro- en nanoplastics werkelijk zijn, heeft de Plastic Soup Foundation het initiatief genomen tot een samenwerkingsverband waarin wetenschappers en milieuorganisaties samenwerken: The Plastic Health Coaltion. In dit kader zijn eerder dit jaar vanuit ZonMw in Nederland vijftien onderzoeken gestart naar de effecten van micro- en nanoplastics. Op 3 oktober worden tijdens de Plastic Health Summit de eerste resultaten gepresenteerd.


Lees ook: ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic

,

Dweilen met de plastickraan open

Recyclen. Dat is nu echt een woord waar ik blij van word. Het klinkt als het vrolijke schjwiep-schjwiep-schjwiep van een springtouw met vederlichte meisjes in frisse zomerjurkjes die zingend op en neer veren. De moeiteloze beweging die eeuwig door kan gaan, het perpetuum mobile van Leonardo da Vinci. Recyclen klinkt naar gezond, zuinig en verstandig. Iets waar iedereen voor is en niemand tegen.

Bij recyclen denk ik aan de pompoenschillen, broccolistronkjes en al het andere groen dat overblijft in mijn keuken: ik stop het in de groene bak en koop het even later als compost terug om er mijn tuin mee te vertroetelen. Ik denk aan het kastje dat te klein werd voor alles wat ik wil bewaren. Het staat nu in de kringloopwinkel en begint morgen aan een nieuwe verzameling in een ander huis. Niets dan goeds, recyclen.

Ook plastic recyclen klonk me in eerste instantie als muziek in de oren. Het leek me een zonnige oplossing voor het duistere probleem van het plastic dat de wereld steeds meer in zijn greep krijgt: de plastic flessen, zakjes, stoelen – wat is eigenlijk niet van plastic – die als zwerfafval op straat en in de rivieren belanden, naar zee stromen en daar – uiteengevallen in kleine stukjes – de magen van onfortuinlijke vogels en vissen verpesten. Of de plastic microvezels die in de lucht zweven en onze gezondheid bedreigen. Recyclen klonk als een daadkrachtige stap tegen dat soort narigheid.

Tot ik me ging verdiepen in de getallen. De hoeveelheid nieuw on-gerecycled plastic op de wereld neemt in schrikbarend tempo toe. In 2018 kwam er 380 miljard kilo bij, binnen een jaar of tien is dat 530 miljard kilo plastic per jaar. Hoeveel er dan als zwerfafval eindigt – op het land, in het water of in de lucht – is niet precies bekend. Minstens 16 miljard kilo per jaar, misschien veel meer. Grote multinationals beweren dat al hun verpakkingen in 2025 van gerecycled plastic zijn. Dat lijkt een volstrekt onhaalbare kaart, maar los daarvan: het blijven plastic verpakkingen. En die eindigen toch weer deels in de oceaan, de ‘longen’ van de wereld. Of in onze eigen longen.

Bij plastic recyclen denk ik nu niet meer aan een vrolijk schjwiepend springtouw, maar aan verwoed dweilen met de kraan open. Een PET-fles van gerecycled plastic kost minder aardolie dan een fles van nieuw plastic. Dat is goed, maar het Grote Plastic-probleem lossen we er niet mee op.

De enige echte oplossing heeft de eenvoud van een fris zomerjurkje: veel minder plastic spullen op de markt brengen. Om te beginnen: géén spullen die we maar één keer gebruiken, zoals PET-flessen en plastic zakjes. En het plastic dat er dan toch komt: heel efficiënt inzamelen, bijvoorbeeld met een statiegeldregeling.

Met al die slimme mensen op de wereld kunnen we die beweging toch moeiteloos in gang zetten. Vederlicht en vrolijk. Schwjiep-schwjiep-schwjiep.

 

Renske Postma

(foto: Jeroen Gosse)

,

Mijn plasticdagboek

Zeven uur, buiten loeit een ijzige storm. Mijn warme fleecetrui zit onder de poezenharen, dus ik klop hem stevig uit. Plastic microvezels stuiven in het rond. Ze komen in mijn longen en nestelen zich misschien wel in het longweefsel. Met viezigheid en al, want die trui is niet brandschoon. Blij dat ik geen astma heb.

