,

Flesjes in de bak (om maar geen statiegeld te hoeven invoeren)

Amsterdam, 3 november 2018 –Nederland Schoon startte begin oktober de proef ‘Flesjes in de bak’ in vier gemeenten: Zaanstad, Rotterdam-Noord, Meierijstad en Heerenveen. In die plaatsen gaan supermarkten, winkels en snackbars de flesjes en blikjes die ze verkopen en vervolgens in de buurt op straat belanden zelf opruimen. Het is een van de initiatieven van het Afvalfonds om te komen tot een reductie van 70-90% van plastic flesjes in het zwerfafval. Wordt die doelstelling eind 2020 niet gehaald, dan zal statiegeld op de flesjes worden ingevoerd, zo heeft staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66) eerder dit jaar laten weten. Nederland Schoon wordt gefinancierd uit het Afvalfonds.

De proef houdt in dat winkeliers in een straal van honderd meter rond hun bedrijf elke dag achtergelaten zwerfdrankverpakkingen opruimen. De winkelier die het beste presteert, krijgt een prijs. Er zijn in de buurt van de winkels ook extra bakken geplaatst. Mocht blijken dat de proef succesvol is, dan wordt het initiatief landelijk uitgerold, aldus een bericht van Nederland Schoon.

Wie draait op voor de opruimkosten en werkt het?

Directeur Cees de Mol van Otterloo van het Afvalfonds werd geïnterviewd in het oktobernummer van het Vakblad Afval. Hij stelt dat de gemeenten zich actiever moeten inspannen om de gestelde reductiedoelen te halen: “Er moeten meer afvalbakken komen, er moet beter worden gehandhaafd en ingezameld.” Terwijl gemeenten vanwege het ontbreken van statiegeld op plastic flesjes en blikjes nu al te maken hebben met hoge opruimkosten, die voor een belangrijk deel uit publieke middelen worden betaald, betoogt hij dat zij zich nóg meer moeten inspannen om nota bene invoering van statiegeld te voorkomen.

Nu wil het geval, dat bijna alle Nederlandse gemeenten zich het afgelopen jaar hebben aangesloten bij de Statiegeldalliantie, juist omdat ze ervan overtuigd zijn dat invoering van statiegeld op flesjes en blikjes zal leiden tot een schonere omgeving én lagere opruimkosten. Gemeente Zaanstad verklaart bijvoorbeeld: “Het aansluiten bij de Statiegeldalliantie past in het gemeentelijk beleid op gebied van het schoonhouden van de openbare ruimte en het bevorderen van de circulaire economie”. Overigens hebben ook Heerenveen, Meierijstad en Rotterdam zich bij de Statiegeldalliantie aangesloten. Deelname aan een proef die erop gericht is om statiegeld niet in te voeren, zal in die gemeenten ongetwijfeld gemengde gevoelens opleveren.

Ook ondernemers worden door het Afvalfonds ingezet om onbetaald de reductiedoelstellingen te helpen halen. Ondernemers zijn op dit moment verantwoordelijk om de publieke ruimte in een straal van 25 meter rond hun bedrijf schoon te houden. De proef gaat uit van 100 meter. Zullen zij, om statiegeld te voorkomen, bereid zijn om dag in dag uit te gaan opruimen? En als dat zo is, krijg je dan niet het averechtse effect dat mensen flesjes en blikjes op straat gooien omdat die toch elke dag worden opgeruimd?

De Zaanse proef met zwerfvuil rapende winkeliers is nu vier weken gaande. Dirk Groot uit Purmerend, die zich Zwerfinator noemt en zeer actief is op sociale media, heeft een maand geleden zwerfafval vastgelegd in Zaanstad met behulp van de Litterati-app. Hij trof toen per gewandelde kilometer 55 blikjes en flesjes aan. Een journalist van Het Parool wilde met hem mee om na te gaan of de proef werkt. Ditmaal trof Dirk Groot op exact dezelfde route per kilometer 47 drankverpakkingen aan waaronder 9 flesjes. Deze hoeveelheid – allemaal nieuw zwerfafval sinds zijn vorige opruimrondje – blijkt méér te zijn dan hij gemiddeld in gemeenten op straat vindt, dat wil zeggen in plaatsen die niet aan de proef meedoen. Ook opmerkelijk: de blikjes zijn geen onderdeel van de reductiedoelstellingen van het kabinet, terwijl die (121 in totaal en 33 per kilometer) een veelvoud blijken te zijn van de zwerfflesjes. Van alle drankverpakkingen op straat was 19 procent plastic flesjes en 70% blikjes.

De Zaanse winkelstraten zijn redelijk schoon, (en waren dat al), maar dat geldt niet voor de rest van de stad waar geen winkels zijn. Het enthousiasme van de Zaanse ondernemers om hun straatje schoon te vegen, is niet overal even groot blijkt uit Het Parool-artikel. “Ik vind het helemaal niet erg om de samenleving te helpen, maar ik ga niet andermans troep opruimen”. En een andere ondernemer: “We gaan natuurlijk niet het werk van de gemeente doen”.

Maria Westerbos, directeur van de Plastic Soup Foundation: “Nu de overheid het Afvalfonds onder druk heeft gezet om reductiedoelen te realiseren, is het zwarte pieten begonnen. Het is gênant om te zien hoe via de proef ‘Flesjes in de bak’ geprobeerd wordt enerzijds de suggestie te wekken dat Nederland wordt verlost van de zwerfflesjes en anderzijds de opruimkosten op gemeenten en lokale ondernemers worden afgewenteld.”


Lees ook: Plan Afvalfonds mikt op meerdere strategieën om statiegeld te omzeilen