Tijd voor een stormachtige ochtendwandeling door het park. In de vijver dobbert een leeg frietbakje. Ik vis het eruit en gooi het in de prullenpak. Sommige virussen en bacteriën voelen zich op plastic helemaal thuis, nog meer dan in de natuur. Ze zitten vast ook op de piepkleine plasticrestjes die op mijn vingertoppen zijn achtergebleven.

Even later worstel ik me door een ingewikkeld rapport. Ik kan me moeilijk concentreren. Is dat cafeïnegebrek of zit er inmiddels ook plastic in mijn brein? Ik spoel die laatste gedachte met een flinke slok cappuccino weg.

Mijn maag begint te rommelen. De biologische meergranencrackers, kaas en humus zijn hygiënisch in plastic verpakt. Mijn lunch is ongemerkt gekruid met piepkleine stukjes nanoplastic. Ze belanden in mijn darmen en wie weet wandelen ze via de darmwand verder naar mijn bloed en lymfestelsel. Dat lijkt me ongezond, maar misschien ben ik wel goed geconserveerd.

De middag is productief, ik typ op plastic toetsen, bel met mijn telefoon in plastic beschermhoesje, maak aantekeningen met een plastic pen. Dan is het tijd om mijn hoofd leeg te rennen. De soepele synthetische sportkleren laten minieme plasticdeeltjes achter op mijn huid, zo klein dat ze zich misschien wel in mijn cellen kunnen wurmen. Ik wijk uit voor een kersverse moeder met kinderwagen. Kreeg haar baby in de baarmoeder al plastic binnen, via de placenta en de navelstreng? Hij ziet er heel natuurlijk uit.

De hardloopkleren gaan meteen in de wasmachine en de droger, zodat er morgen een fris setje ligt. Zodra ik de deur van de droger opendoe, stoomt er weer een wolk microvezels in mijn longen.

Manlief roert ondertussen mosselen en vis door de paella. Die hebben van de plasticsoep in de oceaan gegeten. Het plastic heeft zich opgehoopt in hun vissenlijf en belandt nu ook in mij. Terwijl ik even later heerlijk lig te slapen, banen illegale micro- en nanoplastics zich mogelijk een weg door mijn lichaam. Als dat zo is, hoop ik maar dat het immuunsysteem ze oppakt en uitzet, net als andere ongewenste stoffen, maar het is niet zeker of dat met plastic goed werkt.

De volgende ochtend, zeven uur, begint een nieuwe plasticdag. Ik zal weer plastic inademen, eten en drinken. Vijftien onderzoekers gaan uitpluizen wat dat met mijn gezondheid doet. Dat is tegelijkertijd slecht en goed nieuws. Ik voel me kiplekker, maar voor de zekerheid ga ik vandaag nog op plasticdieet.

Renske Postma

Foto door Jeroen Gosse

 

, , ,

ZonMw start baanbrekend onderzoek naar gezondheidsrisico’s van plastic

Amsterdam, 7 maart 2019– We krijgen dagelijks microplastics binnen via de lucht die we inademen en het voedsel dat we eten. Dringen deze microplastics vervolgens door in onze hersenen of het vruchtwater van ongeboren kinderen? Hebben de deeltjes invloed op onze darmbacteriën en longcellen? Beïnvloeden ze ons immuunsysteem?
Talloze vragen naar de mogelijke gezondheidsrisico’s van plastic zijn nu nog onbeantwoord, maar daar komt het komende jaar misschien verandering in.

ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek, heeft vandaag bekend gemaakt dat het vijftien kortlopende onderzoeken subsidieert naar de meest prangende vragen. In totaal gaat het om een bedrag van 1,6 miljoen euro waaraan ook NWO, het Gieskes-Strijbis Fonds en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat hebben bijgedragen.  Lees hier het persbericht van ZonMW.

De Plastic Soup Foundation zal daarbij als communicatiepartner over de resultaten publiceren op haar nieuwe Plastic Health Platform.

 

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation, tekent de samenwerkingsovereenkomst met ZonMw

Wetenschappelijk onderzoek naar mogelijke schadelijke gevolgen van micro- en nanoplastics op cel- en orgaanniveau staat nu nog wereldwijd in de kinderschoenen. Doordat er steeds meer alarmbellen afgaan over gezondheidsrisico’s door plastic, is dit nieuwe wetenschappelijke onderzoek urgenter dan ooit. Nederland positioneert zich met de ZonMw-onderzoeken dan ook als één van de wereldwijde koplopers.

Frank Pierik, programmamanager ZonMw: “We zijn blij dat de eerste projecten in het programma Microplastics & Health van start kunnen gaan. Er is nog veel onbekend. Met deze reeks kortlopende projecten hopen we een eerste tipje van deze sluiter te kunnen oplichten en dat dit aanleiding is tot meer structureel onderzoek naar de gezondheidseffecten van microplastics.”

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation, licht toe “We zijn trots dat het zover is. Plastic en in het bijzonder micro- en nanoplastics vormen waarschijnlijk een gezondheidsrisico, maar helemaal zeker weten doen we het nog niet. De afgelopen jaren hebben we achter de schermen The Plastic Health Coalition gevormd om doorlopend over nieuwe research te communiceren en resultaten uit te wisselen. Wij mogen ook deze ZonMw onderzoeksresultaten wereldkundig maken en er onder andere mini docs over produceren. Deze video’s zullen op onze website en die van ZonMw te zien zijn. Een ander onderdeel van The Plastic Health Coalition is het Plastic Test Lab. Aanvullend op de ZonMw-onderzoeken testen we in samenwerking met de Vrije Universiteit van Amsterdam verschillende producten op de afgifte van microplastics en nanoplastics (denk aan plastic theezakjes in heet water) en hormoon verstorende additieven zoals weekmakers en brandvertragers.”

Foto door Karl Taylor Photography


Lees ook: Belangrijk nieuw rapport plastic health 

Lees ook: Mariene Microplastics mogelijke bedreiging voor de volksgezondheid

, ,

Wetenschappelijk onderzoek naar gezondheidsrisico’s van microplastics: Maakt plastic ons ziek?

        


PERSBERICHT

Start wetenschappelijk onderzoek naar gezondheidsrisico’s van microplastics: Maakt plastic ons ziek?

Nieuwspoort, 22 maart 2019 – Vandaag geeft ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie, het startschot voor vijftien unieke onderzoeksprojecten naar de effecten van micro- en nanoplastics op onze gezondheid. Dit is het eerste wetenschappelijke programma ter wereld over dit onderwerp. In totaal wordt er 1,6 miljoen euro in de onderzoeken geïnvesteerd.

Professor Dick Vethaak van Deltares, betrokken bij vier van de vijftien researchprojecten, licht toe: “Microplastics verspreiden zich gemakkelijk via water en wind wat resulteert in een wereldwijd probleem; ze zijn overal als een soort grauwsluier in ons milieu aanwezig.

We worden voortdurend via ons voedsel, drinken of door inademing blootgesteld aan kleine plastic deeltjes. Wat dit voor onze gezondheid betekent is echter nog niet goed in te schatten. Er zijn wel sterke aanwijzingen voor mogelijke gezondheidsrisico’s maar er zijn ook veel onzekerheden en kennishiaten.”

Vethaak vervolgt: “Ik ben daarom zeer verheugd met dit initiatief van ZonMw en de betrokkenheid van de Plastic Soup Foundation. Het betreft een eerste verkennend onderzoek waarbij experts uit verschillende disciplines en sectoren gaan samenwerken. Met name de samenwerking tussen milieuwetenschappers en medisch specialisten is uniek en krachtig. Nederland loopt hiermee wereldwijd voorop. Ik verwacht er dan ook veel van!”

De projecten, met een looptijd van een jaar, gaan in op belangrijke vragen als:

  • Hoe kunnen microplastics ons lichaam binnendringen?
  • Welke rol spelen grootte, vorm en samenstelling daarbij?
  • Kan plastic zwerfafval een bron van ziektes en infecties vormen aangezien bepaalde bacteriën goed lijken te gedijen op plastic?
  • Kan ons afweersysteem plastic aan of lopen we hierdoor meer kans op ontstekingen en infecties?
  • Hoe diep dringt microplastic in ons lichaam door? Tast het onze hersenen aan? Is het schadelijk voor het ongeboren kind?

Dr. Heather Leslie van de Vrije Universiteit van Amsterdam en betrokken bij drie projecten, zegt: “Als plastic deeltjes tot chronische ontstekingen kunnen leiden, kan dat de opmaat naar een hele reeks chronische ziektes betekenen. Daarom moeten we hoognodig onderzoeken hoeveel plastic deeltjes uit onze consumentenmaatschappij het menselijke lichaam binnendringen.”

De eerste tussenresultaten zullen op 3 oktober tijdens een Plastic & Health congres in Amsterdam worden gepresenteerd.

Pas het begin

ZonMw benadrukt dat de honorering van deze vijftien projecten pas het begin is. Een jaar is niet lang genoeg om alle antwoorden te verkrijgen. Henk Smid, directeur van ZonMw, ziet grote potentie in de onderzoeken en hoopt daarom ook dat langdurig vervolgonderzoek mogelijk zal zijn. “Nederland heeft wereldwijd een toonaangevende positie in het wetenschappelijk onderzoek naar microplastics en dit moet zo snel mogelijk verder uitgebouwd worden.”

Plastic Health Coalition

Communicatie over de verschillende pilotprojecten en de mogelijke (tussen)resultaten worden verzorgd door de Plastic Health Coalition, een initiatief van de Plastic Soup Foundation. In deze coalitie werken verschillende nationale en internationale milieu- en onderzoekorganisaties samen die zich zorgen maken over of zich bezighouden met de effecten van (micro)plastic op onze gezondheid.

Plastic Test lab

Naast de vijftien researchpilots worden vandaag ook de eerste resultaten van het ‘Plastic Testlab’ gepresenteerd, een samenwerking tussen de Plastic Soup Foundation en de Vrije Universiteit van Amsterdam.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “We hebben drie producten laten testen op de aanwezigheid van plastic deeltjes en de resultaten zijn alarmerend. De absolute desillusie is de anti-rimpeldagcrème van Olaz. In één potje van vijftig milliliter vond de VU maar liefst 1,5 miljoen plastic deeltjes. Elke keer als ik dit product gebruik, smeer ik dus 90.000 plastic deeltjes op mijn gezicht. Daarnaast is lipstick nr.06 van de HEMA gemaakt van plastic, net zoals de glitternagellak van Essie van L’Oréal.

Westerbos vervolgt: “Testen als deze sluiten naadloos aan op de vijftien onderzoeken van ZonMw. Zo krijgen we meer inzicht in hoe microplastics ons lichaam ongehinderd en ongewild binnen kunnen dringen.”


Meer informatie

, ,

De plasticbouillon in mijn lijf

Dankzij onze nationale held Boyan weten we het tegenwoordig allemaal: de oceanen zitten vol plastic. Zelfs in de Marianentrog, een afgrond in de Stille Oceaan, dwarrelen tot op elf kilometer diepte minuscule stukjes plastic. Ver weg, dacht ik eerst nog, maar onze eigen Noordzee blijkt ook een goed gevulde plasticsoep en zelfs die lieflijke Maas voert onafgebroken plastic rommel met zich mee. Ik wacht op het bericht dat er plastic in het grondwater onder mijn voeten zit. Maar daar houdt het dan ook op, dichterbij komt het niet. Dacht ik. Hoopte ik.

Tot ik een lijstje onder ogen kreeg. Een lijstje vol spullen die ik dagelijks gebruik. Spullen van plastic en spullen waarvan ik nooit vermoed heb dat er plastic in zou kúnnen zitten (theezakjes, tafelzout, honing, bier …). De Plastic Soup Foundation en de Vrije Universiteit Amsterdam testen dit jaar wat die spullen achterlaten in ons lijf. Die vraag is nooit bij me opgekomen.

Op de testlijst tref ik ‘plastic waterkoker’ aan. Onmiddellijk plopt een haarscherpe herinnering op: het lief pruttelende kokertje dat jarenlang mijn keuken opfleurde. Honderden liters thee heb ik ermee gezet. Ik voel een stoomwolk van gezelligheid. De test gaat uitwijzen of ik al theedrinkend piepkleine stukjes microplastic, hardmakers en vlamvertragers heb ingeslikt. Oeps.

De testlijst brengt meer verrassingen. Vermoedelijk masseer ik met mijn superzachte dagcrème dagelijks giftige weekmakers en bolletjes nano-plastic in mijn huid. Zonnebrand, douchecrème, shampoo, make-up: hetzelfde verhaal. Ik krijg een ongemakkelijk gevoel. Snel huppel ik voorbij de vraag wat weekmakers doen die blijkbaar in tampons worden gestopt.

Mijn huis blijkt propvol plastic te zitten dat de onderzoekers op gezondheidseffecten willen testen. Handige flesjes en bakjes in de keuken. De sportkleren waar ik me zo fit in voel. Het warme fleecedekentje op de bank. Mijn yogamatje voor een ontspannen moment. Het kleed voor de kachel, de gordijnen en zelfs de verf op de muren. Zitten al die spullen nu ook een beetje in mij?

Appelverkopers smeren op mijn favoriete fruit een glanzend kunststoflaagje. Voor de zekerheid wordt dat op alle foute stoffen getest: week- én hardmakers, vlamvertragers en fluoriden, micro- en nano-plastics. Het is bekend dat deze stoffen iets te maken hebben met typische aandoeningen van deze tijd, zoals ADHD, dementie en Parkinson. Ik twijfel even: wil ik dit echt wel weten?

Mijn oog blijft uiteindelijk lang hangen op ‘babymelkpoeder’. Zelfs daar zitten piepkleine plasticdeeltjes in. We krijgen dus van jongs af aan dagelijks plastic binnen. Zo komt die soep toch nog dichterbij, er zit waarschijnlijk een plasticbouillonnetje in mijn eigen lijf. Daar móet ik meer van weten.

Door Renske Postma

 

Toxic Soup: dioxins in plastic toys
,

‘Toxic Soup’ dioxines in plastic speelgoed

Amsterdam, 10 december 2018 – Er wordt al jaren gewaarschuwd dat er persistente organische gifstoffen (POPs) zitten in speelgoed gemaakt van gerecycled plastic. Het International POPs Elimination Network(IPEN) onderzocht vorig jaar 95 rubiks kubussen en nog 16 items, zoals kammen en speelgoed, uit 26 landen. Van de onderzochte kubussen bevatte 90% giftige vlamvertragers, afkomstig van omhulsels van afgedankte elektronische apparaten.

Onder de titel Toxic Soup, Dioxins in Plastic Toys verscheen vorige maand een nieuw onderzoek, ditmaal naar negen items. In de acht stukken speelgoed en één haarklem werden voor het eerst gebromeerde dioxines aangetroffen. Alle producten waren waarschijnlijk gemaakt van plastic afkomstig van elektronisch afval dat broomhoudende brandvertragers bevatte. Gebromeerde dioxines zijn hormoonverstorende stoffen die onder andere het zenuwstelsel en de hormoonhuishouding aantasten, plus kankerverwekkend zijn. Vooral kinderen zijn kwetsbaar.

Peter Behnisch, medeauteur en verbonden aan BioDetection Systems (BSD) te Amsterdam: “We pasten een biotechnologische meetmethode toe met speciaal gekweekte cellen die op dioxines reageren. We vonden een verrassend hoog toxisch gehalte in producten van gerecycled plastic. Voor zover wij weten is dit de eerste openbare studie dat de aanwezigheid van gebromeerde dioxines in speelgoed voor kinderen aantoont.”

Overheden streven ernaar de kunststofketen te sluiten, dat wil zeggen dat plastic afval niet verbrand wordt, maar opnieuw gebruikt om er weer producten van te maken. Naarmate die keten meer gesloten wordt, neemt de kans op hogere concentraties van ongewenste schadelijke stoffen in nieuwe producten echter toe. Het gebruik van schadelijke vlamvertragers is in de Europese Unie weliswaar verboden, maar er is geen controle op van buiten de Europese Unie geïmporteerde producten die gemaakt zijn van gerecycled plastic. In andere landen zijn de regels minder streng.

De kernboodschap van de onderzoekers: er zijn veel strengere maatregelen nodig om te voorkomen dat giftige stoffen via recycling terugkeren in consumentengoederen zoals speelgoed. Vooral bepalingen van de Stockholm Conventie en van de Bazel Conventie moeten daarom worden aangescherpt.

Lees hier de samenvatting van de studie en welke maatregelen voorgesteld worden.


Lees ook – Nationaal plan hormoonverstorende stoffen in een circulaire economie

Lees ook – Veel giftige stoffen in speelgoed

Pagina's